Aangifte doen van zedenmisdrijf wordt makkelijker

Het wordt eenvoudiger om aangifte te doen van een zedendelict. Dat meldt de Volkskrant. De aangifteprocedure bij zedenzaken lag de afgelopen maanden onder vuur, omdat er te veel drempels op zouden worden geworpen voor slachtoffers die aangifte willen doen. Onder andere de lange bedenktijd leverde kritiek op. Slachtoffers moeten soms verplicht twee weken wachten voor zij aangifte mogen doen.

In januari treedt een nieuwe instructie voor zedenrechercheurs in werking. Daarin staat onder meer dat rechercheurs met het slachtoffer moeten overleggen over hoeveel bedenktijd er nodig is.

Voorafgaand aan een aangifte vindt bij zedenzaken een informatief gesprek plaats. Dit gesprek wordt ook vereenvoudigd.

Voorheen moesten er 41 punten besproken worden over het delict, procedures en hulpverlening. Vanaf januari wordt het aantal te bespreken punten in het intakegesprek gehalveerd.

In de nieuwe instructie wordt ook meer nadruk gelegd op zogenoemde ambsthalve opsporing. Dat houdt in dat de politie ook een onderzoek kan instellen als het slachtoffer geen aangifte wil doen, maar er toch voldoende aanleiding is om een verdachte te vervolgen. (NRC)