Nieuws van ver kleurt ook de mening over de buurvrouw

Nieuws van ver beïnvloedt de kijk op de nabije omgeving. Wie negatieve berichten leest over IS kijkt daarna anders tegen minderheden in eigen land aan. Andersom werkt dat niet.

Woedende betogers in Bahrein gooien stenen na de executie van de shi’itische geestelijke Nimr al-Nimr in Saoedi-Arabië.
Woedende betogers in Bahrein gooien stenen na de executie van de shi’itische geestelijke Nimr al-Nimr in Saoedi-Arabië. Foto REUTERS / Hamad I Mohammed

‘Griekenland is bodemloze put’. ‘Vrijheid in Turkije ver te zoeken’. Wie zulke koppen in de krant leest, denkt niet alleen anders over Griekenland. Of over Turkije. Nee, dikke kans dat wie daarna de Turkse buurvrouw tegenkomt, anders naar haar kijkt. Zo’n bericht kleurt namelijk ook het beeld van Turken en Grieken in Nederland. Zelfs van moslims of Zuid-Europeanen in het algemeen.

Thijs Bouman hoopt volgende week te promoveren aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) op een onderzoek naar het effect van buitenlands nieuws op de nabije omgeving.

Bouman zag dat negatief nieuws van invloed is op hoe we naar onze naasten kijken, naasten die je op de een of andere manier met dat nieuws in verband kunt brengen. Maar ook dat dat mechanisme andersom niet werkt: positief nieuws levert géén positiever beeld op van de Turkse Nederlander, de Griekse Nederlander, of moslims in Nederland.

Voor zijn onderzoek liet Bouman proefpersonen berichten lezen, waarin details waren veranderd. Zo lazen zij een bericht over radicalisering in Tadzjikistan. Werd in dat bericht uitgelegd dat Tadzjikistan in Azië ligt, dan oordeelden proefpersonen daarna negatiever over Indonesische Nederlanders. Maar werd het land in het Midden-Oosten gesitueerd, dan dachten proefpersonen na lezing ineens negatiever over Marokkanen en Turken. Dat deed hij ook met berichten over de Turkse toetreding tot de Europese Unie, Arabische opstanden, de Griekse crisis en IS.

Bouman: „Mensen koppelen informatie onbewust aan bevolkingsgroepen in hun omgeving. Groepen die vaak niet direct iets met het nieuws te maken hebben.”

Alerter na negatief nieuws

Hoe kan het dat dat andersom niet zo werkt? Dat berichten over de positieve gevolgen van de Arabische Lente wel invloed hebben op hoe de lezer naar Egypte kijkt, maar niet zijn beeld van minderheden in Nederland verandert?

Bouman weet dat mensen anders omgaan met negatief nieuws. Het maakt meer indruk. Lijkt van groter belang. Het verspreidt zich sneller. „Positief nieuws is misschien leuk of interessant, maar vormt geen gevaar. Negatief nieuws maakt alert. Iets waarop je je moet voorbereiden.”

Wat nu? Moeten we dan maar geen kranten meer lezen of het tv-nieuws kijken? Bouman ziet daarin geen oplossing. Hij formuleerde ‘handvatten’: manieren om de kans op generaliseren zo klein mogelijk te maken. Wie een nieuwsbericht schrijft moet bijvoorbeeld ‘groepsassociaties’ proberen te voorkomen. Schrijf IS in plaats van Islamitische Staat, adviseert Bouman. „Wie steeds ‘islam’ leest, koppelt die berichten aan andere moslims, en daardoor óók aan Marokkaanse of Turkse Nederlanders.” En wie steeds benadrukt dat Grieken ‘mediterraan’ zijn, maakt ook de mogelijkheid tot generaliseren groter.

Tweede tip: voorkom ‘dreigingsassociaties’. Bouman bedoelt: zorg dat het nieuws niet te dichtbij komt. De impact is groter als mensen zelf bedreigd (denken te) worden, in plaats van – abstracter – een land. Je kunt dus beter uitleggen wat het effect van de Griekse crisis op ‘Nederland’ is, dan op Henk en Ingrid.

Bouman: „Iedereen generaliseert. Maar het is goed om je daarvan bewust te zijn.” Helemaal zonder, kunnen we trouwens ook niet, denkt Bouman. „Om dingen begrijpelijk te maken, móét je de informatie versimpelen, op een hoop gooien.”