Maar vijf werken Gurlitt als roofkunst ‘erkend’

Onderzoek naar de Gurlitt-collectie heeft weinig opgeleverd.

Zittende vrouw vanMatisse is een van de belangrijkste werken uit de collectie. Foto Wolf Heider-Sawall/EPA

De taakgroep die onderzoek doet naar de herkomst van werken uit de collectie-Gurlitt, krijgt steeds meer kritiek. In twee jaar tijd hebben de onderzoekers van slechts vijf werken vastgesteld dat het geroofde kunst is die teruggegeven moet worden aan de oorspronkelijke eigenaren of hun erfgenamen. De collectie bestaat uit ruim 1.200 werken.

Dat het aantal nog zal oplopen wordt betwijfeld. De taakgroep heeft een mandaat tot het einde van dit jaar. Dan komt ze met een ‘slotrapport’, daarna volgt ontbinding.

In 2012 werd een grote, waardevolle collectie kunst aangetroffen bij Cornelius Gurlitt, zoon van kunsthandelaar Hildebrand Gurlitt die met de nazi’s samenwerkte. Cornelius overleed in 2014. Een taakgroep moest proberen de herkomst van de werken te achterhalen.

Wereldwijd groeit de kritiek op de magere resultaten van de wetenschappers. Vooral het lage tempo en de gebrekkige ‘communicatie’ ergert herkomstdeskundigen en nazaten van hen die in de oorlog kunst verloren. Zelfs leden van de taakgroep hebben het eigen onderzoek bekritiseerd.

Vijf werken in twee jaar tijd: zit er dan toch maar weinig roofkunst in de verzameling kunst die de tachtiger Cornelius Gurlitt had opgeslagen in zijn Beierse appartement en zijn Oostenrijkse huis? Nee, toch wel. Meer dan 500 werken zijn geroofd of onder dwang gekocht, vermoedt de taakgroep. Maar voor eventuele restitutie gaat het niet om vermoedens, maar om zekere kennis: wie, wat, waar.

De leider van de taakgroep, de juriste Ingeborg Berggreen-Merkel, heeft ter verdediging aangevoerd dat dit soort kennis moeilijk is te verkrijgen. Ook voert ze de rechtszaken aan die rond de collectie zijn gevoerd.

Ze doelt vooral op de rechtszaak die een neef en nicht van Cornelius Gurlitt na diens dood in mei 2014 hebben aangespannen. Per testament had Gurlitt de collectie geschonken aan het Kunstmuseum Bern, in Zwitserland. De familieleden meenden dat Gurlitt niet wilsbekwaam was toen hij zijn testament schreef. Als geïsoleerd levende fragiele tachtiger maakte hij op zijn advocaten inderdaad een autistische of in ieder geval wereldvreemde indruk, maar afgelopen week bevestigde de rechter het oordeel van een lagere rechtbank: hij was prima in staat zijn testament op te stellen. Bern krijgt de kunst.

Het museum daar heeft een ander probleem. Het heeft met grote stelligheid beweerd niets uit de inboedel te nemen waar een luchtje aan zit. Dat zijn dus meer dan 500 werken.

Wie neemt het onderzoek daarnaar over? De Duitse minister voor cultuur heeft een verloren-kunststichting aangewezen die ze een jaar geleden heeft opgericht. De stichting heeft een begroting van 6 miljoen euro. De vraag is of ze sneller zal opereren dan de taakgroep, die speciaal voor deze collectie in het leven was geroepen.

Eén ding moet in ieder geval anders, zegt Gregory Schneider van de Jewish Claims Conference: het moet geheimzinnig.

Het is de vraag of alle Duitse autoriteiten dat nu inzien. Justitie in Beieren heeft onlangs onderzoek ingesteld naar twee ambtenaren die twee jaar geleden de pers hadden ingelicht over de in beslag genomen kunstcollectie, waarmee alles aan het rollen is gebracht. Toch dreigen zij nu te boeten: schending van het beroepsgeheim.