Sancties en dalende olieprijs treffen Ruslands economie

2015 was een beroerd jaar voor de Russische economie. De gevolgen van de westerse sancties en de dalende olieprijs doen zich steeds meer gevoelen, voor de staat en de burgers.

Winkelend publiek in Moskou. Gemiddeld gingen Russen er het afgelopen jaar qua koopkracht 10 procent op achteruit. Foto Andrey Rudakov / Bloomberg

Vladimir Poetin heeft een dikke onvoldoende gekregen. Eind vorige maand vroeg financieel persbureau Bloomberg dertig analisten de Russische president een rapportcijfer te geven voor het bestrijden van de economische crisis in zijn land. Bijna eenderde gaf hem een ‘F’ – het laagst mogelijke cijfer. Ongeveer de helft van de economen gaf Poetin een ‘D’ of een ‘C’ – onvoldoende tot zeer matig.

2015 was een uitermate beroerd jaar voor de Russische economie. Volgens recente cijfers van de Wereldbank was er in het afgelopen jaar sprake van 3,8 procent krimp.

Grootste boosdoener is de gekelderde olieprijs, waar de Russische economie zo sterk van afhankelijk is. Maar Poetin heeft de zaken beslist erger gemaakt, zo vinden de economen. „De economische problemen zijn versterkt door de internationale sancties die Rusland over zich heen kreeg als gevolg van zijn Oekraïnebeleid”, zegt Nerijus Maciulis, hoofdeconoom bij Swedbank AB in Litouwen.

Zelf ziet de Russische president licht aan het einde van de tunnel. Tijdens zijn jaarlijkse grote persconferentie, op 17 december, zei Poetin nog dat de piek van de crisis achter de rug is. Volgens de laatste raming van de Wereldbank krimpt de Russische economie dit jaar nog slechts licht, met 0,7 procent. Dezelfde conclusie trekken 32 Russische analisten, die werden ondervraagd door de financiële website RBK. Het gemiddelde van de voorspellingen komt uit op min 0,2.

Achterhaald

Maar dan moeten er geen grote ongelukken gebeuren met de olieprijs. De door RBK ondervraagde economen gingen uit van een gemiddelde olieprijs per vat dit jaar van rond de 50 dollar per vat. Maar dat prijsniveau tekent zich vooralsnog niet af.

Na de ineenstorting van de Chinese beurs vorige week zakte de olieprijs naar niveaus die de wereld al ruim tien jaar niet heeft gezien. Een vat Brent Noordzeeolie kostte maandagochtend nog geen 33 dollar. Dat is ruim onder het ‘risicoscenario’ van de Russische Centrale Bank, dat uitgaat van 35 dollar per vat.

De afgelopen jaren heeft Rusland kunnen meeliften met de ongebreidelde groei in China. Maar hoelang nog? „In het geval van een ernstige afkoeling van de Chinese economie en een vermindering van de vraag naar grondstoffen”, zo zei president Elvira Nabioellina van de Russische Centrale Bank, duikt de olieprijs onder de 40 dollar en komt de economie volgend jaar in een ‘stress-scenario’ terecht.

In zo’n scenario krimpt de economie met 2 à 3 procent, blijft de inflatie hoog en lopen de inkomens van de Russische bevolking verder terug.

Met de olieprijs kelderde ook de Russische nationale munt. Vanmorgen was een euro meer dan 83 roebel waard. Dat was voor het eerst sinds december 2014, toen een totale ineenstorting van de Russische munt aanstaande leek. Alleen dankzij massieve steunoperaties en een draconische renteverhoging tot 17 procent wist de Russische centrale bank de roebel toen overeind te houden.

Daar waar de Russische centrale bank een krachtdadige indruk maakt – de meesten van Bloombergs analisten gaven Nabioellina wél een hoog cijfer – lijkt de de Russische regering traag te reageren op de economische rampspoed.

Sancties

Afgelopen voorjaar paste het Kremlin de begroting 2015 aan. Niet langer werd gewerkt met een gemiddelde olieprijs van 100 dollar, maar van 50 dollar. Echter, ook die prijs is waarschijnlijk te optimistisch, zo liet minister van Economische Zaken Oeljoekajev doorschemeren. Dat noopt wellicht tot een nieuwe bijstelling.

De zorgen worden gedeeld door minister van Financiën Siloeanov, die volgens de Russische krant Kommersant achter de schermen tevergeefs aandrong op het uitwerken van scenario’s van 30 en zelfs 20 dollar per vat. Maar dat gebeurde niet. In de afgelopen weken leek de Russische regering vooral druk met het uitwerken van economische sancties tegen Turkije, wegens het neerhalen van een Russische jachtbommenwerper door Turkse F-16’s.

Op 1 januari maakte premier Medvedev een lijst met sectoren bekend waarin het de Turken wordt verboden nog langer zaken te doen in Rusland. De bouw bijvoorbeeld, en de toeristenindustrie. Al eerder werd er een embargo afgekondigd tegen bepaalde Turkse levensmiddelen. Op diezelfde dag zijn de sancties tegen de EU uitgebreid met Oekraïne, nadat de vrijhandelszone met dat land al in december was opgezegd.

De maatregelen van het Kremlin treffen niet alleen de boze buitenwereld, maar vooral ook de eigen economie. Russische bedrijven (vooral in de energiesector) hebben het toch al zwaar als gevolg van de westerse sancties, en de Russische embargo’s drijven de prijzen van producten in de winkels op.

Afgelopen jaar bedroeg de inflatie in Rusland bijna 13 procent. De daling van het reële inkomen van Russen lag gemiddeld rond de 10 procent. Voor 2016 ligt een verdere koopkrachtdaling voor de Russen in het verschiet – ook voor degenen die hun baan dit jaar weten te behouden.

In een interview met de Duitse krant Bild erkent Poetin vandaag de slechte cijfers, maar houdt hij de moed er in. „We zijn onze economie langzaam aan het stabiliseren.”