E-bike ook bij dieven gewild

Het aantal gestolen elektrische fietsen heeft vorig jaar een nieuw hoogtepunt bereikt.

E-bikes zijn voor bejaarden. En er is weinig kans dat hun dure elektrische fietsen worden gestolen, want ze fietsen van hun garage naar een terras – met uitzicht op de fiets – en weer terug.

Dat blijkt een achterhaald beeld te zijn. Het afgelopen jaar is een recordaantal elektrische fietsen gestolen, melden politie en verzekeraars. Er is geen centrale diefstalregistratie voor e-bikes, maar de twee grootse fietsenverzekeraars, Enra en Unigarant, melden voor 2015 een toename van 20 procent in gestolen elektrische fietsen. Bij Enra waren dat er vorig jaar tegen de 7.000, bij Unigarant waren het er 2.010. De fietsen kosten al snel 2.000 euro per stuk, en vormden vorig jaar voor Unigarant een schadepost van 3,5 miljoen euro.

De belangrijkste reden voor de toename is de gestegen populariteit van de fietsen. Vorig jaar werden er ruim 220.000 verkocht, en inmiddels rijden er in Nederland naar schatting tegen de 1,5 miljoen e-bikes rond.

Kochten oorspronkelijk inderdaad vooral ouderen e-bikes, nu zijn ze ook gewild onder scholieren en bij forensen, zegt Douwe Boeijenga. Hij is directeur van de in fietsen gespecialiseerde verzekeraar Enra. „De gemiddelde e-biker is 40 jaar, een op de vijf verkochte fietsen is een e-bike.”

Daarmee is ook het risicoprofiel voor diefstal gewijzigd, zegt hij. „De elektrische fietsen staan nu bij de bioscoop, bij de winkel, langs het sportveld. En daar zijn ze makkelijker te stelen.”

Er zijn aanwijzingen dat het gaat om georganiseerde diefstal, en dat de dieven uit het Oostblok komen, zegt Boeijenga. „E-bikes zijn een belangrijk crimineel exportproduct geworden. Dat zie je aan wie er met busjes vol gestolen fietsen worden aangehouden op weg naar de grens. Polen en Litouwen springen eruit.”

De meeste e-bikes worden volgens hem nog steeds gestolen in steden. „Daar zijn er nu eenmaal veel, en kan je redelijk anoniem te werk gaan.” Maar ook langs de grens is het aantal diefstallen relatief hoog. „Groningen springt eruit, net als Enschede en Twente. Dan ben je snel de grens over.”

De toename van het aantal diefstallen was eind vorig jaar aanleiding voor overleg in de stichting Aanpak Voertuigcriminaliteit. In de stichting zijn politie, justitie en private partijen zoals verzekeraars verenigd om diefstal van voertuigen tegen te gaan. Het overleg is nog in een pril stadium, zegt directeur Titus Visser, maar er is wel al gesproken over maatregelen. „Er worden in Nederland bijvoorbeeld al honderden lokfietsen ingezet. Dat is heel succesvol, maar slechts een handjevol daarvan zijn e-bikes. Dat kan beter.”

Ook zou de voorlichting aan de eigenaars intensiever kunnen, zegt Visser. Verzekeraars zouden graag als voorwaarden stellen dat fietsen met een tweede slot worden vastgezet aan een paal of hek, maar dat levert te veel bewijsproblemen op. „Dat neemt niet weg dat het verstandig is de fiets altijd ‘aardevast’ op slot te zetten. En een tandje bijzetten in de opsporing van de daders, dat zou ook helpen.”

Wat ook zou helpen is de toename van geschikte fietsenstallingen, zegt een woordvoerder van de Fietsersbond. Veel stallingen zijn niet geschikt voor elektrische fietsen, vooral niet voor het ‘snelle’ soort met dikke banden.

De Fietsersbond pleit voor forse investeringen in betere stallingen en meer en bredere fietspaden. Overigens heeft de bond wel begrip voor het achterblijven van de voorzieningen. De ontwikkeling gaat heel hard. In 2009 waren er nog nauwelijks e-bikes, nu rijden er meer dan een miljoen rond in Nederland.”