Spaanse premier Rajoy moet een bijna onmogelijke kabinetspuzzel leggen

Socialisten en Podemos willen niet met Rajoy regeren, terwijl met steun van de liberalen alleen minderheidsregering lonkt.

Premier Mariano Rajoy met vrouw Elvira Fernandez na de verkiezingsuitslag. Foto Marcelo del Pozo/Reuters

Het is zo’n jaar geleden dat een Nederlandse diplomaat de socialistische oppositieleider Pedro Sánchez erop wees dat hij zich wellicht zou moeten voorbereiden op het vormen van coalities. De leider van de PSOE lachte en zei droogjes: „In Spanje doen we niet aan coalitievorming. De grootste partij regeert.”

Sánchez en zijn oude politieke tegenstander Mariano Rajoy (Partido Popular) konden die houding volhouden, tot afgelopen zondag de verkiezingsuitslagen bekend werden. Het parlement versplinterde in vier grote en zes kleine partijen. „We hebben de verkiezingen gewonnen en wie wint mag regeren!”, riep Rajoy richting een juichende menigte. „Ik ga proberen een stabiele regering te vormen.”

Even voordat Rajoy op het balkon van zijn partijgebouw zijn kiezers had toegesproken had Sánchez zijn rivaal gefeliciteerd en hem succes met de formatie toegewenst. Dat was niet cynisch bedoeld, al staat de premier van Spanje nu voor een vrijwel onmogelijk te leggen puzzel. De kans dat Rajoy bij een eerste stemronde in het nieuwe parlement net als vier jaar geleden op een meerderheid kan rekenen is nul. Daarna heeft hij 48 uur de tijd om meer voorstanders dan tegenstanders te verzamelen. Hij ontkomt dan niet aan het sluiten van een pact met één of meerdere rivalen.

Geen voet aan de grond

Op de dag van de verkiezingen hoopten veel stemmers in de chique Madrileense wijk Salamanca nog tegen beter weten in dat de Partido Polular de machtspositie zou kunnen behouden. Bij de stemhokjes fluisterde een mevrouw in de oren van een vrijwilliger van de PP te hopen dat „die radicalen van Podemos” geen voet aan de grond zouden krijgen. „We zullen zien. Morgen begint het rekenwerk”, antwoordde de PP’er.

Rajoy mag dan herhaaldelijk hebben beweerd dat „alle grote landen” bestaan uit machtsblokken van twee partijen, Spanje was in de EU eerder een uitzondering. In 22 van de 28 lidstaten heeft een coalitie van twee of meerdere partijen het voor het zeggen. En Spanje zal binnenkort de 23ste zijn. Of het nu wil of niet.

Eenvoudig zal de formateur die van de Spaanse koning Felipe VI de opdracht krijgt een regering te vormen het niet krijgen. Volgens een ongeschreven regel krijgt de grootste partij als eerste de kans. Dit proces zal op 13 januari beginnen en mag maximaal twee maanden in beslag nemen. In het verleden nam de regeringsvorming gemiddeld elf dagen in beslag. José María Aznar was in 1996 de premier die met twintig dagen het langste nodig had om een regeerakkoord te sluiten. Het zou bijna een wonder zijn als het Rajoy lukt binnen die termijn te blijven.

Welke combinaties zijn er mogelijk voor Rajoy? In theorie kan de PP een meerderheidsregering vormen met de socialistische PSOE of met protestpartij Podemos. In de praktijk lijken beide opties op voorhand onmogelijk, al was het maar omdat de partijleiders Sánchez en Pablo Iglesias er niets voor voelen met Rajoy samen te werken. De aversie is overigens wederzijds. Voor Rajoy zou niet veel meer overblijven dan een wankele minderheidsregering met de gedoogsteun van het liberale Ciudadanos. Partijleider Albert Rivera hield maandagavond de mogelijkheid voor gedoogsteun aan Rajoy inderdaad open.

Mocht Rajoy de opdracht teruggeven aan de koning, dan zou oppositieleider Sánchez voor vergelijkbare hoofdbrekens komen te staan. Een linkse meerderheidscoalitie is alleen mogelijk met de steun van kleine nationalistische partijen. En dat is nu niet direct wat Sánchez een jaar geleden voor ogen had toen hij het advies van de Nederlandse diplomaat in de wind sloeg.