Liever een joert

De Tiny House-beweging, overgewaaid uit de VS, wint langzaam terrein in Nederland. Als je een klein huisje zonder hypotheek hebt, dan kun je doen wat je echt wilt, aldus de bewoners.

Geert en Geralde Honcoop-Stam

De Amerikaanse Dee Williams (51) hoorde tien jaar geleden dat ze aan een chronische hartkwaal lijdt die fataal kan zijn. Het leven is kort, realiseerde Williams zich; hoe wilde ze haar tijd écht besteden? De dakgoten schoonmaken van haar – toen nog – ruime bungalow in Portland, Oregon, stond niet bepaald bovenaan het lijstje. Ze deed haar spullen de deur uit tot er nog precies 305 items over waren, verkocht het huis en bouwde een tiny house: een klein huisje op wielen, van nog geen 8 m2, en parkeerde het bij vrienden in de achtertuin. Twintig miljoen mensen namen via haar website een virtuele tour door het huisje en Williams’ boek The Big Tiny werd besproken in landelijke kranten, waaronder The New York Times.

Een zelfgebouwd huisje tussen de 10 m2 en 50 m2, het liefst zonder hypotheek, voor gemiddeld 38.000 dollar (ongeveer 34.700 euro). Geen druk om elke maand hoge woonlasten op te hoesten, drie verdiepingen te stofzuigen, of die garage vol onnodige spullen nou eens uit te ruimen. Tussen de McMansions (uit de kluit gewassen eengezinswoningen in de Amerikaanse suburbs) en de puinhopen van een ingestorte huizenmarkt ging een steeds grotere groep zich afvragen: hebben we al die ruimte echt nodig? Er ontstond een behoefte aan betaalbare, flexibele woonvormen. Pioniers, met Williams voorop, begonnen met het bouwen van kleine huisjes op een trailer: de Tiny House Movement.

Zoek op ‘tiny house’ en je vindt duizenden Pinterest-pagina’s: poppige huisjes in het bos, moderne exemplaren met jaloersmakende design-elementen, of een boomhut voor volwassenen. In de VS staan naar schatting nu zo’n 10.000 tiny homes. Er zijn honderden websites en boeken met tips, bedrijven die complete bouwpakketten aanbieden, er is een realityshow en elk jaar een Tiny House-beurs. Dit jaar trok het evenement 40.000 bezoekers.

„Het is een zoektocht naar vrijheid”, aldus architect Daniël Venneman (30), een van de oprichters van Woonpioniers, een verzamelplaats voor vernieuwende woonconcepten in Nederland. „Lichter wonen, minder financiële druk, meer ruimte om te doen wat je echt leuk vindt – door een tiny house wordt het gevoel van onmacht en onbehagen over problemen in de wereld, en die in je eigen leven, omgezet naar ‘ik kan er iets aan doen’.”

Of gewoon een kleine flat, toch?

Maar, wat onderscheidt een tiny house van een vakantiehuisje, stacaravan of gewoon een kleine flat? „Een tiny house is bedoeld om permanent in te wonen en niet alleen voor recreatie. De huisjes moeten net zo lang meegaan als een gewoon huis. Daarnaast kiezen mensen niet voor een tiny house omdat ze geen groter huis kunnen krijgen, het gaat om de gedachte erachter: wonen met minder spullen, meer vrijheid, een kleinere ecologische voetafdruk. En of je dit nou bereikt in een tiny house of tuinhuis maakt niet zoveel uit. Daarom is dit voor tiny-house-bewoners een irrelevante vraag”, zegt architectuurstudent Lena van der Wal (26), die samen met haar broer Laurens (24) het eerste architectenbureau voor kleine huisjes heeft opgericht.

Langzaam beginnen mensen in Nederland enthousiast te worden over de mini-huisjes. „Zes maanden geleden kende nog niemand dit fenomeen hier, nu zijn zo’n veertig mensen serieus met een tiny house bezig”, zegt Marjolein Jonker. Ze richtte de Facebookpagina Tiny House Nederland op en is binnenkort zelf in het bezit van een tiny house. Ook andere, lichtere, woonvormen krijgen steeds meer aandacht. Volgens Van der Wal wonen er ongeveer honderd mensen in Nederland in een joert en stijgt dit aantal. Het bedrijf Sustainer Homes maakt sinds drie maanden geheel zelfvoorzienende woningen van containers. Er liggen al zo’n zevenhonderd aanvragen van mensen die permanent willen wonen in een Sustainer Home.

Minder woonoppervlak en ‘licht’ wonen: een klein idee of een grote revolutie? Venneman: „Als het aan de Woonpioniers ligt is er over een paar jaar een tiny house village. Deze beweging is een teken dat er iets aan de hand is.”