Overlast door asielzoekers minder dan gevreesd

Veel Nederlanders vrezen voor rondhangende asielzoekers en aanpassingsproblemen.

Bewoners van Geldermalsen demonstreren voor het gemeentehuis tegen de komst van een asielzoekerscentrum. De betogingen lopen woensdag uit op rellen. Foto Jeroen Jumelet / ANP

De komst van een asielzoekerscentrum veroorzaakt aanzienlijk minder overlast dan veel Nederlanders vooraf vrezen. Ongeveer één op de zeven mensen ondervindt hinder van een azc of opvanglocatie in hun buurt, zo stelt het onderzoeksbureau I&O Research zaterdag na een opiniepeiling onder ruim 3.300 Nederlanders.

De angst voor overlast is – in gemeenten waar nog geen asielzoekerscentrum staat – echter aanmerkelijk groter. Bijna de helft van de ondervraagden uit zo’n gebied vreest dat de komst van een azc tot hinder leidt. Veel van hen vrezen voor rondhangende asielzoekers, cultuurverschillen en aanpassingsproblemen. Ook zijn veel ondervraagden bang voor vechtpartijen tussen asielzoekers.

Vooral die laatste angst blijkt in de praktijk mee te vallen. Slechts twee procent van de mensen met een azc in de buurt heeft last van vechtpartijen. En ook de andere vooraf gevreesde vormen van overlast komen minder vaak voor. Gevaarlijk gedrag in het verkeer is een ergernis die daarentegen veel vaker voorkomt dan gedacht.

Komst azc voor veel Nederlanders acceptabel

Hoewel veel burgers vrezen voor overlast, vinden ze de komst van een opvanglocatie of asielzoekerscentrum in principe acceptabel. Meer dan twee derde van de mensen uit een niet-azc-gebied zou ermee kunnen leven als de gemeente besloot asielzoekers op te vangen. Wel verbindt ongeveer de helft daar voorwaarden aan.

Zo moet omvang van het centrum wel in verhouding staan met de grootte van het dorp of de stad. Ook de locatie en de maatregelen die gemeenten nemen om overlast te beperken zijn een breekpunt.

Bij de omwonenden van een azc is de acceptatie nog iets groter. Daar kan bijna drie kwart van de mensen leven met een opvangcentrum in de buurt.