Hoe Deventer viel voor Dickens

Het Dickens Festijn trekt jaarlijks 150.000 bezoekers, dit jaar wordt het voor de 25ste keer georganiseerd. Wat heeft Deventer eigenlijk met Dickens?

Bezoekers van het Dickens Festijn in 2013; ruim 950 figuranten verkleden zich in Deventer jaarlijks als personages uit Dickens. Foto Gerard Dubois

Charles Dickens (1812-1870) bezocht tijdens zijn leven steden in Amerika, Frankrijk, Italië en Zwitserland. Maar het Hollandse Deventer? Nooit. Toch brengt de Overijsselse stad dit weekend met het Dickens Festijn voor de 25ste keer een grootse ode aan de Victoriaanse schrijver.

Net als tijdens Dickens’ bezoek aan New York in 1842 zullen toneelspelers, buurtbewoners en koorleden zich in Deventer verkleden als personages (ruim 950) uit het oeuvre van de schrijver. Het Dickens Festijn trekt jaarlijks inmiddels 150.000 bezoekers, afkomstig uit Nederland, Duitsland, België en zelfs Engeland. Dat zorgt in het stadshart voor wachttijden die oplopen tot meer dan een uur.

De eerste editie van het festijn was direct al „aardig druk” zegt Emmy Strik (74), de grondlegster van het Dickens Festijn. Zij bedacht het festival toen ze, als winkeleigenaar, in de zomer van 1991 te horen kreeg dat ze in december ook op zondagen open moest blijven.

Strik: „Ik dacht: als ik dan toch zondag open moet, dan wil ik er iets leuks van maken.” Ze dacht direct aan Dickens, wiens A Christmas Carol (1843) ze thuis als kind voorgelezen kreeg: „De romantiek van Dickens vond ik toen al fantastisch. Nu zie ik hoe hij wantoestanden aankaart.”

„Het decor hadden we al”, zegt Strik, doelend op het Bergkwartier, het historisch gedeelte van de stad Deventer dat tussen de twaalfde en zestiende eeuw werd gebouwd. Voor het eerste Dickens Festijn bleken acteurs van een theaterschool bereid Dickens-personages te spelen. Ook zongen er twee koren en stonden er koetsen en paarden. Toch was Dickens zelf onbekend. Strik: „In eerste instantie had nog niemand iets van hem gelezen.”

Dickens is populair in Oost-Nederland. Het Gelderse Bronkhorst heeft het Dickens Museum, dat nauw samenwerkt met het Dickens Festijn en meewerkte aan een recent verschenen Twentse vertaling van A Christmas Carol. Strik heeft duidelijk een rol gespeeld in die populariteit. Dat wordt bevestigd door het Haarlemse Dickens Genootschap, dat Strik een onderscheiding gaf omdat zij „de schrijver Dickens weer in beeld heeft gebracht”.

Strik merkt het zelf ook. „Mensen uit de regio doen mee uit plezier. Een paar jaar geleden werd ik benaderd door een jongetje van twaalf die vroeg of hij mee mocht doen. Ik heb hem de rol van Timothy Cratchit gegeven, het ziekelijke jongetje ‘Tiny Tim’ uit A Christmas Carol. Dat verhaal kende hij namelijk uit zijn hoofd! Wonderlijk vond ik dat. Het bewijs: Dickens leeft hier.”