‘Moeder Teresa wordt heilig verklaard’

De paus zou een tweede wonder hebben erkend, nodig voor heiligverklaring.

AFP / Jean-Claude Delmas

Moeder Teresa, die haar leven wijdde aan het helpen van armen in sloppenwijken in Kolkata, zal volgend jaar september heilig worden verklaard in de Rooms-Katholieke Kerk. Dat heeft het Vaticaan bekendgemaakt, schrijft persbureau Reuters.

Paus Franciscus heeft een tweede wonder erkend, dat wordt toegeschreven aan haar voorspraak met God: de onverklaarbare genezing van een man die een dodelijke hersentumor had. Familieleden van de man baden tot Moeder Teresa en hij herstelde. Een tweede wonder is nodig om iemand heilig te verklaren.

Moeder Teresa, die in 1997 op 87-jarige leeftijd stierf, werd in 2003 zalig verklaard door wijlen paus Johannes Paulus. Daarvoor is één wonder vereist.

Moeder Teresa werd geboren in Macedonië in 1910, toen een deel van het Ottomaanse Rijk. Ze richtte de orde Missionarissen van Naastenliefde op voor armen. Die is nog altijd wereldwijd actief. In 1979 won ze de Nobelprijs voor de Vrede. Haar geuzennaam was ‘Heilige van de Goot’ wegens haar onvermoeibare inzet voor leprozen en andere zieken en achtergestelde armen. Ze is met staatseer begraven. Honderdduizenden mensen kwamen naar haar begrafenis.

Ook kritiek op Moeder Teresa

Onze toenmalige correspondent Floris van Straaten schreef na de dood van Moeder Teresa in een necrologie:

“Tienduizenden straatarme leprozen, verminkten en andere hulpbehoevenden in Calcutta en elders zouden zonder de ranke maar onverzettelijke non door de jaren heen een ellendige en eenzame dood zijn gestorven in een vieze steeg. Moeder Teresa en haar Zusters van Barmhartigheid brachten de zieken en stervenden naar hun tehuizen en wasten en verzorgden hen. Velen bezweken alsnog maar niet zonder althans nog enige liefde te hebben genoten.

“Moeder Teresa kon desondanks allerminst op universele bijval rekenen. Veel progressieven in het Westen ergerden zich aan haar felle kritiek op abortus, door haar steevast omschreven als ‘de grootste bedreiging van de wereldvrede’. Ze betichtten haar bovendien van hypocrisie: door zich wel voor de armsten in te zetten maar niets te doen tegen de oorzaken van armoede zou ze slechts de ellende helpen bestendigen. Moeder Teresa zelf beschouwde dit altijd als een miskenning van haar werk. Ze was immers geen sociaal werker.”