Column

Niet om aan te zien

Prof. dr. Laurens hier, ik ben – om mezelf even oneerbiedig voor te stellen – de kat van juffrouw Verbaan. (Ik hoor u denken, en: ja, het is wel degelijk mogelijk jezelf eerbiedig voor te stellen. Ik sta er om bekend en neem er doorgaans flink de tijd voor. Ik kijk namelijk erg tegen mezelf op, niet alleen in fysieke zin, omdat ik mijn DNA van plint tot plafond placht te verspreiden, nee, wanneer ik aan mijn persoon denk word ik overspoeld door gevoelens van bewondering. Een prettige ervaring, waarna ik graag iets eet.) Ik viel op deze plek al eens eerder in voor juffrouw Verbaan, in januari 2014, toen haar wankele gemoed haar ertoe gedreven had een pot pindakaas te vragen ‘Wat doe jij nou helemaal? He? Niks toch zeker? Jij staat hier wel, met je etiket, maar het betekent ALLEMAAL HELEMAAL NIKS EN HET MAAKT OOK NOG EENS NIETS UIT!’ Vraag me niet hoe ik het doe, maar ik weet uit mijn ondergeschikten de meest subtiele signalen op te vangen en dan handel ik ook direct. In dit specifieke geval ben ik meteen op mijn bak gaan zitten. Daar trad begrip in, en na me kort verloren te hebben in een spel met korrels en een uitgedroogde drol van Hernia Kat (Kameraad ‘De Kat met Korte Pootjes’ heeft na zijn meest recente treffen met De Witte Jassen een veel kortere bijnaam, heerlijk), wist ik wat mij te doen stond. Ik zou haar column overnemen.

Nu is het weer zo ver. Ze ligt namelijk ieder vrij moment als een vod op de bank naar Making a Murderer te kijken. Het is werkelijk niet om aan te zien. Niet in de laatste plaats omdat ze het bij voorkeur doet in een pyjama-achtig pak dat zij, wanneer ze na een verplichting buitenshuis waar ze echt niet onderuit kon, bij thuiskomst meteen weer aanschiet. Hele uren ligt ze te zuchten over het leed waar ze zelf zo lekker voor is gaan liggen, met kerstrestjes. Ergens middenin de nacht verplaatst ze zich met het Netflix-apparaat naar boven, waar ze in slaap valt, waardoor ze die aflevering weer moet inhalen op een moment dat ik gekamd had kunnen worden. Hernia Kat vindt het wel best allemaal. Daar kan ik me zo over opwinden. Wanneer ik een geleedpotige van zijn abdomen gescheiden heb, of er een antenne vanaf geplukt heb, of een poot of twee, dan ben ik ook gewoon benieuwd hoe hij dat gaat oplossen. Maar nee, als ík daar lekker voor ga zitten word ik du moment dat ze het doorheeft weggejaagd en een maniak genoemd. De geleedpotige wordt gered of gedood en het spel is uit. Affreus! Zo oneerlijk. Ik weet dus niet of die lamzak zelf nog mooie gedachten heeft over het nieuwe jaar, maar ik dacht aan de drie kernwoorden: kaas, kammen en ham. Maar kom er maar eens om in dit vegetariërshol. 2016 wordt weer sappelen.