Vliegen

Ik sta op Schiphol op de roltrap achter een vader met zijn twee zoons. De mannetjes van ongeveer zeven en negen bespreken manieren om hun moeder te verrassen als die de aankomsthal binnen loopt. Vervolgens besluiten ze dat ze ook graag willen vliegen, maar komen tot de ontdekking dat papa dat niet wil.

„Alleen vanwege dat IS-gedoe wil jij niet vliegen!”, zegt de oudste.

„Nee,” roept de vader, „omdat jij zo graag een hond wilde kunnen we niet vliegen. Daarom.”

Zwijgzaam lopen die drie richting de aankomsthal. Met een hond.