Op zoek naar het beste bod

Wie gaat V&D kopen? Sinds het faillissement vorige week op Oudejaarsdag werd uitgesproken, is dat de grote vraag.

foto remko de waal/ anp

Zou Sun Capital, de Amerikaanse durfinvesteerder die sinds 2010 de eigenaar is van V&D, zélf een doorstart willen maken met de failliete warenhuisketen? Bij de gedachte alleen al krijgen de Ondernemingsraad (OR) van V&D en de vakbonden een waas voor hun ogen. Het was immers Sun die vlak voor Kerst de stekker uit V&D heeft getrokken, zo redeneren zij.

In een brief heeft de OR er bij de curatoren op aangedrongen V&D onder geen beding weer in handen van Sun te laten vallen. Het valt echter niet te voorspellen of de curatoren zich hier iets van aantrekken. Zij behartigen de belangen van de schuldeisers, hun taak is zo veel mogelijk geld zien binnen te slepen door de verkoop zo veel mogelijk stukken en stukjes V&D.

Tot en met dit weekend kunnen belangstellenden zich melden met een voorstel en een eerste bod – dat is indicatief, niet bindend. Naar verwachting zullen ongeveer twintig van de zestig belangstellenden met zo’n voorstel komen. Officieel heeft Sun Capital zich nog niet als gegadigde gemeld, zegt een woordvoerder van de curatoren en V&D. Maar het zou kunnen dat Sun dat alsnog doet.

Volgende week zullen de curatoren de plannen bestuderen en dan blijft er een klein groepje met de meest kansrijke kandidaten over. Die krijgen vervolgens wat extra informatie over V&D, op basis waarvan ze een bindend bod kunnen uitbrengen.

De helft van de winkels

Wie zíjn die potentiële kopers van V&D? Sinds het faillissement vorige week werd uitgesproken, is dat de grote vraag.

De directie van V&D geeft de voorkeur aan een scenario waarbij het huidige V&D blijft bestaan, weliswaar met de helft van de winkels maar inclusief restaurantketen La Place. Zij hopen op een investeerder die nog kansen ziet voor een warenhuisketen in Nederland. Dat kan een private-equitypartij zijn, of een winkelbedrijf – uit binnen- of buitenland – dat V&D als dochter adopteert.

Maar dat is wel ambitieus. De naam V&D is voorgoed besmet, denken ingewijden uit de retailwereld. Als er dus al een partij komt die met een flink gedeelte van de warenhuizen verder wil, zeggen zij, dan komt er hoogstwaarschijnlijk een andere naam. Ook is het de vraag of restaurantketen La Place aan de winkelketen verbonden blijft. De curatoren kunnen ook besluiten het goed draaiende La Place apart te verkopen.

Vrijwel niemand durft zich aan een harde voorspelling te wagen, maar er wordt driftig gespeculeerd over wie interesse heeft in afzonderlijke winkelpanden. Groeiende kledingketens moeten toch iets zien in die centrale locaties? Primark misschien? Die Ierse kledingketen telt nu dertien – vrij grote – winkels in Nederland. Ook H&M opent de ene na de andere vestiging. Maar de populaire Zweedse modeketen zit al vrijwel overal waar V&D zit, op zeven plaatsen na. Andere kledingketens die in Nederland uitbreiden, zijn Zara en Bershka, beide eigendom van het Spaanse Inditex.

Of dingen er misschien buitenlandse warenhuizen mee? Het Britse Marks & Spencer heeft geen belangstelling, zegt topman Marc Bolland – hij houdt het voorlopig bij twee winkels in Den Haag en Amsterdam. Ook het Duitse Karstadt lijkt een onwaarschijnlijke koper, aangezien het met dat concern even slecht gaat. Begin vorig jaar heeft Karstadt net als V&D drastische maatregelen aangekondigd.

Wel een potentiële koper zou de eigenaar van het andere Duitse warenhuis, Kaufhof, kunnen zijn. Kaufhof is net in juni 2015 voor 2,8 miljard euro overgenomen door de Canadese partij Hudson’s Bay Company. Wie weet grijpt HBC de kans om V&D er voor een schijntje bij te nemen.

Voor La Place zingen heel andere namen rond. Heeft Ahold misschien nog geld in kas, na de overname van het Belgische Delhaize? Het supermarktconcern, zo speculeerde een analist van Rabobank maandag, is in de VS immers net begonnen met de formule Bfresh – geïnspireerd op La Place. Maar concurrent Jumbo of een andere supermarkt kan er net zo goed met de V&D-restaurants vandoor gaan. En ook in dit ‘opsplitsscenario’ kunnen private-equitypartijen opduiken.

Ingewikkelde puzzel

Voor de curatoren van V&D wordt het nog een ingewikkelde puzzel. Wat maakt een bod aantrekkelijk?

Ten eerste moet de prijs natuurlijk goed zijn, maar het is ook belangrijk dat een koper een zo groot mogelijk deel van het bedrijf wil hebben. De curatoren willen met zo min mogelijk onverkoopbare onderdelen blijven zitten. Wie de hele bups wil hebben, heeft de voorkeur.

Ook zien curatoren graag een koper die direct afrekent. „De financiering moet al geregeld zijn”, zegt insolventieadvocaat Nico Tollenaar. Een constructie waarin een deel van de koopsom pas wordt betaald als er winst wordt gemaakt, is onaantrekkelijk. Tollenaar: „Curatoren willen daar niet op gokken, die zien liever cash.”

Verder vinden curatoren het interessant als een koper veel werknemers overneemt. En niet uitsluitend vanwege het sociale aspect. „Als er bij een snelle doorstart veel banen behouden blijven, verminderen de kosten voor de boedel”, zegt insolventieadvocaat Wouter Jongepier. Uitkeringsinstantie UWV schiet de salarissen na het faillissement namelijk voor en wil die kosten later terug uit de boedel. Hoe lager die kosten, hoe meer geld er overblijft voor de crediteuren.

Hoe langer een bedrijf failliet is, hoe verder het afbrokkelt: leveranciers die afhaken, werknemers die opstappen. Dat is de reden dat de curatoren van V&D haast maken. Over twee weken zal er meer duidelijk zijn over de toekomst van de warenhuisketen.