Bach zou dit nou nooit doen

In Bachs tijd was zoiets ondenkbaar, het volledige Weihnachtsoratorium op één avond. Aan de andere kant: hij verzamelde de zes kerstcantates wel onder gezamenlijke noemer in één band. Peter Dijkstra debuteerde als chef-dirigent van het Nederlands Kamerkoor met het integrale Weihnachtsoratorium, dat steeds vaker als pendant van de Paaspassies wordt geprofileerd. Grappig genoeg klinkt er ook deels dezelfde muziek, aangezien Bach veel hergebruikte – het koraal O Haupt voll Blut und Wunden uit de Matthäus-Passion komt twee keer langs in de kerstcyclus.

Zo’n ambitieus avondvullend programma is Dijkstra wel toevertrouwd. Levendige tempi, goede balans, lekkere flow. Het koor had soms moeite de grote Pieterskerk te vullen, maar klonk en bloc heel goed. Barokorkest Concerto Copenhagen beschikte over uitstekende hoboïsten en een ronkend continuo. Toch was de uitvoering maar een half succes. Of je het nu in zes dagen doet of op één avond, Bach kan het niet stellen zonder dragende solisten. Tenor Nicholas Mulroy (Evangelist) klonk verkouden, en hoewel dat hese randje zijn recitatieven een ongebruikelijke stoerheid verleende, ontnam het zijn aria’s diepte en volume. De overige solisten kwamen uit de gelederen van het Kamerkoor – en goede koorzangers zijn niet per definitie goede solisten. De heldere, geanimeerde bas-bariton Jasper Schweppe overtuigde het meest.