Dualisme? Heus?

Er waren veel scènes die tot de verbeelding spraken. Premier Rutte bijvoorbeeld, die ijverige, energieke premier Rutte, geroemd om zijn dossierkennis en proactieve werkhouding. Maar tijdens een debat over de deal met Cees H. veranderde hij in een soort wazige monarch, die amper wakker kon blijven bij de gedetailleerde deliberaties over een of andere obscure staatszaak, en waarbij een van zijn geërgerd rollende ogen per ongeluk op een cijfer was gevallen dat later belangrijk Bleek Te Zijn Geweest.

Ook de manier waarop Rutte al direct aan het begin van de bijeenkomst verklaarde dat dit „het zwaarste debat van zijn loopbaan” zou worden, was veelzeggend. Wij weten zo langzamerhand dat het naïef is, maar onwillekeurig, tegen beter weten, blijf je als kiezer en kijker hopen op een spannende, spontane krachtmeting met onvoorspelbare afloop.

Maar wat we te zien kregen, ook nu weer, was scripted reality, net als de rest van het televisieaanbod. Politiek en televisie, ze gaan dezelfde weg, hand in hand. Steeds meer focus op beeldvorming en bereik, steeds meer maling aan de publieke zaak.

Rutte kende het script. „Dit wordt het zwaarste debat in mijn loopbaan.” Hij waakte er weliswaar voor om bij die woorden lachend in zijn handen te wrijven, maar het resultaat was een vlakke toon die evenmin klopte met de inhoud. Ter inspiratie had hij van tevoren misschien naar het liedje Zwaar leven van Brigitte Kaandorp moeten luisteren.

Ook mooi was het beeld van rookie Klaas Dijkhoff, de jeugdige, ambitieuze, getalenteerde Klaas Dijkhoff, jeune premier van de VVD-fractie, die tijdens een spoedberaad over de kwestie zijn telefoon voelde afgaan, discreet op het scherm keek en zag dat het Monisme-Manager was, een handige app die politici helpt bij het bepalen van de grens tussen dualisme en monisme. ‘STOP! WEGWEZEN!’ zei de app.

Een eerdere melding, toen hij het gebouw van Veiligheid en Justitie naderde – ‘IS DIT WEL VERSTANDIG?’ – had hij weggedrukt, maar nu nam hij resoluut actie en verliet de meeting.

Het misbaar van de oppositie klonk hol. Het CDA als avantgarde in de strijd tegen de achterkamertjes, zou het echt? Zelfs uit de mond van D66 klonken de verwijten weinig geloofwaardig. Pechtolds gretigheid om te delen in de macht lijkt mij lastig te combineren met staatkundige preutsheid, denk alleen maar aan zijn curieuze rol bij de aanschaf van de Prozac-portretten van Rembrandt.

Waarom dan toch die luidruchtige belijdenis van het dualisme? Het was rouwbeklag. Wij spreken over het ‘huldigen’ van standpunten, maar zoals elke trouwe werknemer weet: huldiging is een ander woord voor afscheid. Ooit zullen wij terugkijken op dit debat als het afscheid van het dualisme. Het is een archaïsme geworden, een hinderlijk relict.

Kijk naar de huidige zetelverhoudingen en het is duidelijk dat in Den Haag weinig meer mogelijk is zonder deals, kongsi’s en handjeklap.

Tweehonderd jaar geleden diende het dualisme zijn doel, als theatrale kunstgreep om het onzichtbare zichtbaar en het onzegbare zegbaar te maken. Een rollenspel: regeren (hesjes) versus controleren (geen hesjes). De ‘achterkamer’ bleef gewoon bestaan natuurlijk, maar er kwam een nette voorkamer bij.

Maar in de wereld van vandaag, waar elke dag blijkt dat niets is wat het leek? Dat de Tour de France doorgestoken kaart is, de Fifa een soort Cosa Nosta en Volkswagen fraudeert? Waar voortdurend grove corruptie en belangenverstrengeling aan het licht komen, ook in keurig Nederland, en waar politieke partijen geen middel schuwen om slecht nieuws te onderdrukken omdat er morgen verkiezingen kunnen zijn?

In dat wereldwijde labyrint van achterkamertjes zijn de Nederlandse volksvertegenwoordigers en regeerders gescheiden door een pantserglazen wand? Zou het echt? Kunnen we die fictie niet beter opgeven?

Het dualisme is ongeveer zo oud en precies zo eigentijds als de kamer-en-suite: geen architect die dat nog bouwt. En waar ze nog zijn, staan de schuifdeuren altijd open.