Column

Vrije wereld is overal in de verdediging

H.J.A. Hofland is journalist en columnist.

Het Westen wordt in toenemende mate omringd en geïnfiltreerd door doodsvijanden die onze welvaart en politieke beschaving bedreigen en ons ontbreekt het zowel aan een collectieve overtuiging als aan de georganiseerde macht om daarop een doeltreffend antwoord te geven. Is dit de samenvatting van wat ons in het afgelopen jaar is overkomen? Het is begonnen met de terroristische aanslag op 7 januari in Parijs op de redactie van Charlie Hebdo waarbij twaalf doden vielen. Op 13 november volgde de bloedige aanval op het feestgebouw Bataclan; 89 doden. We zijn in oorlog, zei president Hollande. Zeker, maar waar was de vijand? Intussen zijn een paar terroristen gearresteerd, niet in Parijs maar in de Brusselse gemeente Molenbeek. Door de veiligheidsmaatregelen kwam het openbare leven in Brussel vrijwel tot stilstand. In deze oorlog hebben jihadisten niet meer dan een paar man nodig om een hele natie te mobiliseren. In Nederland zijn nu zelfs de bakfietsen verdacht geworden. De bron van het terrorisme is de Islamitische Staat die op de puinhopen van Irak en Syrië is ontstaan. Het Westen bestrijdt deze aartsvijand door bombardementen waarvan we het effect niet kunnen vaststellen. Irakese en Koerdische soldaten doen het grove werk op de grond. Ze hebben nu de stad Ramadi heroverd, maar zijn de terroristen daarmee verslagen? Dit is een militair succes waarvan de betekenis buiten ons waarnemingsveld valt. Het terrorisme heeft zich als permanent gevaar in het Westen gevestigd.

Intussen is door het geweld in het Midden-Oosten de vluchtelingenstroom op gang gekomen. Daardoor is een splitsing in de binnenlandse politiek van alle Europese landen ontstaan. De medemenselijkheid eist dat we deze massa’s opvangen en weer een redelijk bestaan bezorgen. Maar al sinds het begin van deze eeuw broeit hier de haat tegen moslims. Overal waar vluchtelingen aanwezig zijn zien we hetzelfde proces. Daarbij komt dat in de westerse beschaving een nieuw type mens in ontwikkeling is. Een individu dat meer van zichzelf is vervuld, zich sneller op zijn tenen getrapt voelt en sneller geneigd is tegenmaatregelen te nemen. Een van de belangrijkste oorzaken daarvan is internet, het medium dat ons in staat stelt iemand die ons niet bevalt anoniem en straffeloos uit te schelden, te bedreigen. Ook in het openbare leven is trouwens de bereidheid tot confrontatie toegenomen. In politiek opzicht belemmert dit de redelijke discussie en de besluitvorming. In groter verband worden de binnenlandse en de buitenlandse politiek erdoor gehinderd.

In 1987 verscheen in Amerika The Rise and Fall of the Great Powers van de Britse historicus Paul Kennedy. De strekking is dat wereldmachten in verval raken door imperial overstretch. Op den duur raken ze door een overmaat aan buitenlandse verplichtingen economisch, militair en misschien ook moreel dusdanig verzwakt dat ze die verworvenheden moeten opgeven. Het Amerikaanse publiek dacht dat Kennedy Amerika bedoelde. Grote verontwaardiging. Daarna werd de Koude Oorlog gewonnen. Maar Kennedy had gelijk. Amerika was toen wel op het toppunt van zijn macht en leider van de vrije wereld, maar het verval sluimerde. George W. Bush heeft het door zijn grenzeloze zelfoverschatting bewezen; daarna was het voor Obama te laat om het te compenseren. De vrije wereld heeft geen overstretch meer, maar is overal in de verdediging gedrongen.

Opnieuw in verzwakte toestand gaat het Westen het nieuwe jaar tegemoet. Niet de overspannen ambities zoals Kennedy die heeft beschreven zijn nu de vijand, maar de verwarring die we bij onszelf hebben aangericht.