In een val van drie ton gelopen

Tom de Winter ontmoet op datingsite Planet Romeo iemand die zich voordoet als een Amerikaanse militair. Na maanden chatten stelt die een rare vraag: of De Winter hem wil helpen met het wegsluizen van een van Islamitische Staat gestolen koffer geld. De Winter wordt voor tonnen opgelicht.

Foto Robin Utrecht

Interpol zit hen op de hielen. Daarom moet Tom de Winter zijn auto aan de rand van de Bijlmer parkeren en wordt hij in een Kia-bestelbusje opgehaald. De chauffeur rijdt De Winter in tien minuten naar een arcade. First Class Gym Diemen is er gevestigd. Verfgroothandel Alson ook. Op nummer 26D, naast de verfzaak, wordt De Winter een steile trap opgestuurd. Boven wacht 4,5 miljoen dollar: geld dat in Libië door Amerikaanse militairen is buitgemaakt op strijders van Islamitische Staat (IS).

In een klein kantoortje treft hij diplomaat Patrick Davies. Een Afrikaan van twee meter in een donker pak. De Winter geeft hem 6.500 euro cash in briefjes van 50. Het is de diplomaten-fee voor het begeleiden van de koffer die naar binnen wordt gerold. Alleen De Winter kent de code van het slot: 747. De koffer puilt uit van in plastic verpakte 100-dollarbiljetten.

Die maandagmiddag 8 juni 2015 heeft Tom de Winter (70) in etappes al 72.356 euro overgemaakt aan een internationale bende oplichters. Met steeds nieuwe verzinsels kloppen ze hem geld uit de zak. Enkele weken later is dat bedrag opgelopen tot 310.000 euro: al zijn spaargeld.

De Winter is een bekende naam in new age-kringen, hij geeft wereldwijd meditatie- en persoonlijkheidstrainingen. Tot eind jaren tachtig werkt hij als personeelsmanager bij Transavia. Daarna besluit hij trainer te worden. Hij stort zich op de merkabah-meditatie, waarbij geometrische vormen centraal staan. Dagblad Trouw portretteert hem in 1997 als degene die de ideeën van de Amerikaanse ‘goeroe’ Drunvalo Melchizedek naar Nederland heeft gehaald. Nog steeds geeft De Winter trainingen die gebaseerd zijn op Melchizedeks „door liefde gedreven” gedachtegoed.

De mannen die hem dit jaar oplichtten hebben duidelijk andere drijfveren. „Die hele organisatie is zo geolied en zo goed doordacht, dat je er echt met twee benen instinkt”, zegt De Winter. Hij vertelt zijn verhaal om anderen te waarschuwen. In de hoop dat de bende wordt opgerold en de politie alsnog iets met zijn aangifte doet.

Het ging hem niet om het geld

In maart dit jaar raakt De Winter op gaydatingsite PlanetRomeo in gesprek met Stephen Adams, 32 jaar, 175 cm, 72 kg, XL geschapen en onbesneden, leert het profiel dat nog steeds toegankelijk is.

Adams wordt vrolijk van koken en zwemmen, blijkt uit de twee profielfoto’s van een lachende Adams in de keuken en in het water. „Cool dude in search of a true love, someone i can love and trust.”, omschrijft hij zich.

Adams en De Winter chatten maandenlang met enige regelmaat, inmiddels via Facebook. Af en toe maakt Adams een erotisch getinte opmerking. Hij doet zich voor als een eenzame, hooggeplaatste Amerikaanse legerofficier gestationeerd in Libië die uit veiligheidsoverwegingen geen contact met zijn familie mag onderhouden.

Het is mei. De mannen hebben al zo’n drie maanden contact. En dan vertelt Adams een geheim. Hij stuurt een foto. Daarop staan vijf Amerikaanse soldaten rond een langwerpige tafel vol stapels van 100-dollarbiljetten. Het geld is door Adams’ eenheid in Libië buitgemaakt op IS en de soldaten hebben het onder elkaar verdeeld. „Zo aannemelijk”, vindt De Winter dat klinken.

Adams zegt aanvankelijk dat het om 450.000 dollar gaat en dat hij de hulp van De Winter nodig heeft om het weg te sluizen. „Ik zou er 20 procent van krijgen. Maar daar ging het mij niet om.” De Winter zegt dat hij werd hij gedreven door altruïsme, niet door verliefdheid of dollartekens in zijn ogen. Al kwam die 20 procent wel goed uit voor een verbouwing. „Ik wilde Adams helpen. En het sprak mij aan dat ze dat geld van die foute IS hadden afgepakt.”

De dollarfoto die Adams stuurt, is dezelfde foto als bij een verhaal van het Amerikaanse online magazine Slate over de 1-22 infanteriedivisie, die in Irak de boerderij van een van de bodyguards van Saddam Hussein bestormt en er 8 miljoen dollar aantreft. Maar dat weet De Winter niet.

De foto staat ook op verschillende websites waar wordt gewaarschuwd voor de ‘Soldier Fund Scam’ van oplichters. Dat is binnen enkele seconden te achterhalen door de foto te plakken in Google Images. Maar dat weet De Winter ook niet.

Een koffer staat klaar

Stephen Adams vraagt eerst alleen of De Winter het geld thuis wil opslaan tot hij in 2018 afzwaait. Al snel daarna blijkt dat de koffer Libië zomaar niet uitkomt en er verzendkosten betaald moeten worden. Of De Winter die wil voldoen. „Je bent gek, bekijk het maar”, antwoordt hij aanvankelijk. Dan krijgt De Winter een mailtje van ene Kennedy: de advocaat van Adams. Die wijst hem erop dat de koffer klaarstaat op de luchthaven in Tripoli, mét De Winters Duitse huisadres erop. En als die koffer wordt opengemaakt door de autoriteiten kan De Winter wel eens van witwassen beschuldigd worden.

De oplichters hebben beet. Op 9 mei maakt De Winter via Western Union 1.203 euro over naar een zogenaamde medewerkster van een transportbedrijf. In Libië moet je ook exportkosten betalen, blijkt snel daarna: wel 16.000 dollar. De Winter weigert, maar krijgt weer een vergelijkbaar verhaal van Mr. Kennedy te horen: straks ontdekt Interpol wat er in die koffer met jouw adres erop zit.

De Winter betaalt. Er is beweging. Via de track en trace-code van transportbedrijf Diamond Deliveries ziet De Winter dat de koffer aankomt op het vliegveld van Brussel. Maar er is een probleem.

Alle zendingen uit Libië zijn op voorhand verdacht en daarom is er een anti-terreurverklaring nodig. ‘Delivery on Hold’ staat in sierlijke letters boven een document van Interpol gericht aan De Winter. Er is een ‘urgente betaling’ van 49.980 euro nodig voor een ‘anti-terroristencertificaat’.

In vier etappes maakt De Winter dat bedrag over naar twee verschillende Nederlandse ING-rekeningnummers op opvallende namen: R.A. Omije en C.A. Tanor. Koeriers, wordt hem verteld. „Ik zat er zo ver in dat ik maar betaalde. Ze spelen het ook zo dat je helemaal geïsoleerd raakt van je omgeving, omdat je moet beloven dat je er niemand over vertelt.”

Een week daarna zit De Winter op het kantoortje in de Bijlmer met de koffer. De diplomaat met 6.500 euro in zijn zak en De Winter krijgen allebei een mondkapje uitgereikt van de man achter het bureau. Er is namelijk een probleem met de dollars: op elk biljet is in dikke zwarte inkt ‘security stamp’ gestempeld. Problematisch, maar overkomelijk. De biljetten kunnen namelijk worden schoongemaakt.

Om dat te bewijzen gaat de man aan de slag met een chemisch stofje. Hij verlaat de kamer even omdat het wel heel erg gaat stinken en komt terug met een schoon 100-dollarbiljet. De Winter wordt naar het Geldwisselkantoor op station Amstel gereden om te kijken of het schoongemaakte biljet geaccepteerd wordt. Dat wordt het inderdaad.

Alle dollarbiljetten hebben echter dezelfde schoonmaakbehandeling nodig en moeten eerst voorbehandeld worden in een laboratorium. De kosten daarvoor wil De Winter pas na de schoonmaak betalen, maar dat wordt niet geaccepteerd.

En dus boekt hij 9 juni 60.000 euro over naar de ABN Amro-rekening van firma Connect 2 Life Succes, gevestigd aan de Verrijn Stewartweg 26D in Diemen. Een in februari door een 27-jarige Amsterdammer opgericht bedrijf.

Vervolgens blijkt het daadwerkelijke schoonmaakmiddel alleen in Azië te koop. Het is echter zo schaars dat het 550.000 dollar kost. Dat heeft De Winter niet. Er volgen indringende gesprekken. „Wij hebben je hoog zitten als mens, zeiden ze tegen me. Daarom betalen wij twee ton mee.” De Winter krijgt een betalingsbewijs van die 200.000 dollar te zien en maakt vervolgens vier dagen op rij 44.357,70 euro over naar een rekening van Vigo Commerce in Hongkong.

Zijn spaarrekening is nu leeg. Het geld, dat hij met workshops en de overwaarde op de verkoop van zijn Amsterdamse huis verdiende, is weg. Maar de oplichters willen meer om de schoonmaakstof te kunnen kopen. „Ik zat er zo ver in. Toen heb ik mijn Duitse buren die in het vastgoed zitten gevraagd of ze iemand kenden die me geld zou willen lenen met mijn huis als onderpand. Zij waarschuwden me dat hun een vergelijkbaar verhaal was voorgespiegeld per e-mail en dat ze vals spel vermoedden. Toen gingen mijn ogen open.”

De Winter stuurt de oplichters een e-mail met het verzoek om zijn geld terug te geven, maar daarop krijgt hij geen reactie. Nou ja, eentje. Het verzoek om nog 150.000 dollar over te maken.

Bendes met cellen in Amsterdam

Honderden Nederlanders trappen jaarlijks in dit soort datingfraude, blijkt uit cijfers van de Fraudehelpdesk, een stichting uit Apeldoorn. Die brengt met subsidie van het ministerie van Veiligheid en Justitie oplichting als die van De Winter onder de aandacht, om herhaling te voorkomen. Tot en met november dit jaar maakten 263 mensen bij de Fraudehelpdesk melding van (een poging tot) oplichting via datingsites. Van hen zijn er 114 daadwerkelijk opgelicht, voor in totaal 2,5 miljoen euro: gemiddeld 21.550 euro. Onder hen ook De Winter, die door de instantie werd geholpen bij zijn aangifte.

Volgens oud-frauderechercheur Cees Schep, die freelance voor de Fraudehelpdesk werkt, is de schade waarschijnlijk veel hoger omdat veel slachtoffers zich uit schaamte niet melden en er vanwege gebrekkige samenwerking tussen OM, politie, banken en helpdesk onvoldoende zicht op de omvang is. Informatie-uitwisseling tussen de instanties wordt bemoeilijkt door geheimhouding en privacybescherming. Dat De Winter slachtoffer werd wijt Schep aan een combinatie van naïviteit, altruïsme en het zien van een financiële kans. „Ontzettend frustrerend”, noemt hij het dat mensen als De Winter er ondanks alle voorlichting en waarschuwingen steeds maar weer intrappen.

Al constateert Schep ook dat de oplichters geraffineerder zijn geworden. „Zomaar out of the blue mailtjes sturen werkt niet meer. Daarom zetten oplichters nu social engineering in. Ze bouwen eerst een relatie op. Mensen worden vaak eerst verliefd gemaakt en dan opgelicht.”

In het geval van De Winter was er sprake van een combinatie. De fraude heeft trekken van de klassieke voorschotfraude, ook wel bekend als 419-fraude, naar een artikel in het Nigeriaanse wetboek van strafrecht. Daarbij wordt slachtoffers via mooie verhalen en valse documenten veel geld beloofd. Het is ook een vorm van datingfraude waarbij het contact via een vals profiel op een datingsite loopt en veel tijd wordt gestoken in het opbouwen van vertrouwen.

Volgens Schep zitten internationale, uit cellen opgebouwde bendes er achter. Het beginwerk gebeurt vaak vanuit West-Afrika en wordt dan overgedragen aan lokale cellen in bijvoorbeeld de Bijlmer. Die maken vaak weer gebruik van de rekeningen van uitgeprocedeerde asielzoekers of andere ‘katvangers’ die ze tegen een kleine betaling beschikbaar stellen. Dat maakt het voor justitie ook moeilijk om bij de grote vissen terecht te komen.

Al constateert Schep ook dat de opsporingsprioriteit voor dit soort zaken „niet hoog” is. Dat blijkt vooralsnog ook bij De Winter. Ondanks Nederlandse telefoonnummers, bankrekeningnummers en het adres in de Bijlmer hoorde hij op een automatisch gegenereerde mail na niets meer van de politie. De Winter blijft er opvallend optimistisch onder. „Mijn bankrekening staat nu op nul. Het was mijn oudedagsreserve. Maar ik heb het achter me gelaten. Je kan slachtoffer zijn of je kan het als uitdaging zien om weer financiële reserves op te bouwen.”