Energiehandelaren buitenspel gezet

Bij Vandebron kopen consumenten hun groene stroom direct van de producent.

Foto Arjen Born

Klei, modder, gure wind. Vlak achter de dijk aan de Grevelingen schroeven werklieden in oliepakken de laatste onderdelen van een enorme windmolen van Deltawind in elkaar. Een hijskraan staat klaar om het gevaarte met een totale hoogte van 150 meter overeind te zetten zodra de wind even gaat liggen.

Het contrast tussen de werklieden in de gure polder en de „snelle jongens” van Vandebron kan bijna niet groter. Op de warme zolderverdieping van een statig pand aan de Herengracht in Amsterdam krioelt het van hip geklede medewerkers met laptops en telefoons. Anderhalf jaar geleden lanceerden vier jonge ondernemers hun start-up in de energiewereld: groene stroom direct van de producent. In het eerste jaar haalden ze 25.000 klanten binnen, in 2015 waren dat er al 50.000. Voor komend jaar is opnieuw een verdubbeling voorzien.

Wat ze doen? Ze koppelen klanten direct aan producenten van groene stroom, buiten de grote energiebedrijven om. En zetten de markt op zijn kop doordat ze de handel in stroom van de traditionele energiebedrijven, buitenspel zetten.

Vandebron produceert niet zelf en verdient dus niet aan de hoeveelheid stroom die wordt afgenomen, zoals de bestaande energiebedrijven, maar bemiddelt slechts tussen klant en producent en krijgt daar maandelijks een vast bedrag voor, 12,50 euro per klant, inclusief btw. Aart van Veller, een van de oprichters, legt uit: „Wij zijn een platform, een marktplaats.”

Hoe dat werkt is te zien op de website van Vandebron. De energie-start-up heeft contracten afgesloten met vijftig producenten van groene stroom, opgewekt met zonnepanelen, windmolens, of biovergisters waar energie wordt gewonnen uit mest en organische restproducten.

Iedere deelnemer biedt zijn stroom tegen een bepaalde maandprijs aan. Je kunt kiezen op prijs, maar ook op herkomst. Zonne-energie is het meest gewild en daarom iets duurder dan windenergie. Stroom uit de biovergister, van bijvoorbeeld varkenshouders, is het goedkoopst.

De producent, meestal een agrariër, bepaalt zelf hoeveel hij voor zijn stroom wil hebben. De klant kiest, Vandebron zorgt voor het papierwerk.

Virtuele verbinding

Het is een virtuele verbinding, er loopt geen directe kabel van de producent naar de klant. Dat hoeft ook niet want een groen opgewekt elektron verschilt niet van een grijs opgewekt elektron. Het gaat om de groencertificaten die eraan hangen – garanties van oorsprong.

De producent brengt een bepaalde hoeveelheid stroom naar het net en de klant haalt exact diezelfde hoeveelheid er weer af. Van Veller: „Er is geen fysieke koppeling, maar wel een financiële en een administratieve.” Dat onderscheidt Vandebron van andere groene leveranciers. Hij vergelijkt de groene stroommarkt met een vissenkom, met kraantjes onderin. „Een Nuon of een Essent koopt grijze stroom op de markt of produceert die zelf en gooit die in die kom. Onderaan laten ze het eruit lopen voor de klanten en plakken er dan een groencertificaat op dat ze meestal uit het buitenland halen.” Zo krijg je ‘sjoemelstroom’, aldus Van Veller: grijze stroom dus die als groene stroom wordt verkocht met certificaten van bijvoorbeeld waterkrachtcentrales in Noorwegen die het energiebedrijf los inkoopt.

Ondanks de fysieke en culturele afstand, blijkt Vandebron precies te bieden waar de directie van Deltawind op Goeree-Overflakkee naar op zoek was. De vier nieuwe turbines, waaraan nu de laatste hand wordt gelegd, gaan begin 2016 draaien voor de klanten van Vandebron.

Deltawind is een lokale coöperatie die al meer dan vijfentwintig jaar windenergie produceert. Het begon in de jaren negentig met een enkel molentje, een „tweewiekertje” van 150.000 gulden. Op dit moment telt de coöperatie ruim 1.900 leden die met elkaar 5,5 miljoen euro hebben ingelegd. Deltawind exploiteert, inclusief de vier nieuwe turbines aan de Grevelingen, in totaal zestien windmolens en een zonnepark met een capaciteit van ongeveer 34 MW (megawatt). Alleen bewoners van dit Zuid-Hollandse eiland kunnen lid worden van de coöperatie, maar iedereen kan de stroom kopen.

Whizzkids uit Amsterdam

Monique Sweep, directeur van Deltawind, was meteen enthousiast over het concept van Vandebron, maar ze moest het ook aan haar leden kunnen uitleggen. „Je vraagt je af: wat doen die whizzkids uit Amsterdam allemaal? Met wie doe je zaken, is dat financieel wel stabiel?”

Op het kantoor van Deltawind in Oude-Tonge vertelt Sweep hoe ze zich liet overtuigen. Zakelijk bleek alles te kloppen. Vandebron neemt alle groencertificaten af (een certificaat is goed voor 1.000 kilowattuur) en ook de stroom zelf.

Wat de constructie voor Deltawind aantrekkelijk maakt is dat er een directe relatie wordt gelegd tussen de windmolens op Goeree-Overflakkee en de klant. „Voor ons is dit een pr-verhaal”, zegt Sweep. „Wij vinden dit gewoon een erg leuke manier. Je kunt hier zelf komen kijken en een gevoel krijgen waar je energie vandaan komt.”

Op het traditioneel gelovige eiland is de gedachte van het ‘rentmeesterschap’ nog springlevend. Deltawind schrijft op zijn website: „We geloven dat een betere wereld een duurzame wereld is. Want: we erven de aarde niet van onze voorouders, maar hebben haar te leen van onze kinderen.”

Bovendien, zegt Sweep, je weet van tevoren welke prijs je betaalt via Vandebron. „Dat spreekt ons ook aan: geen flauwekul met welkomstpremies en lobbyen. Je krijgt wat je krijgt, dat is goed en dat leveren wij.”

Op het kantoor in Amsterdam zijn acht technici constant bezig om het platform te verfijnen. Het ‘matchen’ van vraag en aanbod van duurzame energie is niet eenvoudig, legt Van Veller uit. „Het weer kan de opwek van wind- en zonne-energie danig in de war sturen. Er moet groene stroom worden bijgekocht als er onvoldoende beschikbaar is. En de klant moet er natuurlijk wel zeker van zijn dat de stroom die hij of zij koopt ook echt groen is opgewekt.” Vanaf 1 januari dus ook door Deltawind op het Zuid-Hollandse eiland Goeree-Overflakkee .