Zorg simpeler? Een warboel!

Miljoenen mensen hebben dit jaar te maken gehad met grote veranderingen in de zorg. De zorg voor onder meer ouderen en jongeren werd een gemeentelijke verantwoordelijkheid. In april meldde staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) dat deze decentralisatie van de zorg beheerst verlopen was. Daarop volgde een storm van kritiek. ‘Beheerst’? En die pgb-chaos dan? De enorme bezuinigingen? Jawel, liet de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) later weten, maar: „De enorme ramp die vooraf was voorspeld, heeft zich niet voltrokken.” Wat is de balans nu, aan het einde van decentralisatiejaar 2015? Zes ontwikkelingen vielen op.

1| Persoonsgebonden budget: chaos

Illustraties Boudewijn van Diepen

Het idee was simpel, het werd een complete chaos. Gemeenten moesten vanaf begin dit jaar voor hun inwoners bepalen wie recht heeft op persoonsgebonden budget (pgb). Dat is geld dat ruim 140.000 ouderen en langdurig zieken krijgen om hun eigen zorg in te kopen: dagbesteding, bijvoorbeeld. Maar de instantie die het geld moest uitkeren, de Sociale Verzekeringsbank (SVB), had softwareproblemen. ICT-systemen van gemeenten sloten niet aan op de computers van de SVB. Daardoor wist de verzekeringsbank niet aan welke patiënten ze geld mocht uitkeren. Gegevens van patiënten raakten kwijt, sommige patiënten moesten keer op keer hun aanvragen insturen. Gevolg: duizenden hulpverleners moesten maanden wachten op hun salaris. Sommige hulpbehoevenden bleven verstoken van zorg, omdat hun zorgverleners niet betaald werden. Staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) kwam zwaar onder vuur te liggen. Hij overleefde zes debatten in de Tweede Kamer. De storm is nog niet geluwd. Veel gemeenten hebben – in de aanloop naar 2016 – de deadline gemist voor het aanleveren van cruciale informatie aan de Sociale Verzekeringsbank. Nicoly Vermeulen, baas van de SVB, zei gisteren in NRC dat er „nog steeds problemen zijn die opgelost moeten worden.” Belangenvereniging Per Saldo maakt zich volgens een woordvoerder „grote zorgen” over volgend jaar.

2| Thuiszorg: ontslagen en rechtszaken

Ruim 30 procent heeft het kabinet dit jaar bezuinigd op het gemeentelijk budget voor hulp in de huishouding. Thuiszorgbedrijven ondervinden de gevolgen: baanverlies en lagere lonen voor duizenden zorgmedewerkers. Marktleider TSN Thuiszorg heeft in november uitstel van betaling aangevraagd, 12.000 banen dreigen te verdwijnen. Het snijden in de huishoudelijke hulp heeft ook geleid tot een hausse aan rechtszaken, aangespannen door burgers tegen hun gemeente, die een beroep deden op de wet maatschappelijke ondersteuning (wmo). Op 20 november stond de teller op 1.970 zaken, zegt een woordvoerder van de Raad voor de Rechtspraak. Dat is bijna een verdubbeling ten opzichte van 2014.

3| Jeugdzorg: verdrinken in papieren

Geen kind zou tussen wal en schip belanden, na de decentralisatie van de jeugdzorg. Een beeldspraak is lastig te toetsen. Feit is dat de Inspectie Jeugdzorg deze en vorige maand forse kritiek heeft geleverd op Veilig Thuis, het nieuwe meldpunt voor kindermishandeling. Zo hadden medewerkers in sommige regio’s geen zicht op de kinderen die op de wachtlijst waren geplaatst. Op de wachtlijst van Veilig Thuis Gelderland-Zuid stonden in oktober 78 zaken, waaronder zaken met urgentie. Branchevereniging Jeugdzorg Nederland vindt dat van inhoudelijke vernieuwing van de jeugdzorg – preventief, dicht bij de burger – in 2015 te weinig sprake is geweest. Gemeenten waren te druk met zaken als het inkopen van zorg.

Intussen verdrinken jeugdzorginstellingen en zelfstandige jeugdpsychologen in de formulieren en administratie. Ze moeten zaken doen met tal van gemeenten, die elk hun eigen administratie-eisen hebben. De ene gemeente ontvangt de rekeningen graag per maand, de andere per kwartaal. De ene gemeente werkt met het landelijk communicatiesysteem Vecozo, de ander nog per e-mail. Esther Reinhard, directeur bedrijfsvoering van Curium-LUMC, een instelling voor jeugd-ggz, zei in februari in NRC dat ze bij een ontslagronde eerder zorgverleners zou ontslaan dan administratieve krachten. „De zorgadministratie moet op orde zijn. Anders lopen we gewoon geld mis.” De situatie is nu, eind 2015, nog precies zo, zegt Reinhard, en ook in 2016 wordt de bureaucratie „absoluut niet minder”, zegt ze.

4| Participatiewet: bureaucratie hindert bedrijf en gehandicapte

Bedrijven moeten de komende jaren 100.000 extra banen creëren voor gehandicapten. Een speciale Wajonguitkering krijgen gehandicapten alleen nog als ze bijna niets kunnen. Er komen geen banen meer bij in sociale werkplaatsen. Gemeenten moeten daarom gehandicapten in hun regio matchen aan ‘normale’ bedrijven. De vrees was: bedrijven wíllen helemaal geen gehandicapten in dienst nemen, zeker niet nu door de economische crisis ruim 600.000 ‘gezonde’ werklozen rondlopen. Volgens raadsleden was die zorg terecht, vertelden ze in een NRC-enquête die op de helft van het jaar werd uitgevoerd. Er is te weinig werk, was hun meest genoemde klacht over deze taak. Eén van hen zei: „De door het rijk gestelde doelen kunnen in onze regio niet worden gehaald. Eigenlijk houden we onszelf voor de gek.”

Maar er is ook een ander geluid. Te weten: bedrijven wíllen wel gehandicapten aannemen, maar kunnen ze vaak niet vinden. Dat vertelde Aart van der Gaag onlangs in NRC. Hij zoekt namens werkgeversorganisatie VNO-NCW bedrijven die gehandicapten willen aannemen: „We praten over tientallen, honderden en soms over duizenden vacatures die niet worden vervuld. Een bedrijf als Albert Heijn wil doorgroeien naar tweeduizend van zulke plekken, maar blijft steken op 850.” De reden: bureaucratische problemen bij gemeenten en het UWV, waardoor bedrijven niet de goede mensen konden koppelen aan hun vacatures. In het UWV- systeem kon een bedrijf bijvoorbeeld alleen een naam vinden van een arbeidsgehandicapte, maar niet of diegene kon rekenen of schrijven. Staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken, PvdA) signaleert dat probleem ook, schreef ze eind november in een brief aan de Tweede Kamer. In een ‘ervaringsonderzoek’ over de Participatiewet schrijft de staatssecretaris dat er „knelpunten” worden ervaren bij het UWV en „lopen de verwachtingen van werkgevers en gemeenten” bij het aanleveren van geschikte kandidaten uiteen.

5| Politieke controle: ondoorzichtig

Op 1 januari werden 393 Nederlandse gemeentebesturen verantwoordelijk voor jeugdzorg, ouderenzorg, het aan werk helpen van gehandicapten – en voor de enorme pot geld die daarbij hoort. Voor raadsleden, die het gemeentebestuur controleren, is dat nogal wat. Zeker als je bedenkt dat het gemiddelde gemeenteraadslid ook een ‘normale’ – lees: betaalde – baan heeft. Zo is er in het Limburgse Nuth een fysiotherapeut raadslid, en in Utrecht een treinconducteur. In een krap tijdbestek moeten zij de juiste informatie krijgen van de burgemeesters en wethouders om de macht te controleren. Daar wringt het. De politieke controle op de drie grote zorghervormingen van begin dit jaar faalt, omdat gemeenteraadsleden te weinig worden geïnformeerd. Dat bleek enkele maanden geleden uit een enquête van NRC, in samenwerking met onderzoeksbureau Overheid in Nederland, waaraan ruim 700 raadsleden deelnamen.

Raadsleden merkten meer dan honderd keer op – zelfs zonder dat er specifiek naar werd gevraagd – dat ze hun democratische rol niet kunnen vervullen. Ze zeiden niet te kunnen overzien of burgers noodzakelijke gezondheidszorg wordt onthouden. Dat geldt voor zowel oppositie- als coalitieraadsleden. De lokale en regionale journalistiek zou de controlerende functie kunnen overnemen, maar ook dat lukt slecht; 45 procent van 1.655 ondervraagde raadsleden zei, bij een rondvraag van Nieuwsuur begin december, dat de veranderingen in hun gemeenten niet kritisch worden gevolgd door lokale of regionale journalisten. De landelijke journalistiek richt zich – vanwege de brede doelgroep – niet specifiek op elk van de bijna 400 gemeenten, en toont vooral algemene ontwikkelingen. Overzicht is ook voor bewindvoerders moeilijk te krijgen. Staatssecretaris Van Rijn verzuchtte al eens in de Tweede Kamer dat ook hij niet van iedere afzonderlijke gemeente kan weten hoe het beleid lokaal wordt vormgegeven.

6| Lichtpunten

Juist door die ondoorzichtigheid – door die veelheid aan gemeenten – blijft vaak onderbelicht wat er wél gegoed gaat. Volgens Helga Koper van Platform31, kennisorganisatie voor stedelijke en regionale ontwikkeling, weten de gemeentelijke wijkteams problemen steeds beter in samenhang aan te pakken. „Zo weten we uit onderzoek dat toeleiding naar werk pas zin heeft als problematische schulden zijn opgelost. Veel gemeenten zijn zich daar intussen bewust van en gebruiken deze kennis.” Zieken, gehandicapten en andere minder zelfredzame mensen kunnen voor hulp steeds meer terecht in de eigen buurt, zegt de MOgroep, brancheorganisatie voor sociaal werk. Oudere werklozen in Almere coachen jongeren in een zogenoemde ‘Participatiefabriek’. Inwoners van Alphen aan den Rijn kunnen elkaar hulp bieden en vragen via de website Tomindebuurt.nl, een samenwerking van meerdere zorg- en welzijnsorganisaties. Jeugdzorg Nederland vindt het positief dat de zorg voor kinderen die vóór 2015 al in behandeling waren, dit jaar moeiteloos doorliep. „De continuïteit van zorg was goed geregeld.”

Over dit artikel - Decentralisatie

NRC-redacteuren Enzo van Steenbergen en Ingmar Vriesema volgden dit jaar de grote decentralisatie-operatie van de zorg. NRC hield halverwege het jaar een grote enquête onder wethouders om zicht te krijgen op de ingrijpende stelselwijziging. Deze week maken ze de balans op.