Column

Barney

Vlak voor kerst verbleef ik een weekje in een appartement in Oost-Berlijn. Aan een van de muren hing een dartbord. Op de eerste dag pakte ik de pijltjes en gooide: één in de rand, twee naast het bord.

De dagen erop werd het niet veel beter. Ik verwacht nog een naheffing van de eigenaar voor het opnieuw stuccen van de muur.

Hoewel de ‘knotsgekke’ fans en de onbehouwen lijven van de spelers anders doen vermoeden, is darts een serieuze sport. Er wordt dagelijks uren geoefend, maar het allerbelangrijkste is de mentale weerbaarheid.

De Nederlandse darter Raymond van Barneveld vertelde vorige week dat hij voor het eerst opa was geworden en er zo naar verlangde de kleinzoon op zijn buik te kunnen zetten. Maar hij was bezig aan een uitstekend WK in Londen en kon niet weg.

Goedbedoelde tips bereikten Van Barneveld. Hij moest vooral veel skypen. Hij moest zich opsluiten in zijn hotelkamer. Hij moest snel heen en weer vliegen naar Nederland om zijn kleinkind te zien.

Van Barneveld liet alle goede raad voor wat het waard was en verbaasde vervolgens met partijen die hij vanuit geslagen positie toch in de wacht wist te slepen.

Zaterdag stond hij in de halve finale. Van Barneveld kwam nauwelijks in zijn spel. Het smalle strookje voor de triple twintig leek een no-go-area die zijn pijltjes juist moesten omzeilen. Van Barneveld zag er moedeloos uit. Hij keek terneergeslagen naar zijn handpalm. Waarom deden zijn pijltjes niet wat hij voor ze bedacht?

De gezichtsuitdrukkingen van de Haagse darter verraadden onuitgesproken gedachten: dit geloof je toch niet? Heb ik weer. Wanneer houdt de pech op? Dit kan toch niet waar zijn?

Van Barneveld was een case voor studenten psychologie. Hij was meer met denken in de weer dan met doen. Maar hoe schakel je je hersens uit als ze eenmaal malen?

Tijdens zijn beurten ging het hoofd voor even omhoog, de voet tegen de stootrand en gooien. Maar de pijlen weigerden te gehoorzamen. Van Barneveld schudde van nee.

Het gesjok terug naar het tafeltje voor een slok water werd Van Barneveld bijna te veel. Alle fut was eruit. En toch – opeens, in geslagen positie – vond hij ergens de veerkracht om nog drie sets te winnen.

Te laat, Barney lag uit het toernooi.

Inmiddels zal de Haagse darter zijn kleinzoon geknuffeld hebben. Wellicht een moment van troost en afleiding. Maar ik durf er een Bacardi-cola om te verwedden dat Van Barneveld al weer snel terugdacht aan de verloren halve finale in Londen.

Welke vorm hij zag in de mond van de baby?

Dat rode klotevakje van de triple twintig.