Column

Het volk wil zonnepanelen!

‘Politiek en pers kunnen de rambam krijgen”, twitterde Geert Wilders maandag. Misschien een gekke tweet voor de Politicus van het Jaar, maar vanuit hemzelf bezien logisch. Het op drie na langstzittende Kamerlid voelt zich geen politicus, maar de personificatie van het volk. Zeker de laatste maanden pretendeert hij als enige te weten wat dat volk bezielt: het wil dichte grenzen, sterk leiderschap, minder islam en meer Zwarte Piet.

Onlangs bezocht ik een lezing over populisme van Jan-Werner Müller, politicoloog aan Princeton. Populisten beschrijven de politiek volgens hem als de strijd van een homogeen, moreel zuiver volk tegen elites die zich buiten dat authentieke volk bevinden. Populisme is daarom in essentie anti-pluralistisch: het volk is immers één en ondeelbaar.

Wilders hanteert precies deze retoriek, terwijl hij zelf ook weet dat het volk niet alleen bestaat uit azc-bestormers, maar ook uit theedrinkers en bomenknuffelaars. Je hoort nooit een politicus zeggen: ‘De Nederlander wil zonnepanelen!’, of: ‘Het volk eist een hogere vermogensbelasting!’, maar die uitspraken zouden even geldig zijn als die van Wilders.

Toen ik laatst in het dorpje Vorden was voor het NRC Buurtonderzoek, kon ik aan dat zogenaamde volk zelf vragen hoe het dacht over de politiek. Ik sprak er onder anderen drie PVV-stemmers.

De eerste noemde zich ‘café-eigenaar’: ’s zomers zette hij statafels op de oprit van zijn moeder om daar bier te verkopen. Hij was tevreden met zijn leven en had ook niet per se iets tegen vluchtelingen. „Er zitten goede en slechte tussen”, zei hij schouderophalend. Stemmen op Wilders leek bij hem vooral een daad van verveling.

De tweede was een vriendelijke 30-jarige lasser. Hij was werkloos en maakte zich druk over Polen die hem met hun lage lonen weg concurreerden. Wilders benoemde volgens hem als enige dat soort problemen. Hij vond de instroom van vluchtelingen niet zo tof, maar wie hier eenmaal was toegelaten, heette hij welkom in Vorden.

De derde, een gepensioneerde lerares van 73, leek met haar hippe kleding en grote, met boeken volgestouwde woning eerder een D66-aanhanger. Ze was op een bijzondere manier religieus – „binnenkort komt Jezus met zijn ruimteschepen terug op aarde, ik verheug me er enorm op!” – maar vond wel dat gelovigen zich moesten aanpassen aan de seculiere mores. Vandaar haar sympathie voor Wilders: die hield de moslims tenminste in toom.

Deze PVV-stemmers hadden weinig meer gemeen dan hun woonplaats en partijkeuze. Een les voor PVV-duiders: niet alleen ‘het volk’ is een verzinsel, maar ‘de Wildersstemmer’ net zo goed.