Waarom van die grote opvangcentra?

Liever ruzie met één wijk, waar een groot centrum komt, dan met drie, redeneren wethouders.

Het moest een van de grootste asielzoekerscentra van het land worden. Geldermalsen zou 1.500 asielzoekers gaan opvangen in een nog te bouwen locatie op een bedrijventerrein. Alleen de azc’s in het Groningse Ter Apel (1.850) en Brabantse Budel (1.750) bieden vergelijkbare groottes.

Sinds woensdagavond staan de plannen in Geldermalsen op losse schroeven. Rellen maken het voornemen onzeker om 1.500 asielzoekers in de kleine gemeente te huisvesten.

De omvang van het asielzoekerscentrum in combinatie met de snelheid van besluitvorming en de grootte van de gemeente, lijkt een van de factoren te zijn die het verzet aanjagen. Klassiek voorbeeld is het Brabantse Steenbergen. Daar zouden in oktober binnen korte tijd 600 asielzoekers komen. Na diverse onrustig verlopen bijeenkomsten werden het er uiteindelijk honderd. En keerde de rust terug.

In het Drentse dorp Oranje gingen de 150 inwoners protesteren toen de overheid zich niet hield aan eerdere afspraken om 700 vluchtelingen op te nemen. Ze wilde dat aantal verdubbelen. Meer naar het zuiden, in Apeldoorn, stelden honderden burgers in een petitie „dat het onderbrengen van vele, vaak getraumatiseerde vluchtelingen met verschillende geloven en culturen massaal op één locatie bij elkaar, niet in het belang is van een veilige opvang en een goede relatie met de buurtbewoners.”

Dat plannen voor grote centra protest in de hand werken, is een ongemakkelijke waarheid voor bestuurders. Gemeenten, provincies en het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) hebben immers de neiging om juist wel naar die grotere locaties te zoeken. Al moet die tendens ook weer niet worden overdreven. Zo heeft momenteel een tiental van de pakweg honderdtien azc’s en crisisopvanglocaties een capaciteit van 1.000 vluchtelingen of meer. Een kleine veertig centra kennen een omvang tussen de 500 en 1.000 bewoners.

Riolering aanleggen is duur

De voordelen van schaalvergroting voor bestuurders laten zich raden. Grote locaties helpen de overheid om de – nog steeds – grote en snelle toestroom van vluchtelingen beheersbaar te houden. Wethouders hebben liever ruzie met één wijk waar een groot centrum komt, dan met drie wijken waar kleinere centra zijn gepland. Politiekorpsen houden liever één groot centrum in de gaten, dan een aantal kleintjes.

Grote centra hebben belangrijke voordelen, stelt het COA op zijn website. „Op een grotere locatie is de bedrijfsvoering effectiever. Het komt de beheersbaarheid, leefbaarheid en veiligheid ten goede. We zijn in staat hier een team op te zetten van professioneel opvangpersoneel, beveiliging, facilitair personeel en medische zorg.” Ook spreekt de site van „een breder en gevarieerder aanbod van lesprogramma’s, voorlichting en activiteiten”.

Het financieringsmodel van het COA, tot slot, verklaart eveneens de neiging tot schaalvergroting. De opvangorganisatie krijgt van de overheid niet per azc betaald, maar per asielzoeker. Voor het COA wordt het daarmee voordeliger om naar grote locaties te streven. Dat geldt zeker voor beoogde investeringen zoals in Geldermalsen. Het nog te bouwen azc op een aangeboden kavel vergt daar dure aanleg van riolering, elektra en andere voorzieningen. Hoe meer statushouders op dit stukje grond, hoe beter.