Bij pianist Aimard zingen Stockhausen en Beethoven

Een goed samengesteld programma behoeft geen encores, vindt pianist Pierre-Laurent Aimard. Maar vrijdag moest hij wel een uitzondering maken. Aimard, die zich inspant voor eigentijdse muziek, maakte lang deel uit van het door de vorige week overleden Pierre Boulez opgerichte Ensemble Intercontemporain. In het Muziekgebouw aan ’t IJ speelde Aimard het negende deeltje uit de Douze Notations, Boulez’ serie pianominiaturen uit 1945. Het was een emotioneel eerbetoon, maar met een smetje: toen Aimard om een stiltemoment vroeg, kon niet iedereen het opbrengen om stil te zijn.

De zaal was uitverkocht, en dat voor een recital dat begon en officieel zou eindigen met Karlheinz Stockhausen, die andere beruchte avant-gardist voor wiens muziek maar een klein publiek lijkt weggelegd. Stockhausens Klavierstück XI is zowel mathematisch als speels: de pianist mag zelf de volgorde bepalen van 19 fragmenten op één pagina. Laat dat maar aan Aimard over, die zelfs van een handleiding voor een magnetron muziek zou kunnen maken. Hij zweefde boven de noten en liet de piano zingen, terwijl het door zijn kaakbewegingen leek alsof hij letterlijk op de muziek kauwde. Beethovens Eroica-variaties klonken al even goed: hij wisselde verfijnd pianistisch spel af met bewust plompe voorslagen en speelde met een jazzy rubato terwijl ieder deeltje zonder cesuur in het volgende overliep. Zeer overtuigend.