Liegen

„Waar is mijn zitje?”, vraagt mijn kleinzoon van zes als we in de auto stappen om boodschappen te doen.

„Ach...nog in de auto van je moeder, wat vervelend. Weet je wat? Ga maar op de stoel zitten met de gordel om. Dat kan best, je bent lang genoeg.”

„Maar ik ben nog geen acht, en als de politie ons aanhoudt?”

„Dan zeg ik wel dat je acht bent.”

„Je mag niet liegen...”

„Nee, maar je bent net zo groot als iemand van acht.”

Hij laat een pauze vallen , kijkt me strak aan en zegt: „Dan zeg jij het maar, want als ik mijn mond opendoe ziet de politie dat ik nog maar twee melktandjes heb gewisseld.”