Moorden met bijl, sabel, deurknop en rattengif

In het najaar van 1712 pakte de 46-jarige Sofie van Bemmel een bijl, waarmee ze haar moeder het hoofd in sloeg. Moeder was oud en had er allang geen zin meer in. Maar misschien wilde Sofie zelf ook wel van haar af. Want moeder had haar elf jaar eerder gedwongen haar pasgeboren, buitenechtelijke kind te doden. Met dezelfde bijl. Na deze tweede moord gaf Sofie zich op het stadhuis aan. Op 14 november 1712 werd ze onthoofd op de Grote Markt in Nijmegen.

Dit is een van de waargebeurde verhalen die Steffie van den Oord met veel gevoel voor saillante details navertelt in De vrouw met de bijl en negen andere moordenaressen. Ze biedt een interessante mix van criminele feiten, gepleegd met uiteenlopende wapens. Bijl, sabel, deurknop, knipmes, broodmes, pistool, revolver, dolk en rattengif. De moordenaressen zijn dienstmeiden, hoeren, dochters van pachtboeren, zakkendragers en boerenknechten. Geldgebrek is een belangrijk motief. Soms ook jaloezie. Of hartstocht.

Alle verhalen lopen slecht af – met opsluiting, doodstraf, of wroeging. Op één na. Dat is het onthutsende verhaal over Hendrika Jans, uit Twello, die op een dag wordt besprongen door de zoon van de smid. Negen maanden later bevalt ze van een dochter. Met bloedend hart legt ze haar kind te vondeling op de vijlbank van de smidse. Al snel wordt ze opgepakt. Na een proces van twee maanden, waarin de vader van het kind ongemoeid blijft, wordt Hendrika op 25 januari 1774 veroordeeld tot verbanning uit Overijssel.

Maar ze krijgt wel haar kind terug. ‘Ik kuste haar kruin en gaf haar een naam’, staat er dan. Zodat we kunnen vaststellen dat de ondertitel van deze verder zo historisch verantwoorde pageturner niet helemaal klopt. De vrouw met de bijl heeft niet negen, maar acht moordlustige zusters.