Het mooiste is een heterdaadje

In steeds meer wijken zijn buurtwachten die een oogje in het zeil houden. Werken ze? En hoe dan?

Buurtwachten John van der Linden en Hilda van Stuivenberg: „Mensen kunnen minder hebben, vliegen snel tegen het plafond.” Foto Olivier Middendorp

De buurtwacht liep twee man sterk door de straat toen iemand uit de bosjes kwam. Marco Gerritsen (37) richtte zijn zaklamp op de figuur. „Wat ben jij aan het doen?” Geplast, antwoordde de man, en verdween. „Maar hij droeg handschoenen, dat vonden we vreemd. En hij was helemaal in het zwart gekleed. Dat vonden we verdacht.” Gerritsen belde de politie, die in de buurt was. De man werd gevonden en ontmaskerd: een benzinedief. Dat was in 2014, hun grootste vangst tot nu toe.

Maandereng is een Edese nieuwbouwwijk uit de jaren tachtig, met rijtjeshuizen. Het is er mode een fonteintje in de voortuin te hebben. In 2013 was er een inbraakgolf; bijna iedereen kende wel een buurtbewoner van wie spullen waren gestolen. „Mensen voelden zich minder veilig in hun huis”, zegt Gerritsen. Hij is beveiliger op Schiphol en richtte in 2013 de buurtwacht op. Gewoon, door een Facebookpagina aan te maken en een oproep te plaatsen voor buurtbewoners. Nu patrouilleren er meestal zeven dagen per week mensen met gele hesjes in de straat. Zij speuren naar onveilige situaties.

Dit team heeft een harde kern van acht leden. „Schoonmakers, vuilnismannen, iemand die nog op school zit, beveiligers zoals ik.” Als ze iets verdachts zien, bellen ze de politie, gewoon op 112. Ze hebben geen privileges boven andere burgers.

De afgelopen vijf jaar zijn er veel van dit soort ‘buurtpreventieteams’ bijgekomen, constateren onderzoekers onafhankelijk van elkaar. Marco van der Land was tot vorig jaar gespecialiseerd in veiligheid en burgerschap aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, inmiddels is hij verbonden aan de Haagse Hogeschool. Hij schat dat er zo’n driehonderd van dit soort teams in Nederland actief zijn.

Tegen het plafond

Schoonmaakster Hilda van Stuivenberg (45) loopt meestal twee diensten per week. Vandaag rookt ze sigaretten en praat ze met medebuurtwacht John van der Linden (66), gepensioneerd jongerenwerker. Links en rechts schijnen ze met hun zaklantaarn op woningen, auto’s, in steegjes waar de achtertuinen aan grenzen. Als er een raam openstaat en de bewoners lijken niet thuis, doen ze een „waarschuwingsbericht” in de bus. Vandaag is dat nergens nodig. Het is stil op straat. Er is een man die zijn bruine labrador uitlaat.

De criminaliteit in Nederland wordt harder, denkt Van Stuivenberg. Mensen kunnen minder hebben en „vliegen snel tegen het plafond”, vindt John van der Linden.

Onderzoeker Van der Land filosofeert graag over „dat toenemende gevoel van onzekerheid” dat mensen in Nederland hebben. Ook het „gevoel van onbehagen en onveiligheid” is naar zijn idee toegenomen.

Het Sociaal en Cultureel Planbureau concludeerde deze maand dat 60 procent van de Nederlanders de indruk heeft dat de criminaliteit toeneemt. In 2012 was dat nog 64 procent. Terwijl Nederland volgens het SCP steeds veiliger wordt. Uit het onderzoek blijkt dat Nederlanders in 2014 de „minste criminaliteit sinds jaren” rapporteerden.

Voor Hilda van Stuivenberg is de buurtwacht ook een soort sport. Ze is suikerpatiënt en wil daarom genoeg bewegen, maar de spinning bike op zolder is zo saai. Van der Linden heeft bij jeugdzorg gewerkt en is nu met pensioen. Hij wil graag iets betekenen voor zijn wijk. Mensen initiëren buurtwachten vaak zelf. „Het gaat vaak niet zozeer om probleemwijken, maar juist om meer gegoede buurten.” De gemeente verstrekt soms ‘werkkleding’, biedt cursussen en houdt contact met de wachten.

Ongeveer zeven keer heeft buurtwacht Maandereng een „heterdaadje” gehad dat tot een aanhouding leidde. Behalve de benzinedief was er ook een man die twee broden stal uit een magazijn.

Vorig jaar met Oud en Nieuw was een groep jongeren fikkie aan het stoken, zegt Van Stuivenberg als ze langs een schutting naast een bedrijventerrein lopen. Van Stuivenberg raakte aan de praat met een van de jongens, die haar vertelde onder invloed van coke en speed te zijn. Dat kon je ook aan hem zien. „Ze wilden naar een of ander partyfeest. Dus toen heb ik de politie gebeld.” De jongen werd opgepakt.

Slecht imago

Buurtwachten hebben soms een slecht imago, zegt Van der Land. „Als ze in achtertuinen gaan kijken of de deur op slot zit, vinden sommige mensen dat heel vervelend.” Toen Marco Gerritsen met zijn idee voor een buurtwacht bij de gemeente aanklopte, werd gewaarschuwd: „Maar het moet geen knokploeg worden.”

Ook in Maandereng werd geprotesteerd. Het oudste lid van de Edese buurtwacht ging vroeg in de morgen zijn honden uitlaten en ontdekte de leuzen op woonhuizen en stroomhuisjes. Er stonden dingen als „BPT weg ermee” en „kankerzooi NSB”, herinnert Van Stuivenberg zich. Ze vermoeden dat het een bekende „anti-autoritaire” man uit de wijk is, maar de dader is nooit gevonden. Van der Land: „Het is een paar keer gebeurd dat iemand van een buurtwacht door bewoners werd belaagd.”

Maar, wérkt het, die buurtwacht?

In Nederland zijn nog geen resultaatmetingen naar burgerwachten gedaan. Buitenlands onderzoek laat een positief beeld zien, constateert socioloog Vasco Lub, verbonden aan de Erasmus Universiteit. „De meerderheid van internationale evaluaties rapporteert een grotere reductie of kleinere toename in criminaliteit ten opzichte van vergelijkbare wijken waar geen burgerwachten actief zijn.”

De gemeente Ede denkt dat de buurtwacht in Maandereng heeft geholpen. In 2014 is het aantal inbraken in de hele stad bijna 45 procent gedaald ten opzichte van 2013 – specifieke cijfers voor de wijk zijn niet bekend. Vaak gaat dit soort projecten samen met andere initiatieven om de veiligheid te vergroten, zoals inbraakpreventiecampagnes. Daardoor valt de directe invloed niet goed te meten.

In Tilburg zijn het afgelopen jaar opmerkelijke resultaten geboekt met een digitale burgerwacht. In verschillende wijken nemen bewoners deel aan WhatsAppgroepen, waar ze – nadat ze de politie hebben gebeld – melding doen van verontrustende gebeurtenissen. In de 35 buurten waar tot dan toe een digitale burgerwacht was, is het aantal inbraken afgenomen met 40 procent.

Op dit moment zijn in negentig buurten WhatsAppgroepen actief. De wijkagent wordt er ook bij betrokken. Ben Vollaard, hoofddocent economie aan de Universiteit van Tilburg, doet samen met student Martijn Akkermans onderzoek naar de invloed van de WhatsAppgroepen. „Die hebben een afschrikwekkend effect”, zegt Vollaard. Vaak zijn potentiële inbrekers mensen uit de buurt, die horen dat bewoners elkaar waarschuwen als er iets gebeurt, ze weten dat er in de wijk goed wordt opgelet. „Ik houd me al heel lang met preventie bezig en hoe goed dit werkt is echt héél bijzonder.”

Uit het onderzoek van Van der Land blijkt „ vrij duidelijk”, zo zegt hij, dat buurtwachten bij kunnen dragen aan het vertrouwen in de overheid en dat het een gevoel van veiligheid kan geven. Dat geldt overigens vooral in wijken waar mensen langere tijd blijven wonen en elkaar al kennen. Als er een hoge ‘omloopsnelheid’ is, worden bewoners juist angstiger als ‘buurtpreventisten’ in gele hesjes door de wijk struinen.

De buurtwacht Maandereng heeft een eigen keet, waar de leden om op te warmen automatenkoffie drinken uit plastic bekertjes. Van der Linden en Van Stuivenberg gaan meestal nog door tot een uur of twaalf ’s nachts. Als het rustig is, kijken ze bij mensen naar binnen. Het is een soort tv-kijken, zeggen ze. „Voor ons is het ook leuk als er iets gebeurt.”