Conservatieven winnen Spaanse verkiezingen

De partij van premier Rajoy krijgt echter geen absolute meerderheid. Daarmee komt er een einde aan het Spaanse tweepartijenstelsel.

Premier Mariano Rajoy brengt zijn stem uit. Foto Gerard Julien/AFP

De conservatieve Partido Popular (PP) van de zittende premier Mariano Rajoy is de winnaar van de Spaanse parlementsverkiezingen. De partij krijgt echter geen absolute meerderheid in het parlement. Drie andere partijen krijgen ook veel zetels, waarmee er een einde komt aan het tweepartijenstelsel.

Met meer dan 90 procent van de stemmen geteld, krijgt de PP 121 zetels in het 350-koppige parlement. Dat zijn er ruim 60 minder dan dat ze er de afgelopen vier jaar hadden. Tweede partij wordt de socialistische Partido Socialista Obrero Español (PSOE) met 93 zetels, daarna volgt de nieuwe hard-linkse partij Podemos (69 zetels). Ook de nieuwe liberale partij Ciudadanos krijgt een flink aantal: 39 zetels.

Zo’n 36,5 miljoen Spanjaarden konden vandaag hun stem uitbrengen. De opkomst bedroeg zo’n 58,4 procent, net iets hoger dan de 57,7 procent van vier jaar geleden. Dat was een van de laagste opkomsten sinds de jaren zeventig.

De uitslag betekent volgens Spanje-correspondent Koen Greven dat “een nieuwe coalitie nauwelijks mogelijk is”. Alle partijleiders hebben laten weten niet in een regering te willen stappen waar ze “tweede viool in dienen te spelen”, zegt Greven:

“Alle partijen willen eigenlijk in hun eentje regeren, maar ze hebben geen meerderheid. En er zijn nauwelijks combinaties te maken die wel een meerderheid hebben.”

Nieuw tijdperk

In de nrc.next van morgen schrijft Greven:

“De uitslag van de verkiezingen markeert een nieuw tijdperk waarin een kloof geslagen wordt tussen de gevestigde orde en een nieuwe generatie Spanjaarden, die zich liever vertegenwoordigd zien in partijen zonder diepgewortelde banden met het verleden.”

“In aanloop naar de verkiezingen wilden met name de PP en de PSOE doen geloven dat er van een nieuw Spanje geen sprake was. Premier Rajoy stelde simpelweg vast dat een groot land als Spanje een tweepartijenstelsel dient te hebben. De socialist Sánchez stelde arrogant vast dat hij het enige alternatief was voor een Spanje dat om verandering vraagt.”

“Met hun houding miskenden de PP en de PSOE de onvrede die er leeft onder de nieuwe beroepsbevolking. Het conservatisme van Rajoy en de arrogantie van Sánchez werden bestraft door een grote groep kiezers die hun steun gaven aan nieuwe partijen Podemos en Ciudadanos.”

Hoe verder?

De leiders van de vier grote partijen moeten nu langs bij de Spaanse koning Felipe VI. Hij zal één van hen de opdracht geven een nieuwe regering te vormen. Dat hoeft niet per se de leider van de grootste partij te zijn, zolang er maar steun van 176 parlementsleden wordt verworven. Dat zal dus een coalitie moeten worden.

Lukt dat niet, dan krijgt de beoogde premier 48 uur de tijd om in een tweede onderhandelingsronde voldoende steun te vergaren. Hierbij kunnen partijen zich van stemmen onthouden om zo een minderheidsregering de kans te geven. Is er na twee maanden geen premier met voldoende steun, dan worden nieuwe verkiezingen uitgeschreven.