De FIFA rot? Het kan nog rotter

Vele corrupte sportbestuurders werden dit jaar ontmaskerd. De aandacht richt zich met name op de FIFA. Onterecht. Ook bij andere internationale sportbonden is veel mis.

FIFA-voorzitter Sepp Blatter, thans geschorst, werd deze zomer bij een persconferentie bestrooid met (nep)biljetten. Foto Fabrice Coffrini / AFP

Het jaar 2015 is het jaar geworden waarin de sportofficial werd ontmaskerd, van zijn troon werd gestoten en te vrezen kreeg voor een gevangenisstraf of andere sanctie als onuitwisbare smet op zijn loopbaan.

Hier past vanzelfsprekend een restrictie. De meeste sportbobo’s deugen, vermoedelijk. Het gaat ze lang niet allemaal (louter) om de roem, de glorie, de reisjes, de hotelsuites, de vipboxen in de stadions, de vorstelijke diners. Er bestaan heus bestuurders die het belang van de sport vooropstellen en van fair play, die realiseren dat sport een gezonde bezigheid kan zijn, tot vermaak van toeschouwers op tribunes en voor het televisietoestel. En die begrijpen dat zij er zijn om de sport en de sporters te dienen, en niet omgekeerd.

Het boegbeeld is onderin de kast gestopt

Maar onmiskenbaar zijn er sportofficials bij wie het persoonlijke gewin vooropstaat of heeft -gestaan, die corrupt zijn in een mate die rustig crimineel kan worden genoemd, de bestuurders wier normen- en waardenbesef ernstig tekortschiet.

Geen beter voorbeeld van dat laatste, afgaande op de vele berichten, dan de FIFA, de wereldvoetbalbond. Met Sepp Blatter als boegbeeld, al is het een boegbeeld dat nu onderin een ruim is weggestopt, omdat hij door zijn eigen organisatie werd geschorst.

De fel bekritiseerde toewijzing van de wereldkampioenschappen aan Rusland (2018) en Qatar (2022), stinkend naar stemmenhandel en smeergeld, is vele leden van het uitvoerend FIFA-comité fataal geworden; het kwam daardoor in het brandpunt van de belangstelling.

Ter illustratie: van de 23 leden die in 2010 ten tijde van de stemming over de kandidaat-landen voor de WK’s lid waren van het comité, zijn er vier uit alle FIFA-functies gezet, meestal voor de rest van hun leven, een lot dat een ander lid zou zijn overkomen ware hij niet al dood. Drie zijn er door de FIFA geschorst, één is beboet en gewaarschuwd. Zes zijn zelf afgetreden, tegen één loopt een FBI-onderzoek en een ander heeft huisarrest. Twee leden mochten al niet aan de stemming meedoen omdat ze al waren betrapt op omkoopbaarheid.

Van de zes die nog wel in het comité zitten, gelden enkelen als verdacht of besmet. Zoals de man die het voorzitterschap van Blatter waarneemt, de Kameroener Issa Hayatou, die bij het Internationaal Olympisch Comité (IOC) al eens is berispt omdat hij geld aanpakte van het sportmarketingbedrijf ISL. Toen de FIFA eerder deze maand haar hervormingsplannen presenteerde, viel Hayatou in slaap. De redactie van het tv-programma Voetbal Inside vertoonde daarvan enige malen de hilarische beelden (ondersteund door gesnurk). Hayatou leek niet de juiste man op de juiste plaats.

Aan antireclame voor de FIFA dus geen gebrek. De buitenwacht ontkomt soms moeilijk aan de indruk dat hier sprake is van een criminele organisatie.

Het is dan ook uitkijken voor de kandidaat-opvolgers van Blatter met wie zij zich verbinden. Een van hen, de Zwitserse UEFA-functionaris Gianni Infantino, twitterde onlangs opgetogen dat hij de steun kreeg van Juan Napout, voorzitter van Conmebol (de ‘UEFA’ van Zuid-Amerika) en plaatste er een vrolijke foto van hen beiden bij. Kort daarna werd Napout door de Zwitserse politie in Zürich van zijn hotelbed gelicht, op verzoek van de Amerikaanse justitie. De Paraguayaan is een van degenen die ervan worden verdacht dat zij voor miljoenen aan steekpenningen hebben aangenomen.

Ook van het huidige uitvoerend comité weet menig lid zich op de hielen gezeten door onderzoekers. Is het niet de FBI dan wel de Zwitserse justitie of de ethische commissie van de FIFA die veel meer dan vroeger haar onafhankelijkheid etaleert. Zeker gemeten naar westelijke maatstaven is er veel mis met de morele opvattingen van sommige sportofficials – maar hierbij moet worden aangetekend dat de FIFA, het IOC en andere sportfederaties wereldwijde organisaties zijn. Met ook bestuurders uit landen waar het aanwenden van functies ten eigen bate – machtsmisbruik dus – nauwelijks ongewoon is.

FIFA is een van de netste organisaties

En dan te bedenken dat de FIFA althans in theorie tot de ‘netste’ mondiale sportorganisaties behoort. Tot die verrassende conclusie kwam onlangs de Belgische onderzoeker Arnout Geeraert. Hij is verbonden aan LINES, een instituut voor internationale en Europese studies van de universiteit van Leuven, aan Play the Game, een in Denemarken gevestigde internationale organisatie die zich sterk maakt voor zuiver sportbestuur en aan het Deense Instituut voor Sportstudies.

Geeraert publiceerde in oktober het rapport Sports Governance Observer 2015 over de bestuurscrises bij internationale sportorganisaties. Daarin werden 35 federaties beoordeeld aan de hand van hun beleid op het gebied van transparantie, democratie, solidariteit en checks and balances.

Paardensport het best, schietsport het slechtst

Langs die meetlat gelegd bleek de FIFA op één federatie na het beste te scoren, of wellicht is ‘minst slecht’ een betere uitdrukking. Alleen de FEI (paardensport) deed het beter. De ISSF (schieten) kwam het slechtst uit de bus. Ook de IAAF, de atletiekfederatie die recent in opspraak kwam door dopingschandalen, doet het met een achtste plaats relatief niet slecht.

Maar bijvoorbeeld de UCI (wielrennen) en ITF (tennis) komen er als het gaat om good governance slechter af dan de FIFA en de IAAF. In het systeem van de Sport Governance Observer konden de bonden 100 punten ‘verdienen’, maar 26 van de 35 haalden de 50 punten niet eens.

Geeraert vermeldt in zijn rapport enkele wantoestanden die hij aantrof. Hij noemt Hassan Moustafa, de Egyptische voorzitter van de Internationale Handbal Federatie die 300.000 euro aan reisvergoeding ontving zonder dat hij de benodigde bonnetjes kon laten zien. Hij maakte van zijn parttime functie een voltijds baan en verhoogde zo zijn jaarsalaris van 30.000 naar 500.000 Zwitserse frank (het is geen toeval dat veel sportfederaties in Zwitserland zijn gevestigd).

Andere sportbestuurders en hun miljoenen

De Mexicaan Ruben Acosta, voorzitter van de volleybalfederatie, streek in 24 jaar voor 33 miljoen dollar aan provisie op. Tamas Aján uit Hongarije was vijftien jaar voorzitter van de IWF (gewichtheffen) maar wist bij zijn vertrek niet te verklaren hoe naar schatting 5 miljoen dollar aan IOC-subsidies van twee Zwitserse bankrekeningen waren verdwenen.

Hoeveel beroerder dan bij de FIFA het bij de andere sportfederaties is gesteld, en of dat zo is, onttrekt zich aan de waarneming. De FIFA staat nu eenmaal veel meer in de schijnwerpers. Bij voetbal gaat het grote geld om, daar zijn de commerciële belangen het grootst, bij die sport is het aantrekkelijk om te sjoemelen met tv-rechten en kaartverkoop. Corruptie en matchfixing liggen op de loer.

Dat de FIFA (scoorde 67,8 van de 100 punten die er bij de Sport Governance Observer te halen waren) nochtans relatief ‘net’ lijkt te worden bestuurd, komt door maatregelen die de wereldvoetbalbond de laatste jaren heeft getroffen. In februari, als het FIFA-congres bijeenkomt, onder meer om een nieuwe voorzitter te kiezen, komen er nog meer regels om de integriteit van het bestuur te bevorderen.

Al blijft fair play achter de bestuurstafel vooral een kwestie van mentaliteit. En het is de vraag of de sportwereld het benodigde fatsoen kan opbrengen. Geeraert ziet een rol voor de Europese Commissie, omdat veel sportorganisaties onder Europees recht vallen.

Misschien kan ministers Schippers wat veranderen

Misschien dat minister van Sport, Edith Schippers (VVD) iets kan betekenen. Met ingang van 1 januari bekleedt Nederland gedurende een half jaar het voorzitterschap van de Europese Unie. Haar collega-ministers van Sport heeft ze in Brussel laten weten dat ze ‘integriteit in de sport’ hoog op de agenda zal zetten: goed bestuur bij de toewijzing van internationale sportevenementen, bestrijding van doping en matchfixing.

Omdat overheden financieel betrokken zijn bij sport(evenementen), mogen ze ook eisen stellen aan fatsoenlijk bestuur, redeneert Schippers. Ze zei: „Mijn inzet is om met mijn Europese collega’s en met de sportwereld gezamenlijk te komen tot heldere spelregels en criteria waaraan iedereen zich moet houden.” Ze voegde eraan toe: „Dit regel je natuurlijk niet in een half jaar.”