Voor de Staatsloterij is de laatste dag van het jaar altijd de beste

De Oudejaarstrekking van de Staatsloterij komt er weer aan, goed voor 17 procent van de jaaromzet. Maar het gaat steeds minder goed met de loterij.

Foto Remko de Waal / ANP

Je doet natuurlijk niet voor jezelf mee aan een loterij. Nee, of het nou de Vriendenloterij of de Postcodeloterij is, je speelt mee voor de goede doelen: de lokale FC, panda’s en wereldvrede. Die eventuele geldprijs? Collateral damage. En je móét ook. Stel dat Gaston je buren wel een hele góóóééééééde avond bezorgt, maar jou niet? Daar houd je een trauma aan over. En bij de Staatsloterij kun je zeggen dat je meespeelt in het belang van het volk: de schatkist is door jou weer wat voller.

De grootste gokpot van het jaar wordt bijna weer verdeeld: de Oudejaarstrekking. Jij maakt kans er miljoenen aan over te houden, de Staatsloterij doet dat zeker. Dit is de Staatsloterij in zeven grafieken.

De grootte van de pot

De Staatsloterij (anno 1726) gaat er prat op al 89 jaar langer mee te gaan dan onze monarchie. Al die tijd is de loterij, volgens het jaarverslag, “dé betrouwbare en gedegen loterijorganisatie” geweest en “een Hollands merk avant le lettre.” En, zo zegt men: “De Nederlandse Staatsloterij is toonaangevend door haar portfolio met louter A-merken.”

Maar, om in de schrijfstijl van de loterij te blijven: c’est le ton qui fait la musique. En de toon die de Staatsloterij beweert aan te geven, klinkt de laatste jaren steeds meer in mineur. De omzet blijft teruglopen, ook die van de Oudejaarstrekking. Wel is het aandeel van de Oudejaarstrekking min of meer gelijk gebleven: tussen de 16 en 17 procent van de gehele jaaromzet.

Volgens de Staatsloterij zijn “toegenomen concurrentie, een terughoudend consumentengedrag en de grote aangebrachte reputatieschade” de voornaamste redenen voor de dalende omzet. De reputatieschade waar de loterij op doelt betreft een veroordeling wegens misleiding. Tussen 2000 en 2008 vielen óók prijzen op niet-verkochte loten. De winkans was daarmee kleiner dan beweerd. Daarna kwam bovendien naar buiten dat de beveiliging van de trekking niet op orde was.

Uitkering

Van alle inleg moet de Staatsloterij minstens 60 procent uitkeren. Dat lukt, het ligt al jaren rond de 70 procent. In absolute zin neemt het prijzengeld echter wel af.

Maar wat is nou de kans dat je iets wint? Volgens de loterij zelf is de winkans 51,2 procent, het hoogste van alle loterijen. Toch is dat is ooit nog hoger geweest: 51,9 procent. Al zette de Consumentenbond daar wel een aantal vraagtekens bij.

Maar ‘winkans’ is iets anders dan ‘winstkans’. De winstkans is veel lager. Zoals de Staatsloterij aangeeft, krijgt maar 12,2 procent van de deelnemers ten minste zijn inleg terug. De kans dat je de hoofdprijs van 30 miljoen wint, is helemaal miniem, berekende de Consumentenbond: 1 op 4,38 miljoen.

De enige gegarandeerde winnaar

De omzet van de Staatsloterij loopt al jaren terug, net als die van De Lotto. Daarom gaan de twee fuseren. Voor de overheid valt de inkomstendaling relatief mee. De Staatsloterij draagt jaarlijks minstens 15 procent van de omzet af aan haar enige aandeelhouder: het ministerie van Financiën.

Maar de Staat krijgt meer. Er wordt namelijk ook nog kansspelbelasting geheven, hoewel de prijzen officieel belastingvrij zijn. Als de hoofdprijs van de Staatsloterij 30 miljoen euro bedraagt, is de kansspelbelasting daar al afgetrokken. In de afgelopen jaren is de absolute hoeveelheid kansspelbelasting die naar de overheid ging ongeveer gelijk gebleven. En daarmee blijft het ministerie van Financiën de enige deelnemer voor wie de loterij geen kansspel is.