Wees geen zondaar. En geen heilige

Aan het begin van het nieuwe jaar doet iedereen aan zelfverbetering. Maar hoe moet dat? Een tocht langs experts. „Mindfulness is niet de oplossing.”

Angel with Boy, 2005 Dezefoto maakt deel uit van de serie Human Angels door fotograaf Marie Cecile Thijs. Foto Marie Cecile Thijs

Ja hoor, daar kwamen de commentaren weer. ‘Mediageil’, ‘misselijkmakend’, ‘aanstootgevend’. Wat was er aan de hand? Bono, de zanger van U2, had tijdens een optreden tijdelijk het podium afgestaan aan Eagles of Death Metal, nadat hij een paar emotionele liederen had gespeeld met de namen van Parijse slachtoffers op de achtergrond. Typisch Bono, vonden critici. De zingende weldoener wil altijd aandacht. Dat zie je al aan z’n uiterlijk: iemand die niet op zoek is naar aandacht zou nooit zulke gekke gekleurde brillen dragen.

Al jaren is Bono de gehate engel, de verpersoonlijking van de Gutmensch. Kijk hem eens goed bezig zijn, walgelijk – zo luidt vaak de reactie.

Toch wel vreemd, die Bonohaat, want is niet iedereen bezig met zelfverbetering? Zeker aan het begin van een nieuw jaar neem je je voor een beter mens te worden – misschien geen heilige, maar in elk geval iemand die probeert het slechte na te laten. Geen mensen afsnijden in het verkeer, minder gemene grapjes maken, tot tien tellen in een ruzie – er zijn talloze manieren om het te doen. Te veel eigenlijk. Hoe pak je dat aan, een goed mens worden?

Het is een van de oudste vragen die de mens bezighouden, en een definitief antwoord bestaat niet. Maar je kunt ernaar op zoek, met hulp van experts, die vertellen wat ‘goed doen’ betekent in Nederland en, uiteindelijk, hoe je ervoor zorgt dat je goed bent.

Mandela

Over wat ‘goed doen’ inhoudt, verschillen de meningen. Een jihadstrijder die zichzelf opblaast voor zijn religie vindt vast dat hij goed bezig is, net als Volkert van der G. en de rebellen van de FARC.

Ook buiten het gewelddadige spectrum heb je mensen die bij goed doen niet denken aan Moeder Theresa. Aanhangers van de libertaire Amerikaanse schrijfster Ayn Rand geloven bijvoorbeeld dat altruïsme het absolute kwaad is: pas als iedereen alleen zijn eigen geluk najaagt, zijn mensen werkelijk vrij en zal de samenleving optimaal functioneren.

Maar met haar stelling dat altruïsme de samenleving kapotmaakt behoort Ayn Rand tot een minderheid. Matthijs van Veelen, hoogleraar evolutie en gedrag aan de UvA, zegt dat altruïsme een logisch onderdeel is van ons gedrag. Samenwerken kan ons voordeel opleveren; niet alleen als we er direct iets voor terugkrijgen, maar ook als het ons imago opvijzelt. „Als jij vrijwilligerswerk doet dan zien niet alleen de ontvangers dat, maar ook je buren, ouders en mensen op je werk”, zegt hij.

Goed doen is dus ook iets sociaals: onze omgeving bepaalt mede wat wij beschouwen als goed gedrag.

Er zijn twee aspecten die daarbij meewegen, zegt Theo Schuyt, hoogleraar filantropie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Het eerste is de mate waarin mensen zich inzetten voor anderen en de samenleving. Het hoogste aanzien krijgen mensen die bijdragen aan de toekomst van mens en aarde: iemand als Mandela, of Alexander Fleming, de bacterioloog die penicilline ontdekte. Maar ook, zegt Schuyt, een Pieter Teyler van der Hulst – de oprichter van het Teylers museum – of Bill Gates, de softwaremiljardair die probeert malaria uit te roeien.

Het tweede aspect is de belangeloosheid van de daad, zegt Schuyt. „Je wordt een goed mens gevonden als je eigenbelang totaal niet gediend wordt, of sterker nog, als een actie ten koste gaat van jezelf. Als je met gevaar voor eigen leven gewonde makkers uit een vuurgevecht sleept, krijg je de Willemsorde.” Maar belangeloos goed doen komt veel vaker voor dan we logisch vinden. Als voorbeeld noemt hij de 30 miljoen aan nalatenschappen die KWF Kankerbestrijding jaarlijks krijgt. „Waarom geven mensen geld aan KWF als ze hun partner al zijn verloren?”

Ouderenhofjes

In vergelijking met andere landen scoort Nederland hoog op zowel vrijwilligerswerk als het geven aan goede doelen. Tekenend is volgens Schuyt dat Nederland het grootste aantal ouderenhofjes heeft van Europa.

Gabriël van den Brink, hoogleraar maatschappelijke bestuurskunde in Tilburg, die onderzoek deed naar idealisme in Nederland, heeft daarvoor een eenvoudige verklaring: in andere delen van Europa wordt veel zorg verleend in familieverband, terwijl wij dat hebben uitbesteed aan de staat. „Daardoor ontstaat meer ruimte voor vrijwilligerswerk.”

De tweede verklaring heeft te maken met secularisatie. „Wij definiëren het goede niet meer in relatie tot God, maar in verhouding tot andere mensen. 44 procent van de Nederlanders vindt ‘iets voor anderen betekenen’ het belangrijkste in het leven”, aldus Van den Brink. Goed burgerschap betekent volgens Nederlanders dan ook vooral een goede omgang met medeburgers. „Als het gesneeuwd heeft moet je de sneeuw van je stoep wegruimen, en je moet de buurman helpen als die iets nodig heeft.”

Filantroopkoning

Dan nu de vraag: hoe zorg je ervoor dat je zelf een goed mens wordt? Eén antwoord is te vinden in de deugdethiek. Volgens Paul van Tongeren, hoogleraar ethiek aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, word je een goed mens door te proberen een beter mens te worden. „Het groeiperspectief is heel wezenlijk in de deugdethiek. Een goed mens is erop gericht zichzelf te verbeteren.” De deugdethiek gaat ervan uit dat we onszelf vormen in alles wat we doen, zegt Van Tongeren. „Met elke handeling trek je een spoor waardoor je later in vergelijkbare situaties gemakkelijk op dezelfde manier zult handelen. Als je tijdens een saaie lezing even je mail checkt, maak je jezelf daarmee tot iemand die in zulke situaties afleiding zoekt. Een mens is een zich steeds verder vormend geheel van houdingen.”

Als richtlijn raadt Van Tongeren de vier kardinale deugden aan die sinds Aristoteles centraal staan in de deugdethiek: moed, maat, verstandigheid en rechtvaardigheid. En de deugdethiek biedt nog een instrument: het idee dat de deugd een midden is tussen extremen. „Als je je bijvoorbeeld afvraagt hoe je in een concrete situatie vriendelijk kunt zijn, dan zegt de deugdethiek dat een vriendelijk persoon het midden houdt tussen een allemansvriend en iemand die argwanend of chagrijnig in het leven staat.”

Een derde tip: ga op zoek naar iemand die als voorbeeld kan dienen. Van Tongeren noemt de deugdethiek „sterk op ambachtelijkheid gestoeld”: elke leerling kiest een leraar die hij probeert na te doen.

Zelfvorming kost wel tijd, waarschuwt hij: tijd die we steeds minder lijken te hebben. Ja, de werkweek is nu korter dan vroeger, maar het tempo van het werk ligt hoger en mensen nemen hun werk vaker mee naar huis. De opmars van yoga en mindfulness ziet hij niet als de oplossing. „Ik denk dat het belangrijk is in je activiteiten aan zelfverbetering te doen in plaats van een uurtje ernaast.”

Het is ook belangrijk om voor ogen te houden dat zelfverbetering een individuele daad moet zijn, zegt Van Tongeren: „Je moet je niet al te zeer afhankelijk maken van wat anderen erover denken.”

Compenseer met een lullige grap

Dat is misschien wat mensen dwarszit aan filantroopkoning Bono: door zijn vermeende ijdelheid worden al zijn daden geïnterpreteerd als gericht op het krijgen van applaus. En er speelt nog iets mee. Volgens Van den Brink hebben we vanuit ons religieuze verleden een dubbel mensbeeld: je bent een zondaar of een heilige. De heilige geeft alles weg; alle anderen zijn zondaars. „Het lijkt wel alsof we nog steeds aan dat beeld vastzitten, want als iemand een altruïstische daad verricht zeggen mensen meteen: ja, maar er zit eigenbelang achter.”

Probeer jezelf dus te verbeteren, maar verwacht er niets voor terug. En trek nog een les uit de reacties op Bono: té goede mensen vindt men vervelend. Al die uren vrijwilligerswerk kun je dus het beste compenseren met een lullige grap op zijn tijd.