Vrijheid vraagt om bier en wiet

Toen in 2010 van de Canadese schrijfster Lisa Moore de roman February verscheen, scheurde een recensent van de National Post het boek doormidden om het vervolgens weg te gooien. Het boek toonde ‘de eigendunk van de Canadese literatuur, waar het allemaal gaat om eerbaar lijdende vrouwen of gefeminiseerde mannen: mannen die vastzitten in fysieke, psychologische of economische impotentie (als ze niet bezig zijn met door het ijs te zakken en bijna te verdrinken)’. Moedige mannen, wilde deze recensent.

Wellicht heeft Moore geluisterd naar deze kritiek. Haar nieuwe roman De ontsnappingen van David Slaney gaat namelijk over een ontsnapte marihuanasmokkelaar. Na vier jaar zitten, besluit de jongen, Slaney, de indertijd fatale route weer te volgen om dan alsnog rijk te worden. Wat volgt is een achtervolgingsverhaal in een tijd, eind jaren zeventig, dat je nog niet getraceerd werd via je telefoon, maar door een politieman die hogerop wil, terwijl het korps hem ziet als een sukkel.

David Slaney is in de eerste plaats spannend, maar ook geestig. Een hoofdpersoon op de vlucht leent zich immers voor benauwde, maar ook absurde situaties. Zo krijgt hij van verschillende vrachtwagenchauffeurs een lift en worden er tot diep in de nacht gesprekken over de eenzaamheid van het truckersbestaan gevoerd. Slaney vindt een verstopplek in de badkamer van een bruid, die slinks de bruidegom heeft weten te strikken voor een huwelijk, terwijl ze weet dat hij liever een mooiere vrouw zou hebben. Rechttoe rechtaan vermaak dus.

Maar ook al is het verhaal vrij plat, Moore weet de tijdgeest van de jaren zeventig goed te typeren. Ook ridiculiseert ze het genre van de thriller op een aangename manier en schetst ze de overgang van een generatie waarin ‘zweet’ niet meer iets is om trots op te zijn, maar een ‘smet is geworden’. De drang naar vrijheid vraagt om bier en wiet, niet om natte oksels van het harde werken. Over een jongen op zoek naar vrijheid zijn weliswaar ingewikkelder en beklijvender romans geschreven, maar Moore is een kei in het typeren van personages. Zo wordt een hoteleigenaar omschreven als iemand die ‘met zijn voorhoofd vooruit loopt’. Alleen al zulke typeringen zorgen ervoor dat je nooit op het idee komt om dit boek doormidden te scheuren.