Verkiezingen in CAR, exitstrategie voor de Fransen

De inwoners mogen naar de stembus. Maar velen weten niet waarover eigenlijk wordt gestemd.

Foto Issouf Sanogo / AFP

Slonzige mannen, uitgerust met geweren en speren, kijken met waterige oogjes naar een patrouille vredessoldaten in gepantserde voertuigen in de Centraal-Afrikaanse hoofdstad Bangui. Deze jongeren zijn het schorem dat de Centraal Afrikaanse Republiek (CAR) de afgelopen drie jaar in de afgrond stortte.

De Fransen noemden hun interventiemacht om orde te brengen eind 2013 optimistisch ‘Sangaris’, naar een Afrikaanse vlinder met een korte levensduur. Hoewel het land nog steeds in chaos verkeert, willen de Fransen nu weg. De verkiezingen die woensdag worden gehouden, zijn hun exitstrategie.

Opkomst van een schijnstaat

Na drie jaar burgerstrijd is de Centraal-Afrikaanse Republiek vervallen tot een schijnstaat die is onderverdeeld in islamitische en christelijke enclaves. Tientallen bendes met enerzijds een christelijke en anderzijds een moslimachtergrond controleren de goud- en diamantwinning. Niet de staat, maar deze bendes innen ‘belastingen’. Bij wegversperringen persen ze voorbijgangers af.

Een kwart van de bijna vijf miljoen inwoners is door het geweld op de vlucht geslagen. Door een klopjacht op moslims de afgelopen twee jaar is 80 procent van de moslimbevolking naar het noorden van het land verdreven. Daar riepen islamitische krijgsheren onlangs hun eigen staat uit, de Republiek Logone.

Het staatsapparaat van de Centraal-Afrikaanse republiek is een illusie geworden. De huidige interim-regering van president Catherine Samba Panza mist de capaciteit om in alle delen van het land verkiezingen te organiseren. Bij het referendum over een nieuwe grondwet, eerder deze maand, was de bevolking er nauwelijks van op de hoogte waarover gestemd moest worden. Door de onveiligheid kon geen verkiezingsmateriaal worden verspreid, zodat ook dit keer de kiezers nauwelijks weten op wie van de dertig presidentskandidaten ze kunnen stemmen. Hoewel in mei op een vredesconferentie in Bangui werd besloten tot ontwapening en verzoening, verdrinkt het door haat verziekte land in wapens en kunnen geschillen over de uitslag gemakkelijk tot nieuw geweld leiden.

Geschiedenis van de CAR vanaf de onafhankelijkheid:

In de Centraal-Afrikaanse Republiek hebben sinds de onafhankelijkheid in 1960 meer staatsgrepen en muiterijen plaatsgehad dan vrije verkiezingen. De Fransen bestuurden hun grondstofrijke kolonie als een bedrijf, waarbij het staatsgezag en zakenbelangen versmolten. Afrikaanse politici namen dit parasitaire bestuursmodel na de onafhankelijkheid over. De begin 2013 verdreven François Bozizé was behalve president van het land ook de grootse aandeelhouder van een diamantbedrijf. In de regering en aan het hoofd van staatsbedrijven benoemde hij familieleden, inclusief zijn maîtresses.

Etnische zuiveringen

Aan deze schijnvertoning kwam een einde toen een bonte groep rebellen en huurlingen uit het veronachtzaamde, overwegend islamitische noordoosten in 2013 in gammele auto’s de hoofdstad binnentrok. Deze onderklasse van analfabete en gefrustreerde jongeren, geleid door criminelen en krijgsheren, maakte een einde aan de kleptocratie. Maar hun omwenteling bracht ook een cyclus van etnisch en religieus geweld op gang. Zelfverdedigingsgroepen uit het christelijke westen kwamen in opstand tegen de ordeloze moslimstrijders en begingen daarbij al even verschrikkelijke misdaden. Zo viel het land in handen van jeugdig tuig, gemanipuleerd door krijgsheren die meer belang hebben bij oorlog dan bij vrede.

De Verenigde Naties betitelden de wraakacties tegen moslims sinds begin vorig jaar als „etnisch religieuze zuiveringen”. Toch was er nooit eerder sprake van godsdienstige twisten in het land. Ook bestonden er nooit spanningen tussen boeren en veehouders. Nu staan in de christelijke gedeeltes van het land de winkels van moslims leeg, en zijn in de moslimsteden de markten van christenen verlaten. En de nomadische (islamitische) veehouders, de Mbororo, zijn hun leven niet meer zeker in ‘christelijke’ landbouwgebieden.

Zo is de Centraal Afrikaanse republiek het schrikbeeld voor Afrika geworden: hoe een slecht bestuurd land verbrokkelt tot dievenstaatjes gegroepeerd rond goud- en diamantenmijnen. Dat er in een dergelijk gefaalde staat verkiezingen plaatsvinden is misschien een wonder. Dat ze tot de noodzakelijke verzoening en stabiliteit leiden een ijdele hoop.