Schneiders weg als burgemeester Haarlem

Bernt Schneiders wordt de baas van het VSBfonds. Hij wilde commissaris van de koning worden, maar Johan Remkes blijft dat nog even.

Bernt Schneiders (56) stopt deze zomer als burgemeester van Haarlem en wordt directeur van het VSBfonds, zo is dinsdag bekendgemaakt.

De overstap is opvallend en komt op een opmerkelijk moment. In kleine kring was al bekend dat Schneiders (PvdA) interesse had om Johan Remkes (65) op te volgen als commissaris van de koning in Noord-Holland. Tot verrassing van menigeen kondigde de VVD’er eind 2015 evenwel aan nog twee jaar te willen blijven, tot zijn pensioen.

Schneiders, ook voorzitter van het Nederlands Genootschap van Burgemeesters, erkent dat hij „absoluut interesse” had in de functie als die vacant zou zijn gekomen. „Commissaris van de koning zijn in mijn eigen provincie zou eervol zijn.”

Dezelfde Remkes vroeg Schneiders in oktober 2015 nog voor een opvallende ‘nevenfunctie’: waarnemend burgemeester van het door aanhoudende conflicten geteisterde Bloemendaal, een buurgemeente van Haarlem. Die aanstelling was voor „minimaal een jaar”, zei Remkes destijds. Hoewel Schneiders al komende zomer vertrekt, denkt hij zijn opdracht tegen die tijd „grotendeels” te hebben afgerond. Schneiders: „Het gaat weer redelijk tot goed met Bloemendaal. Zo zijn er geen grote conflicten meer geweest in en is de bestuurlijke rust teruggekeerd.” Eind februari spreken Remkes en Schneiders over de toekomst van Bloemendaal.

Niet lang nadat Remkes zijn besluit kenbaar maakte om aan te willen blijven als commissaris, werd Schneiders door zijn partijgenoot Louise Gunning gepolst voor het directeurschap van het VSBfonds. Gunning is voorzitter van de raad van toezicht van het fonds dat jaarlijks een donatiebudget heeft van 26 miljoen euro voor culturele en maatschappelijke doelen.

Schneiders is tien jaar burgemeester van Haarlem (157.000 inwoners). Eerder was hij burgemeester van onder meer Landsmeer en Heemskerk. Van een afscheid van de publieke zaak is volgens Schneiders geen sprake. „Ik sluit niet uit dat ik nog eens terugkeer.”