‘Ruzie niet van invloed op vredesoverleg Syrië’

Iran en Saoedi-Arabië beloven dit aan Staffan de Mistura, de afgezant van de VN voor Syrië.

Minister van Buitenlandse Zaken van Saoedi-Arabië Adel al-Jubeir in Kairo. Ahmed Omar / AP

Iran en Saoedi-Arabië hebben gezegd dat hun diplomatieke ruzie geen gevolgen zal hebben voor de vredesonderhandelingen over Syrië die vanaf 25 januari op het programma staan. Staffan de Mistura, afgezant van de VN voor Syrië, ontving deze boodschap van beide landen, meldt persbureau Reuters.

De Mistura sprak de afgelopen dagen met verschillende Arabische landen, met als doel de ministers van Buitenlandse Zaken eind deze maand bij elkaar te krijgen om te praten over een oplossing voor de oorlog in Syrië.

Betogers in Teheran bestormden begin januari de Saoedische ambassade uit protest tegen de executie van de sji’itische geestelijke sjeik Nimr al-Nimr en 46 anderen in Saudi-Arabië. Tijdens de bestorming drong de menigte de ambassade binnen en stak delen ervan in brand. Daarop verbrak Saudi-Arabië de diplomatieke banden met Iran.

De minister van Buitenlandse Zaken van Saoedi-Arabië, Adel al-Jubeir, zei dat meerdere landen ondertussen hebben aangeboden te bemiddelen tussen de landen. Maar hij stelde dat dit alleen zin heeft als Iran zijn beleid wil veranderen. Doet Iran dit niet, dan kan het verbreken van de diplomatieke banden slechts de eerste stap zijn, waarschuwde hij. Maar schade zal dit de vredesonderhandelingen over Syrië niet berokkenen, beloofde Al-Jubeir.

Arabische Liga veroordeelt Iran

De Arabische Liga veroordeelde Iran zondag op een spoedvergadering in de Egyptische hoofdstad Kairo voor de aanval op de Saoedische ambassade in Teheran.

De ministers van Buitenlandse Zaken van de 22 Arabische landen vinden dat Iran heeft gefaald bij het beschermen van de buitenlandse diplomaten. Alleen de afgevaardigde van Libanon, waar het door Iran gesteunde Hezbollah actief is, stemde tegen de verklaring.

Behalve de veroordeling onderneemt de Liga vooralsnog geen actie tegen Iran. Wel praten de landen in kleiner gezelschap verder over de crisis in het Midden-Oosten.