Al die strenge kledingregels staan niet in de koran

Strenge kledingregels voor moslimvrouwen komen niet uit de koran, maar uit latere overleveringen. Er is ruimte voor diversiteit, schrijft Mineke Schipper.

Voor de vijfde keer wordt een poging tot wetsvoorstel gedaan om het dragen van gezichtsbedekking in het openbaar te verbieden. De belangrijkste adviseur van het kabinet, de Raad van State, was alle keren kritisch omdat dit niet verenigbaar zou zijn met de vrijheid van godsdienst. Maar waar komt die gezichtsbedekking voor vrouwen eigenlijk vandaan?

De discutabele opvatting dat vrouwen verantwoordelijk waren voor mannelijke opwinding bestond allang vóór de islam. Naaktheid (in het Hebreeuws erwah, in het Arabisch awrah) verwees in de bijbel naar blote genitaliën, maar latere rabbijnse geschriften rekten voor vrouwen de betekenis op tot meer dan een handbreedte vrouwenhuid. Net als joodse erwah strekken islamitische awrah zich bij mannen uit van navel tot knie en is het hele vrouwenlichaam door strenge geestelijken tot schaamtegebied verklaard. Ultraorthodoxe joodse en islamitische opvattingen staan in de openbare ruimte niet meer dan een handbreedte onbedekt vrouwenvlees toe.

In de koran staan twee essentiële bedekkingsvoorschriften voor vrouwen. In soera 33:59 staat: ‘O Profeet, zeg aan uw vrouwen en uw dochters en de vrouwen van de gelovigen dat zij een gedeelte van hun overjurk over zich heen laten hangen. Dit is beter, opdat zij mogen worden onderscheiden en niet worden lastiggevallen.’ De openbaring van deze tekst aan de Profeet vond plaats na een incident in 626. In de stad Medina waren geen wc’s en mensen moesten aan de rand van de stad hun behoefte doen. Volgens de overlevering was Zainab, een van de vrouwen van de Profeet, daarbij op een avond lastiggevallen. Na deze gebeurtenis beval Mohammed gelovige vrouwen zich te bedekken met een deel van hun overjurk (djilbab), zodat ze herkenbaar respectabel waren.

In soera 24:31 wordt een ander kledingstuk genoemd, de omslagdoek, in het Arabisch khimar: ‘En zegt tegen de gelovige vrouwen dat zij hun ogen neerslaan en hun kuisheid bewaken, en hun sieraad (zinat) niet tonen behalve wat daarvan zichtbaar is. En zij moeten hun omslagdoeken over hun boezem slaan en hun sieraad niet tonen behalve aan haar echtgenoten of vaders… En laten zij niet met haar voeten stampen om hun sieraden die zij verbergen te laten kennen.’

In de Arabische tekst wordt volgens kenners consistent driemaal hetzelfde woord zinat gebruikt: een waarschuwing tegen protserige sieraden en enkelbanden – vanuit het soberheidsideaal dat ze deelden met christenen. Sommige geestelijken legden zinat inderdaad zo uit, maar volgens Ibn Abbas (566-653), metgezel van de Profeet, sloeg zinat op het hele vrouwenlijf, behalve gezicht en handen. Die uitleg baseerde hij op een woordeloos gebaar van de Profeet – via anderen vernomen, want hij was er zelf niet bij geweest. Strenge kledingregels voor vrouwen komen niet uit de koran, maar uit latere overleveringen:

Een vrouw is verplicht haar hele lichaam, inclusief haren en oren, te bedekken, behalve gezicht, handen en voeten; bestaat de kans dat iemand wellustig naar haar gezicht, handen of voeten gaat kijken tijdens het gebed, dan moet ze ook die bedekken; vrouwen blijven in huis en er moet een gordijn voor hun deur hangen; zodra ze hun huis uit komen (moet een dringende reden voor zijn), moeten ze zich met een sluier bedekken.

Veel moslimtheologen kozen voor de opvattingen van Ibn Abbas. In de islam kreeg zijn visie zelfs meer gewicht dan de betreffende koranverzen. Er zijn ook islamitische godgeleerden die in de Koran geen aanleiding vinden voor complete vrouwelijke lichaamsbedekking of zelfs maar een hoofddoek. Hun interpretatie ziet er (kort gezegd) zo uit:

- Hidjab wordt in de koran helemaal niet genoemd als verwijzing naar hoofdbedekking. Het woord betekent letterlijk ‘gordijn’ of ‘afscheiding’ en het betreffende vers (soera 33:53) richt zich specifiek tot de vrouwen van de Profeet. De koran zegt in dit vers dat mannelijke moslims van achter een hidjab met de vrouwen van de Profeet Mohammed moeten praten: het gaat niet over vrouwen in het algemeen. Al eerder (33:32) had de Profeet gezegd dat zijn vrouwen niet als andere vrouwen zijn.

- Khimar: (24:31). Deze tekst over omslagdoeken gaat over borsten. Het was on-islamitisch om die voortaan nog bloot te laten zien: bedekte borsten spraken namelijk niet vanzelf in pre-islamitische tradities. Als Arabische clans ten strijde trokken, deden vrouwen de mannen uitgeleide en ontblootten daarbij hun borsten om de krijgers aan te moedigen tot heldhaftig gedrag. Het betreffende vers in de koran gaat niet over het bedekken van hoofd of haar. Als de Profeet hier lichaam plus hoofd bedoeld had, zou er geen reden geweest zijn om te zeggen dat vrouwen voortaan hun boezems moesten bedekken – en dat is wat er staat.

- De interpretatie dat zinat, (‘sieraad’) zou slaan op het hele lijf, hoofd en gezicht, berust op een tendentieuze redenering zonder feitelijke onderbouwing.

- Djilbab is de kap van de overjurk die vrouwen over hun hoofd konden trekken. De geestelijken die hidjab als hoofdbedekking verplicht blijven stellen, hebben zowel de historische achtergrond als de aanleiding tot deze openbaring (koran 33:58) opzettelijk genegeerd: de concrete aanleiding was vrouwen tegen de loerende blikken van mannen te beschermen terwijl ze hun behoefte deden.

De conclusie van deze opvallend minder bekende vrouwvriendelijke interpretaties is dat de islam geen speciale kledingeisen voorschrijft en het hoofd niet verplicht bedekt hoeft te worden. En dat er ruimte is voor culturele variaties en diversiteit. Dat vrouwen tijdens het leven van de Profeet Mohammed evident zichtbaar waren in de publieke ruimte ondermijnt latere argumenten van geestelijken om vrouwelijke afzondering en volledige bedekking te eisen. Volgens geleerden die de vroege islam bestudeerd hebben, hadden vrouwen toen meer vrijheid. Veel religieus radicalisme wordt ingegeven door mannelijke angst voor gezagsverlies.

Nu vrouwen wereldwijd meer onderwijs genieten en mondiger zijn, worden oude voorschriften soms nog fanatieker aangesleept. Bij het lezen van alle dreigementen die het internet over gelovige vrouwen uitstort, zouden moslims zich ook kunnen afvragen wat de onafhankelijke vrouwen van de Profeet zou overkomen als zij in sommige hedendaagse islamitische gemeenschappen zouden moeten leven. Er zijn meer redenen om discussies over blote of bedekte schaamte niet schichtig uit de weg gaan.