Alle kinderen een zwemdiploma: lever maatwerk!

Elk kind moet leren zwemmen om verdrinking te voorkomen, vindt Fatima Lamkharrat.

In augustus vorig jaar riep de Reddingsbrigade Nederland op om het schoolzwemmen terug te krijgen in het basisonderwijs. Minister Schippers (Sport) wil daar niet aan beginnen.

Heel jammer, want de zwemvaardigheid van kinderen neemt al jaren af. Het schoolzwemmen is al tientallen jaren niet meer verplicht, waardoor steeds meer jonge kinderen in Nederland niet kunnen zwemmen. Schoolzwemmen werd eind jaren zestig ingevoerd, en in 1985 besloot de overheid dat zwemonderwijs geen afzonderlijk vak is. Sindsdien is schoolzwemmen afhankelijk van budgetten van gemeenten en schoolbesturen.

Ondertussen worden we elk jaar weer opgeschrikt door verdrinkingen van jonge kinderen. Ook in Rotterdam. In de Kralingse Plas verdronk in 2013 een zesjarig jongetje.

Naar aanleiding van die verdrinking kreeg Wmo Radar, welzijnsaanbieder in het Centrum, opdracht van de toenmalige deelgemeente om zwemvaardigheid te bevorderen: Project Z. Met als slogan: Elk kind een zwemdiploma.

Niet onze taak, wel belangrijk

Zwemles organiseren is niet onze primaire taak, als welzijnswerkers, maar het is belangrijk. Dit was een kans voor veel gezinnen uit ons gebied voor wie zwemles niet vanzelfsprekend is, of gewoonweg niet betaalbaar. Omdat we een beperkte tijd kregen – projectsubsidies zijn nu eenmaal tijdelijk – kozen we voor een duurzame benadering, waarin voorop bleef staan dat ouders de eindverantwoordelijkheid houden over de zwemvaardigheid van hun kinderen.

Ouders zijn als vrijwilliger betrokken bij het bad. En dat werkt best goed. De teller staat op 260 zwemmende kinderen in 2 zwembaden en 40 zwemmende ouders. Verder zijn er vier moeders gestart met een zwemopleiding. Zo kunnen ouders hun verantwoordelijkheid vorm geven en blijft zwemvaardigheid op het netvlies staan, ook als de welzijnswerker al vertrokken is.

Wat is ons gebleken, tijdens dit project? Voor ouders zijn er allerlei drempels. In een grote stad zijn er vele andere sporten te beoefenen. Een zwemdiploma halen heeft niet voor alle ouders prioriteit. Daarnaast zijn veel kinderen bang voor water. Voor hen is zwemgewenning essentieel, en dat krijgt niet altijd de nodige aandacht bij reguliere lessen of bij het schoolzwemmen. Verder weten mensen die niet zijn opgegroeid met een zwemtraditie minder makkelijk en vanzelfsprekend de weg naar het zwembad te vinden, ook al vinden zij zwemvaardigheid belangrijk. Voor ouders die zelf ook op zwemles zijn geweest blijkt dat makkelijker.

Waar ligt dan de verantwoordelijkheid? Bij de overheid, de school of bij ouders zelf? De wet is hierover duidelijk. De overheid heeft geen wettelijke taak voor de zwemvaardigheid van kinderen, dus de verantwoordelijkheid ligt bij de ouders.

Maar kunnen alle ouders die verantwoordelijkheid nemen als een gemiddeld A-diploma bijna 500 euro per kind kost? Als het schoolzwemmen nog verder wordt uitgekleed, vervalt ook deze mogelijkheid voor ouders die zwemles niet zelf kunnen betalen.

Schoolwemmen moet effectiever

Het schoolzwemmen moet veel effectiever worden. Op sommige scholen heeft een overgroot deel van de kinderen al een diploma terwijl op andere scholen juist de kinderen die al een zwemdiploma hebben op één hand te tellen zijn. Desondanks krijgen beide soorten scholen in Rotterdam hetzelfde aanbod.

Bussen worden ingehuurd, ouders moeten mee om te helpen, om zwetend langs de kant te wachten tot de kinderen klaar zijn. Dat is niet erg, maar niet effectief als het gaat om kinderen die al een zwemdiploma hebben! De nadruk bij het schoolzwemmen ligt ook vooral op het bewegen, niet op het behalen van een diploma.

Er is maatwerk nodig. Richt je op op kinderen die nog geen diploma hebben. Zorg ervoor dat zij zwemvaardigheid opdoen. Zo is er in het bad veel meer tijd en aandacht voor deze kinderen omdat er minder kinderen in het bad zijn. Scholen met minder kinderen zonder diploma krijgen minder geld, zodat scholen met kinderen zonder diploma ervoor kunnen zorgen dat ze die kunnen halen.

Daarnaast kunnen de lessen flexibeler. Nu worden veel zwemlessen doordeweeks in de avonduren of op woensdagmiddag verzorgd. Dat zorgt in de hele stad voor ellenlange wachtlijsten. Waarom niet ook lessen in de weekenden? Als ouders dan toch verantwoordelijk zijn, geef ze dan ruimte in het zwembad zodat ze hun kroost zelf leren zwemmen. Zwembaden hebben dat liever niet. Ze willen die verantwoordelijkheid niet nemen. Ze lopen natuurlijk inkomsten mis, als al die ouders het zelf gaan doen.

Een zwembad huren

Er zijn wel oplossingen. Nu al zorgen verschillende zwemverenigingen voor extra aanbod. Dat is goedkoper dan zwemlessen via het zwembad. Zij huren een zwembad voor een paar uur en werken voornamelijk met vrijwilligers. Voor ouders met een kleine beurs is dit een uitkomst.

Feit blijft dat er geen landelijke regels zijn en dus zijn kwaliteit en veiligheid niet controleerbaar. Ja, ouders zijn verantwoordelijk maar de overheid heeft hier ook een rol in. Hoe sneller we het daar over eens worden, hoe sneller we aan de slag kunnen om kinderen in ons waterrijke kikkerlandje te beschermen tegen de verdrinkingsdood.

Fatima Lamkharrat is werkzaam bij de Stichting Radar Wmo die diensten aanbiedt in verschillende deelgebieden van Rotterdam.