Het offer van de babypijltjes

Met stevig lobbyen probeerde de vuurwerkbranche inperking van de verkooptijd te voorkomen. Dat lukte. Alleen babypijltjes moesten eraan geloven. Een reconstructie.

Foto Bart Maat/ANP

Ahmed Aboutaleb zit in de perskamer op het stadhuis van Rotterdam. Het is net 2012, een week na de jaarwisseling. Aboutaleb zit aan een grote, witte tafel. Hij praat met de tv. Het scherm is in vieren verdeeld. Linksonder is Aleid Wolfsen te zien, dan nog burgemeester van Utrecht. Rechtsboven Jozias Van Aartsen van Den Haag, linksboven de Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan. Rechtsonder het gezicht van Aboutaleb. De G4 komt zelden fysiek bijeen.

Tijdens Oud en Nieuw heeft vuurwerk in Rotterdam meer dan zeven ton schade veroorzaakt. Parkeerautomaten zijn opgeblazen, er is met vuurpijlen op agenten en stadswachten geschoten. Aboutaleb is het zat. Ook de andere burgemeesters vinden: consumentenvuurwerk moet aan banden worden gelegd. Ze besluiten brieven te sturen aan minister Opstelten en de pers.

Twee jaar later krijgt Aboutaleb zijn zin. In januari 2014 worden de burgemeesters uitgenodigd door de toenmalige minister Ivo Opstelten (Justitie, VVD) en staatssecretaris Wilma Mansveld (Infrastructuur, PvdA). Op de kamer van Opstelten is de klus binnen anderhalf uur geklaard.

Het plan is om de toegestane afsteektijd van vuurwerk te verkorten en de verkoopperiode terug te brengen van drie dagen naar anderhalve dag.

Op 11 maart 2014 bereiken de plannen van de burgemeesters de media. Leo Groeneveld, de grootste vuurwerkimporteur van Nederland ziet het bericht voorbijkomen op zijn computer. Hij raakt niet in paniek. Hij heeft jarenlang ervaring in de branche en weet: er wordt zo veel geroepen over vuurwerk.

Het hoofdkantoor van Groenevelds importbedrijf Lesli BV is gevestigd in het Gelderse plaatsje Lichtenvoorde, vlak bij de Duitse grens. Aan de muur van zijn werkkamer hangt een schilderij van besneeuwde bergen verlicht door siervuurwerk. In de hoek staan vuurwerkboeketten: lange nepbloemen afgewisseld met vuurpijlen.

Zo’n 500 meter verderop ligt de vuurwerkopslag, waar donkergroene loodsen maximaal drie miljoen kilo aan sier- en knalvuurwerk herbergen. Kartonnen dozen met Punkrockers, Big Momma’s en McThunders, opgestapeld tegen de muren.

Anderhalve maand na het nieuws, op 22 april, ontvangt staatssecretaris Mansveld Groeneveld op haar kamer. Groeneveld is niet alleen de grootste vuurwerkimporteur van Nederland, hij is ook voorzitter van de branchevereniging Pyrotechniek Nederland (BPN). Hij heeft doorgaans goed contact met het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Maar deze keer heeft Mansveld slecht nieuws.

Het ontwerpbesluit heeft intussen een iets andere vorm gekregen dan de oorspronkelijke wens van de burgemeesters. Mansveld heeft met verschillende partijen gesproken en de anderhalve verkoopdag is opgerekt tot twee dagen. Dat is beter te handhaven voor politie en douane en altijd nog flink minder dan drie dagen.

Groeneveld is verrast. De plannen van de burgemeesters nemen dus serieuze vormen aan. Toch denkt hij nog: het zal zo’n vaart niet lopen.

Aan de andere kant van het land, in het Zuid-Hollandse Giessenburg, woont een man die zich wel degelijk zorgen maakt: vuurwerkverkoper Adrie van Herk. Hij ergert zich al jaren aan de passieve houding van de branchevereniging en aan voorzitter Groeneveld, die altijd maar meebuigt met de overheid. Van Herk is een hardliner, hij wil geen enkele verkoopdag inleveren.

Adrie van Herk is als vuurwerkverkoper niet aangesloten bij BPN. Een tiental onafhankelijke vuurwerkverkopers komt een paar keer per jaar bijeen om over hun werk te vergaderen. Zij noemen zichzelf Behoud Vuurwerktraditie.

Samen met Ignas Kuppens, ook lid van Behoud Vuurwerktraditie, maakt Van Herk een afspraak met Maarten van Hasselt, een 32-jarige lobbyist uit Den Haag. Van Hasselt heeft al eerder gelobbyd voor het behoud van Kuppens radiozender Keizerstad.fm.

Als Behoud Vuurwerktraditie een week later weer bijeenkomt, is Maarten van Hasselt daar ook bij. De avond verloopt voorspoedig, totdat een van de aanwezigen op zijn telefoon kijkt. RTL Nieuws meldt dat vuurwerk dat jaar korter verkocht mag worden: twee dagen. De vuurwerkverkopers balen: BPN heeft dus te weinig gedaan om dit besluit tegen te houden.

Countryclub

De vlotte Maarten van Hasselt, een geboren netwerker, was tijdens zijn studietijd al actief bij een studenten- en hockeyvereniging. Nu is hij voorzitter van de jongerencommissie van sociëteit Nieuwspoort. Hij is ook voorzitter van de Haagsche Countryclub Groen Geel (hockey en golf). In februari 2014 heeft Van Hasselt lobbybureau Haags Advies opgericht.

De lobby voor Keizerstad.fm was zijn eerste klus, het vuurwerkbesluit zijn tweede. Deze keer durft hij het niet in zijn eentje aan. De vuurwerkbranche staat op achterstand, en het debat in de Tweede Kamer waar de verkoopdagen op de agenda staan, is al over een paar weken. Van Hasselt betrekt zijn vader erbij. Coert van Hasselt is ook lobbyist, oprichter van het succesvolle lobbybureau Van Hasselt & Partners en gespecialiseerd in ‘emotionele lobby’: tabak, wapens.

De Van Hasselts hebben een mantra voor succesvolle lobby: het juiste bericht op het juiste moment bij de juiste persoon. De ochtend na de vergadering met Behoud Vuurwerktraditie zit Maarten van Hasselt achter zijn computer om een afspraak te maken met Ahmed Marcouch. Marcouch is een van de weinige Kamerleden in de commissie voor Veiligheid en Justitie wiens mening niet vaststaat vanuit partij-ideologie. Als PvdA’er kan hij nog alle kanten op.

Een ander mantra voor een goede lobby: gemengde berichtgeving werkt in je nadeel. Een kleine partij als Behoud Vuurwerktraditie heeft geen enkele kans als hun boodschap ingaat tegen die van een grote branchevereniging als BPN.

Maarten van Hasselt kent iemand die nauw samenwerkt met de branchevereniging BPN: Wouter Weide, secretaris van de Raad Nederlandse Detailhandel. Via Welkoop, de grootste vuurwerkverkoper van Nederland, onderhoudt de raad goed contact met BPN. Van Hasselt en Weide zijn vrienden, ze hockeyen samen bij Groen Geel. Van Hasselt in Heren 1, Weide in Heren 3.

Ze besluiten het vuurwerkprobleem samen aan te pakken, al werken ze voor verschillende belangenverenigingen. Ze vergelijken de boodschap van Van Herk met die van BPN-voorzitter Groeneveld. Weide en Van Hasselt gebruiken grotendeels dezelfde cijfers, waaruit blijkt dat verkoop in minder dan drie dagen tot chaos zou leiden bij verkooppunten. Van Hasselt neemt die boodschap mee naar het Binnenhof.

Van Hasselt senior vraagt Max Hermans, oud-LPF-Kamerlid en sinds 2007 partner bij Van Hasselt, om zijn zoon te helpen.

Geld verbranden

Bij Ahmed Marcouch thuis werd vroeger met oud en nieuw geen vuurwerk afgestoken. Vuurwerk is geld verbranden, zei zijn vader altijd. Zijn eigen kinderen heeft hij wat vuurwerk betreft hetzelfde meegegeven als zijn vader hem: de nadelen van vuurwerk wegen niet op tegen het plezier.

In de werkkamer van Marcouch in Den Haag nemen vuurwerkverkoper Van Herk en oud-LPF’er Hermans plaats aan een grote tafel. Marcouch blijkt makkelijk mee te krijgen. Sterker nog, hij wás al geen voorstander van het ontwerpbesluit. Hij gelooft niet in verbieden en denkt dat inperking van de verkooptijd tot meer illegale handel zal leiden. Marcouch ziet meer in handhaving vanuit de branche zelf: goede voorlichting bij de verkoop van vuurwerk, het standaard meegeven van een vuurwerkbril. Van Herk belooft daarvoor zijn best te doen. Goed, zegt Marcouch, dan mag je die drie dagen wat mij betreft best houden.

Op 2 juli, de dag voor het Tweede Kamerdebat, wordt Marcouch gebeld door nu.nl. De nieuwssite wil horen wat Marcouch over het ontwerpbesluit gaat zeggen. Marcouch laat weten dat hij geen voorstander is van beperken van de verkooptijd. Klaas Dijkhoff van de VVD, dan nog Kamerlid en lid van de commissie Veiligheid en Justitie, is ook tegen. Nu.nl kopt: ‘Kamer tegen inperken verkoopdagen vuurwerk’.

Het Kamerdebat verloopt de volgende dag weinig verrassend. Er blijven drie vuurwerkverkoopdagen. Wel wordt de afsteektijd verkort. Het vuurwerk mag op Oudjaarsdag vanaf zes uur ’s avonds de lucht in, voorheen was dat tien uur ’s ochtends.

Na het debat gaat de telefoon van Marcouch. Het is Aboutaleb. Jammer dat het ontwerpbesluit er niet doorkwam, zegt hij, jammer dat jij niet meeging.

Marcouch blijft bij zijn standpunt.

De vuurwerkbranche neemt op 13 oktober 2014 babypijltjes uit de handel – dat is haar kant van de deal. Over dit soort vuurwerk werd al jaren geklaagd door hulpverleners en overheid, omdat ze uit de hand kunnen worden geschoten en mensen die dus op elkaar richten.

Op het opslagterrein van Leo Groeneveld was het afgelopen maand al een druk af- en aanrijden van heftrucks vol dozen met vuurwerk. De ladingen voor de jaarwisseling worden opgeslagen en naar de verkopers gebracht.

Een wagen vol babypijltjes rijdt over het terrein. Groeneveld kijkt ze na. Die gaan morgen naar Duitsland, zegt hij.