Keulse Barbara is woest over asielwaanzin

Agenten deden niets tegen buitenlandse aanranders en jagen nu gewone Duitsers van straat: zo zagen Pegida-demonstranten in Keulen de afgebroken betoging van zaterdag.

„Laffe ratten!”, schreeuwt een man, verborgen onder een zwarte capuchon, naar de gehelmde agenten in gevechtsuitrusting. Anderen heffen spreekkoren aan. „Waar, waar, waar waren jullie met Oud en Nieuw?” zingen ze, terwijl ze met hun vingers naar de politie wijzen.

Deelnemers aan de Pegida-demonstratie zitten vol woede en onbegrip als hun protesttocht door de stad voortijdig eindigt. In hun ogen is dat „onrecht op onrecht”: misdadigers, volgens berichten grotendeels van buitenlandse komaf, namen een week geleden zonder noemenswaardige tegenstand de openbare ruimte over en nu worden gewone Duitsers door hun eigen politie van straat gejaagd.

Wat ook niet helpt, is dat het waarom onduidelijk blijft. Omroepwagens hebben wel geprobeerd duidelijk te maken dat er met voorwerpen en vuurwerk naar agenten is gegooid en dat men zich daarom genoodzaakt voelt met traangas, waterkanonnen en gummiknuppels in te grijpen. Maar de geluidsinstallaties reiken lang niet ver genoeg om dat verhaal over te brengen. Sommigen willen het trouwens niet eens horen. Ze hebben „helemaal genoeg van alles”.

De demonstratie die is georganiseerd door het anti-islamitische Pegida, begint vroeg in de middag vreedzaam. Een bonte mix van betogers meldt zich. Boze en bezorgde burgers, zoals de Keulse Barbara. „Duitsland word kapotgemaakt door de asielwaanzin,” vindt ze. „Ik ga naar elke manifestatie waar we een tegenstem kunnen laten horen.” Haar achternaam wil ze niet noemen. „Je wordt hier al geobserveerd en gefotografeerd door de diensten. Dat weten de mensen. Als dat niet zo zou zijn, zou het veel drukker zijn.”

Langzaam maar zeker lopen rechtsradicalen, leden van motorclubs en fanatieke voetbalfans het plein op. Zeventienhonderd agenten houden de boel in de gaten en houden Pegida-sympathisanten en antifascisten gescheiden. Over de kordons heen wordt gescholden: „Nazi-zwijnen!” versus „Hoerenzonen!”

Armlengte afstand

Een man brengt de Hitlergroet en meesmuilt: „Kijk, precies een armlengte afstand.” Ook een protestbord verwijst naar de eerdere veiligheidstip van de Keulse burgemeester: „Geen armlengte maar een Middellandse-Zee-breedte-afstand.”

Sommige betogers laten al vroeg zien dat ze graag willen knokken. Een jongen laat zijn vrienden met gebaren zien hoe hij „de linksen” zal aanpakken en hoe ze door zijn klappen als dominostenen zullen omvallen.

Een reeks sprekers uit zijn afschuw over de gebeurtenissen in de Nieuwjaarsnacht. Agenten hebben onterecht de zwartepiet gekregen, zegt een van hen. „De incompetente politiek probeert de schuld af te schuiven op politiebeambten. Die hebben dat niet verdiend.” De menigte applaudisseert en zingt: „Eins, zwei, drei, Polizei.”

Islamcriticus Michael Mannheimer is verreweg het langst aan het woord van alle sprekers. Met een potpourri van historische vergelijkingen wil hij duidelijk maken hoe Duitsland „van binnenuit wordt aangevreten”. De gebeurtenissen van Oud en Nieuw noemt hij „de eerste pogrom na 1945, een herhaling van de Reichskristallnacht”. Merkel is „de ergste kanselier sinds Adolf Hitler”. „Minderwaardig links” wil „zijn communistische wil” opleggen en van Duitsland „een DDR 2.0” maken. Bij dat deel van het betoog wordt Merkel aangeduid „als de voormalige Stasi-medewerkster”.

Na anderhalf uur kan de mars door Keulen beginnen. „Laat je niet provoceren. Gebruik geen geweld,” wordt de menigte nog geadviseerd. Na een paar honderd meter, de laatste betogers moeten nog in beweging komen, gaat het al mis.

De meesten vertrekken mopperend. De laatste honderden demonstranten blijven achter het station dreigend recht tegenover de politie en de waterkanonnen staan. Ook hier wordt met voorwerpen naar de agenten gegooid en komt het tot gevechten. De mensen van Pegida vragen hun sympathisanten te vertrekken. „Ga naar huis. Dan komen we daarna terug.” En vrij naar maanreiziger Neil Armstrong: „We doen nu een stap terug, maar maken straks een grote sprong voorwaarts naar Berlijn.”