Kunstexpert na foutje niet langer de klos

Wat zijn de consequenties als een kunstexpert een vals schilderij niet als zodanig herkent? Het Franse Hof van Beroep heeft een vonnis herroepen dat een Duitse kunstexpert verplichtte tot een enorme schadevergoeding aan een gedupeerde Nederlandse verzamelaar.

‘Tremblement de terre’, een schilderij dat werd verkocht als een Max Ernst, maar later een vervalsing bleek te zijn.

Goed nieuws voor kunstexperts. Het Hof van Beroep in Versailles heeft een geruchtmakend vonnis herroepen dat de Duitse kunsthistoricus Werner Spies verplichtte tot het betalen van ruim drie ton schadevergoeding aan de Nederlandse kunstverzamelaar Louis Reijtenbagh. De verzamelaar had Spies drie jaar geleden aangeklaagd voor het ten onrechte toeschrijven van een schilderij aan Max Ernst, de Duitse surrealist, waarvan later bleek dat het vals was.

Uitspraken doen over de echtheid van een kunstwerk, nog niet zolang geleden was het onderdeel van het kunsthistorisch discours. Slechts bij hoge uitzondering, zoals in 1921, toen de befaamde Britse kunsthandelaar Joseph Duveen de authenticiteit van een vermeende Leonardo da Vinci in twijfel had getrokken, leidde een afschrijving tot een rechtszaak. Maar het afgelopen decennium stapten tal van verzamelaars naar de rechter. Door de sterk gestegen kunstprijzen werd het niet alleen steeds verleidelijker om kunst te vervalsen, maar ook om echtheidsuitspraken juridisch aan te vechten. Een gokje, dat uiterst lucratief kon uitpakken.

De kunsthistorici legden het af tegen de commercie. Vijf jaar geleden stopte bijvoorbeeld de Andy Warhol Foundation met authenticeren. De stichting was de rechtszaken van afgewezen verzamelaars beu. Veel te begrotelijk. Alleen de verdediging in een zaak van een collectioneur die eiste dat een vermeend schilderij van Warhol werd opgenomen in de oeuvrecatalogus, had de Warhol Foundation al 7 miljoen dollar gekost.

Ook andere instellingen, zoals het Noguchi Museum en de stichtingen van Keith Haring, Basquiat en Roy Lichtenstein zijn opgehouden met het afgeven van echtheidscertificaten. Waarom zou hij midden op de snelweg blijven wachten tot hij wordt overreden, zei Jack Cowart, de voorzitter van de Lichtenstein Foundation tegen The New York Times. Het leek de voorzitter niet de taak van zijn stichting om de problemen op te lossen die de kunstmarkt heeft met vervalsingen.

Werner Spies, de voormalig directeur van het Centre Pompidou in Parijs, was zo’n slachtoffer van een vervalser, in zijn geval de Duitse ‘meestervalser’ Wolfgang Beltracchi, die in 2011 tot zes jaar gevangenisstraf werd veroordeeld. Een van de vervalsingen waarvan Beltracchi in de rechtszaal toegaf de maker te zijn, Tremblement de terre, had Spies in 2002 herkend als een werk Max Ernst. Achterop een foto van het schilderij had de kunsthistoricus genoteerd, dat hij het schilderij zou opnemen in de oeuvrecatalogus van Ernst, waaraan hij destijds werkte.

Louis Reijtenbagh, de voormalige huisarts uit Almelo die multimiljonair werd met speculeren, kocht de ‘Ernst’ in 2004 bij de Franse kunsthandelaar Jacques de La Béraudière. Toen de verzamelaar in 2009 grote problemen kreeg met banken en belastingdiensten in Nederland, België en de Verenigde Staten, liet hij het door Sotheby’s veilen, samen met nog 38 andere werken.

Tremblement de terre bracht ruim zeven ton euro op. Maar na de bekentenis van Beltracchi maakte Sotheby’s de verkoop snel ongedaan. Reijtenbagh klaagde daarop met succes de kunsthandelaar en Spies aan. De rechtbank in Nanterre oordeelde in mei 2013 dat de twee hem het aankoopbedrag van 652.883 euro plus de gerechtskosten à 5.000 euro moesten vergoeden. Van die opdracht heeft het Court d’appel de 78-jarige kunsthistoricus nu dus vrijgepleit.

Volgens het arrest heeft de auteur van een oeuvrecatalogus een andere verantwoordelijkheid dan een expert die in het kader van een zakelijke transactie wordt geconsulteerd. Van zo’n auteur mag evenmin worden verwacht, aldus het Hof, dat hij voor alle beschreven werken – het oeuvre van Max Ernst telt zo’n zesduizend werken – kostbaar wetenschappelijke onderzoek naar de authenticiteit laat verrichten.

Door deze uitspraak krijgen oeuvrecatalogi dus een andere, minder zwaarwegende betekenis: ze zijn dus niet langer het laatste woord als het gaat om de authenticiteit van een kunstwerk. Het zal Spies vermoedelijk worst zijn. De bejaarde kunsthistoricus reageerde opgelucht op het arrest. „Ik word nergens meer van beschuldigd, mijn eer is hersteld”, zei hij tegen een verslaggever van het Handelsblatt.

Voor experts in New York, de hoofdstad van de kunstwereld, lijken ook betere tijden op komst. De senaat van de staat New York heeft afgelopen najaar een wetsvoorstel aangenomen. Als de gouverneur Act S1229A binnenkort met zijn handtekening bekrachtigd, kunnen voortaan alleen nog „geldige, te verifiëren claims” in New York voor de rechter komen.

Stichtingen en experts lopen dan niet meer het risico aangeklaagd te worden door vermogende verzamelaars die een gokje willen wagen en een op weinig feiten rustende zaak beginnen in de hoop de langste adem te hebben. Bovendien kunnen experts na een gunstig vonnis ook de kosten van hun verdediging bij de aanklagers vorderen.