Dan maar via Tokio naar Rio, dat moet geen probleem zijn

De volleybalsters konden zich in Turkije niet rechtstreeks plaatsen voor de Spelen in Rio. Volgende kans: het olympische kwalificatietoernooi in Japan, in mei.

Lonneke Slöetjes slaat de bal door het blok van de Russinnen in de finale van het olympische kwalificatietoernooi, afgelopen zaterdag. Foto SEDAT SUNA/EPA

Hij is vakkundig, betrokken, emotioneel, veeleisend, bindend, empathisch, overijverig, benaderbaar, gestructureerd, vaderlijk en bovenal bloedfanatiek. Hij is de man die de Nederlandse volleybalsters heeft teruggebracht naar de Europese top. En hij is de bondscoach die Nederland, na twintig jaar, vrijwel zeker gaat terugbrengen naar de Olympische Spelen: de Italiaan Giovanni Guidetti, volleybaltrainer uit passie.

Vanzelfsprekend had Guidetti zich op het olympisch kwalificatietoernooi in Ankara met Nederland liever rechtstreeks geplaatst voor ‘Rio’. Maar die ene plek gaat naar Rusland, dat Nederland zaterdag in de finale met 3-1 versloeg. Terecht, vanwege het krachtsverschil. Nederland is goed, maar net niet goed genoeg om zand in de Russische volleybalmachine te strooien. Daarvoor moet nog iets beter worden geserveerd, de set-ups nog preciezer uitgevoerd, het blok net iets strakker gemetseld en de verdediging een tikje degelijker worden uitgewerkt. Ploegen die prijzen winnen, kunnen zich nauwelijks fouten permitteren.

Zo ver is Nederland nog niet. Maar alles wijst op een stabiele topploeg in wording. Nederland heeft een brede, gelijkwaardige selectie en vooral veel jonge, bovenmatig getalenteerde speelsters die nog niet zijn uitgeleerd. Het is Guidetti toevertrouwd dat hij van die klas hoogbegaafden een prijswinnend team kan maken. Hij zal alleen geduld moeten hebben. En dat is niet de sterkste eigenschap van de Italiaan. Maar zo’n teamproces heeft tijd nodig.

Ondanks twee van Rusland verloren finales is de internationale opmars van Nederland spectaculair. Van een wankelmoedige ploeg die sinds 2009 ver verwijderd bleef van alle prijzen, heeft Guidetti in minder dan een half jaar een tweevoudige finalist gesmeed, eerst op het EK in Nederland en daarna op het mini-EK in Turkije, zoals het olympisch kwalificatietoernooi werd geafficheerd.

Met uitzondering van Rusland hoeft Nederland voor niet één Europese ploeg onder te doen. Voor de stap naar het olympische koninkrijk zal hard gewerkt moeten worden, want mondiaal gelden ook olympisch kampioen Brazilië en wereldkampioen Verenigde Staten als eliteteams.

De aanpak van Guidetti slaat aan bij de Nederlandse speelsters. Ze vormen een mooie symbiose. Guidetti houdt van de speelsters en de speelsters van hem; hij gelooft in hen, zij in hem.

Neem Lonneke Slöetjes, de diagonaalspeelster die grootheid Manon Flier uit de ploeg heeft gespeeld. Zij meent dat Guidetti voor de ommekeer heeft gezorgd. Slöetjes: „Dat geldt zeker voor mij. Na een langdurige blessure wist ik niet meer waar ik stond. Hij heeft me veel extra’s geleerd, maar vooral vertrouwen gegeven. Guidetti heeft daarmee de basis gelegd voor de rest van mijn carrière.”

Een geruststellende gedachte

Natuurlijk hebben Guidetti en zijn speelsters er ongelooflijk de pest in dat ze zich niet rechtstreeks voor de Spelen hebben geplaatst. De pijn wordt verzacht door een herkansing via een olympisch kwalificatietoernooi in Japan, in mei.

De heersende opvatting is dat Nederland heel slecht moet spelen om niet via Tokio in Rio terecht te komen; een geruststellende gedachte voor Guidetti, die toch met een katterig gevoel Turkije verliet. Zijn echtgenote, de Turkse international Bahar Toksoy, mist de Spelen doordat haar land de troostfinale met 3-2 van Italië verloor. Zijn grote wens om straks samen in Rio hun sport te beoefenen, gaat niet in vervulling.