Zwaan in de stad is rustig type

Illustratie Irene Goede

Als je in de stad komt wonen, moet je wennen. Dat je, op de fiets, met z’n twintigen staat te wachten op het fietsstoplicht. Of dat je aan de kant getoeterd wordt door een pizzakoerier. In de stad moet je meer uitkijken.

Maar voor dieren is het precies andersom. Zij moeten in de stad juist leren dat ze níet bang hoeven te zijn. Stel dat je een eend bent, en er komt een peuter met een zakje brood naar de vijverrand toestappen. Dan moet je niet luid kwakend wegvliegen.

Of je bent een eekhoorn. Dan kun je rustig aan een noot blijven knagen, als er een mens met twee zwiepende wandelstokken onder je boom door loopt.

Of neem zwanen. Zwanen die in een afgelegen meer zwemmen, zijn schrikachtig. Als er een mens aan komt wandelen, zwemmen of vliegen ze al weg als het mens nog honderd meter verderop is. Dat is zo ver als een heel voetbalveld lang is!

Zwanen in een drukke stadsvijver, tussen de flatgebouwen, zijn veel kalmer. Ze blijven rustig dobberen, en vertrekken pas als een wandelaar tot 13 meter is genaderd. Dat is maar tot net over de rand van het strafschopgebied. Biologen in Australië hebben dat gemeten, gewoon door heel vaak naar zwanen toe te lopen.

En dan kun je je gaan afvragen: hoe kan dat? Hebben die stadszwanen geleerd om rustig te blijven? Vast wel. Maar er is nog iets anders aan de hand. Er zijn nou eenmaal zwanen die al rustig en kalm uit het ei komen. En er zijn zenuwachtige, bang aangelegde zwanen.

Wie van de twee zou de stadsvijver op zoeken? Precies, de rustige zwaan, ontdekten die biologen in Australië. Ze hadden de zwanen gevangen en met een prikje bloed bij ze afgenomen. In dat bloed zit DNA. DNA vertelt iets over het ‘aangeboren’ karakter van een dier. Zo zagen de biologen: in de stadsvijver wonen meer zwanen met een rustig karakter.

Eigenlijk is dat voor stadsmensen ook een handige eigenschap. Irritante scooter? Denderende bus? Gewoon rustig blijven.