Praten en lachen over Jihad

Preventie is een belangrijk doel van de nieuwe theatervoorstelling Jihad, maar ook het kweken van begrip: Jihad besteedt diepgravend aandacht aan de afwegingen van sommige Nederlandse jongeren om in Syrië te gaan vechten.

Foto Sanne Peper

Tienduizend scholieren moeten aan het eind van dit jaar de voorstelling Jihad hebben gezien, waarin drie jongens uit Almere naar Syrië vertrekken om daar te vechten. Het stuk, deels gesubsidieerd door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, maakt deel uit van een landelijk lesprogramma over radicalisering, en moet op middelbare scholen in Nederland het gesprek over radicalisering stimuleren. Preventie is een belangrijk doel, maar ook het kweken van begrip: Jihad besteedt diepgravend aandacht aan de afwegingen van sommige Nederlandse jongeren om in Syrië te gaan vechten.

Uitsluiting

De trailer voor de voorstelling richt zich specifiek op uitsluiting: ‘Men zal ons altijd bijnamen geven, wetenschappelijke namen’, zegt acteur Saman Amini in het filmpje. ‘We zullen altijd een probleem zijn. Het is alleen de naam van dat probleem die verandert met de tijd.’

Maar het is zeker niet de bedoeling van de makers om jihadisten af te schilderen als slachtoffers, benadrukten zij vrijdag op een persconferentie. Twijfel en zelfkritiek spelen in het stuk een belangrijke rol, en er valt ook veel te lachen.

Jihad is een ingrijpende Nederlandse bewerking van Djihad, een Franstalig toneelstuk van de Marokkaanse Belg Ismaël Saïdi uit 2014, dat door het ministerie van Onderwijs en Cultuur in Wallonië en Brussel werd opgenomen in zijn preventieplan tegen radicalisering. In Nederland wordt de voorstelling geproduceerd door Senf Theaterpartners en theater De Meervaart. Daria Bukvic, die afgelopen jaar veel succes had met haar asielvoorstelling Nobody Home, voert de regie. Directeur Andreas Fleischmann van de Meervaart benadrukte hoe belangrijk het juist nu is, om te midden van alle nieuwsberichten over radicalisering en terreur ‘de menselijke maat’ te blijven zien.

Jihamlet

Twee scènes die de acteurs op de persconferentie speelden maakten dat alvast duidelijk. Jihad gaat over de vrienden Reda (Majd Mardo), Ismaël (Saman Amini) en Ben (Chems Eddine Amar), die hun tijd vooral verdoen met gamen. Reda is de jonge hond die er dolgraag bij wil horen, Ben de korankenner en meest fanatieke moslim, en Ismaël is weliswaar boos en gefrustreerd maar ook een enorme twijfelaar. Bukvic: ‘Hij is de Hamlet onder de jihadisten’. Mardo: ‘Jihamlet.’

We leren de drie kennen op de bank bij Ismaël thuis, waar ze stoeien, grappen en klooien zoals jongens doen. In een latere scène zien we ze terug op de achterbank van de auto waarmee ze door een neef de Turks-Syrische grens over worden gesmokkeld. Ook daar nog grappen en gekibbel, terwijl temperatuur en spanning stijgen. Ben:

‘Het lijkt wel of ik met fucking Circus Renz op pad ben!’

Met hun twijfel, humor, zorgen en angst doen ze denken aan de zelfmoordterroristen in de film Paradise Now van Hany Abu-Assad. In toon en taalgebruik blijft de voorstelling dichtbij de belevingswereld van jongeren.

Bij elke voorstelling volgt direct aansluitend een debat, waarin het publiek in discussie kan gaan met de acteurs – Nederlanders van Algerijnse, Iraanse en Syrische komaf, die ook zelf ervaring hebben met discriminatie, vooroordelen en (gevoelens van) uitsluiting. Bij die debatten worden steeds ook jongerenwerkers, imams, plaatselijke politici en ervaringsdeskundigen betrokken. Try-outs beginnen maandag in het Nieuwe Luxor in Rotterdam, de première is 25 januari in de Meervaart.