Carlsen schrok even van zichzelf

HANS REE

Twee dagen lang, na de zesde en zevende ronde van het open toernooi in Doha (de hoofdstad van Qatar) was Anish Giri op de dagelijks ververste ratinglijst tweede van de wereld. De laatste keer dat een Nederlandse schaker zo hoog stond was op de lijst van januari 1982, toen Jan Timman eventjes tweede was achter Anatoli Karpov.

Giri kon ook niet lang genieten van zijn tweede plaats en eindigde het Qatar Open op de wereldranglijst zoals hij het begonnen was: als derde achter Carlsen en Kramnik. Jonge kroonprinsen zoals Caruana, Nakamura en Giri wisselen elkaar af, en dan is opeens de veertigjarige classicus Vladimir Kramnik terug op de tweede plaats.

Maar Kramnik heeft zich niet geplaatst voor het kandidatentoernooi van maart 2016 in Moskou en Giri wel. Op een persconferentie in Doha werd hem gevraagd of hij zich tegen Carlsen een kans gaf. Giri zei dat een kandidatentoernooi winnen moeilijker was dan Carlsen in een tweekamp verslaan. Het klonk wat oneerbiedig, maar een statisticus zou hem gelijk geven.

Na de London Classic van december 2015 schreef ik over de schaakwet die zegt dat er aan het eind een tiebreak is die wordt gewonnen door Carlsen. Die wet werd in Qatar weer bevestigd. Carlsen speelde in de laatste ronde tegen Kramnik een snelle remise die duidelijk van tevoren was afgesproken en de Chinees Yu Yangyi kwam gelijk met hem door een zware partij van vijf uur te winnen van Wesley So. In de twee beslissende vluggertjes tegen Carlsen was Yu aan het eind van zijn krachten en hij bood nog maar weinig tegenstand.

Carlsen speelde overigens in Doha een paar erg mooie partijen. Na zijn partij tegen de Chinees Li Chao was er een moment dat leek op de schrik van de ridder uit de Rit over het Bodenmeer. Terugkijkend merkte Carlsen dat hij in gewonnen stelling argeloos een zet had overwogen waarna hij mat in vijf zetten zou gaan.

Magnus Carlsen - Li Chao, Qatar Masters Open 2015

1. d4 Pf6 2. c4 g6 3. f3 d5 4. cxd5 Pxd5 5. e4 Pb6 6. Pc3 Lg7 7. Le3 0-0 8. Dd2 Pc6 9. 0-0-0 f5 10. e5 Pb4 11. Ph3 De8 12. Kb1 a5 13. Le2 c6 14. Tc1 Afwachtende zetten. Wit wil pas Pf4 spelen als zwart Le6 heeft gedaan. 14...Kh8 Ook een wachtzet, maar straks blijkt zwarts koning hier juist slecht te staan. 15. Ka1 Le6 16. Pf4 Df7 17. h4 Nu heeft hij haast. Na 17. a3 doet zwart 17...Tfd8 met de bedoeling 18...Lxe5 17...Lxa2 18. h5 Kg8 Ook 18...g5 19. Pg6+ of 18...gxh5 19. Txh5 zou slecht voor zwart zijn. 19. hxg6 hxg6 20. g4 Lb3 21. Ld1 a4 22. Dh2 Tfd8 23. Dh7+ Kf8 24. d5 Een mooie zet. Zwart kan niet 24...Lxd5 doen omdat zijn Pb6 hangt en na 24...Pbxd5 is 25. e6 moordend. Wit staat gewonnen, maar Li Chao komt nog met een geweldige vondst. 24...Pc4 Hij gaat zijn dame geven. 25. Pxg6+ Ke8 26. e6 a3 27. exf7+ Kd7

Zie diagram

Een wonderlijke stelling. Zwart staat een dame achter, maar hij dreigt mat en met simpele middelen valt dat niet te voorkomen. Na 28. bxa3 gaat wit mat door 28...Txa3+ 29. Kb1 Lc2+ 30. Txc2 (of 30. Lxc2 Ta1+ 31. Kxa1 Lxc3+ 32. Kb1 Pa3 mat) Tb3+ en mat in een paar zetten. Carlsen dacht even over 28. f8P+ (waarna hij mat zou gaan na 28...Ke8), maar deed het niet, onder meer omdat er geen derde wit paard in de buurt was. 28. Pe5+ Zo gaat het wel. 28...Lxe5 29. Dxf5+ Kc7 30. Dxe5+ Pxe5 31. Lxb3 axb2+ 32. Kxb2 Pbd3+ 33. Kb1 Pxc1 34. Txc1 Kc8 35. dxc6 bxc6 36. f4 Zwart gaf op.