IS wordt in defensief gedrongen

Betekent de val van Ramadi dat Islamitische Staat op zijn retour is? Volgens hun leider Al-Baghdadi wordt de strijd alleen maar ‘puurder’.

Een Iraakse soldaat inspecteert een door Islamitische Staat verlaten, zwaar beschadigd gebouw in het centrum van Ramadi. Maandag moest de terreurgroep de stad grotendeels opgeven. Foto Ahmad Al-Rubaye/AFP

De strategische stad Ramadi in de provincie Anbar is heroverd op de militanten van Islamitische Staat, meldt de Iraakse regering. De staatstelevisie toonde maandag hoe de Iraakse vlag er weer wapperde boven het regeringscomplex.

De val van Ramadi is een opsteker voor het Iraakse regeringsleger, dat zwaar vernederd werd toen het vorig jaar in Mosul op de loop moest voor IS. Een tweede vernedering volgde in mei, toen Ramadi onder de voet werd gelopen door IS.

De regeringstroepen werden toen verrast door zelfmoordbomaanslagen, in sommige gevallen uitgevoerd door leden van sunnitische stammen die aan de kant van de regering stonden. Maar Iraakse soldaten in Ramadi hadden ook geklaagd over het gebrek aan steun vanuit Bagdad.

Helemaal is Ramadi nog niet veroverd. Een lokale bevelhebber zei tegen The New York Times dat in 30 procent van de stad nog verzet wordt geboden. De controle over het regeringscomplex is echter cruciaal, zegt Sabah al-Numani, een woordvoerder van de regeringstroepen.

„Het betekent dat zij verslagen zijn in Ramadi. Daarna is het een kwestie van hier en daar in de stad kleine verzetshaarden opruimen.”

Het succes van de regeringstroepen in Ramadi is er eentje in een reeks. In maart werd Tikrit heroverd op IS, en in november heroverden Koerdische en yezidische milities met Amerikaanse luchtsteun Sinjar.

Ramadi was al meer dan een maand omsingeld door Iraakse regeringstroepen. Maar hun opmars werd tegengehouden door een geïmproviseerd mijnenveld van bermbommen. Ook maandag zat er een halve dag tussen de laatste schoten vanuit het regeringscomplex en het hijsen van de Iraakse vlag: men was bang voor boobytraps van IS.

Betekent de val van Ramadi dat het tij is gekeerd voor IS? Wladimir van Wilgenburg, een Nederlandse analist die voor de Amerikaanse denktank The Jamestown Foundation vanuit Erbil de situatie in Irak en Syrië volgt, meent van wel. „Terwijl IS vroeger voornamelijk in het offensief zat, is het nu voornamelijk in het defensief. De aanvallen van IS op Iraakse regeringstroepen en de Koerden hebben geen zin meer, omdat die luchtsteun krijgen van de Amerikanen”, vertelt Van Wilgenburg.

„Ze kunnen alleen nog uitbreiden in gebieden in handen van [de Syrische president] Assad of van Syrische rebellengroepen die geen Amerikaanse luchtsteun krijgen.”

De Amerikaanse veiligheidsfirma IHS heeft op basis van nieuwsberichten en sociale media berekend dat IS dit jaar zo’n 14 procent van zijn grondgebied in Syrië en Irak heeft verloren, voornamelijk aan de Koerden in Noord-Syrië.

Van de Amerikaanse bombardementen op IS-doelwitten is vaak gezegd dat ze IS juist sterker maken. Maar de VS hebben sinds augustus 2014 wel meer dan 30.000 bommen op IS afgeworpen. Die zouden volgens anonieme officiële bronnen wel 20.000 IS-strijders hebben gedood. Dat heeft de troepensterkte van IS – geraamd op 20.000 tot 30.000 – echter niet echt aangetast, doordat IS sneller nieuwe rekruten aanvoert dan de VS kunnen doden, of doordat de troepensterkte van IS aanvankelijk is onderschat.

Het beste bewijs dat IS stilaan een probleem heeft komt echter van IS-leider Abu Bakr al-Baghdadi zelf. In een 24 minuten durende audioboodschap – de eerste in zeven maanden – zei hij zaterdag dat „IS is verdreven uit gebieden die het tevoren controleerde”, en dat „het punt is bereikt waarop de vijanden van de Islamitische Staat denken dat zij ons hebben verslagen en uitgeroeid”.

Al-Baghdadi zei overigens ook dat het erg goed gaat met IS: „Hoe intenser de oorlog tegen IS wordt, hoe puurder en sterker hij wordt.” Maar hij deed een oproep aan alle moslims ter wereld om zich aan te sluiten bij de strijd.

In Bagdad wordt in ieder geval al feestgevierd, zegt analist Van Wilgenburg.

„Hoogstwaarschijnlijk zullen de volgende operaties gericht zijn op Fallujah, ten westen van Bagdad, of Shirqat, ten noorden van Baiji. Ondertussen gaan de Amerikanen – met circa 3.500 militairen betrokken bij advies, inlichtingen en training – en Bagdad zich voorbereiden op de laatste slag in Irak: om Mosul.”