Zakendoen in China, dat heeft altijd een prijs

Honderden Chinese zakenlieden zijn de laatste jaren op allerlei manieren bestraft wegens banden met corrupte partijfunctionarissen. In Shanghai heerst al maanden een nerveuze stemming onder de ‘tycoons’.

Het zakendistrict van Beijing. Onlangs werd de Chinese investeerder Guo Guangchang 72 uur vastgehouden door de autoriteiten omdat hij „assisteert” in een onderzoek naar corruptie. Foto Tomohiro Ohsumi / Bloomberg

In de ogen van sommige hoge partijfunctionarissen zijn Chinese zakenlieden „niets meer dan kakkerlakken”, weet Feng Lun, een Chinese vastgoedbouwer die ook het nieuwe One World Trade Center in New York mede financiert. „Als ze je willen doden kunnen ze dat; als zij je willen laten leven kunnen zij dat ook”, schreef Feng onlangs op een blog na de mysterieuze dood van een jonge, volgens hem kerngezonde zakenpartner in een Chinese gevangenis.

Even hield de internationale financiële wereld de adem in toen het erop leek dat ook de Shanghaise investeerder Guo Guangchang als een van Feng Luns kakkerlakken werd vermorzeld. Guo, een van de meest prominente Chinezen in de wereld van de haute finance, verdween spoorloos nadat hij bij aankomst op een vliegveld in Shanghai door de politie was weggevoerd. Maar zo plotseling als de eigenaar en oprichter van de Fosun Groep van de radar verdween, zo geruisloos dook hij eerder deze week weer op. Waarom hij in het openbaar werd meegenomen en 72 uur in afzondering werd gehouden is gehuld in dikke mist. Het enige wat Fosun, dat een investeringsfonds van 1.100 miljard dollar beheert, bekendmaakte was dat de miljardair Guo de autoriteiten „assisteert” in een onderzoek.

Was Guo, die wel eens de Chinese Warren Buffett wordt genoemd, een Amerikaan of een Europeaan geweest, dan had hij inmiddels in ieder praatprogramma gezeten. Maar dat is in China onmogelijk: je komt alleen op tv om schuld te bekennen en spijt te betuigen.

Dat hij weer aan het werk mocht, wijst er op dat hij zelf niet het voornaamste mikpunt is van een anticorruptieonderzoek. Het vermoeden is dat hij is gehoord in het kader van onderzoek naar „ernstige schendingen van de partijdiscipline” door Ai Baojun, de eerste viceburgemeester van Shanghai. Maar daarmee is niet gezegd dat Guo niet alsnog het risico loopt te worden verpletterd.

‘Corrupte tijgers en vliegen’

Honderden Chinese zakenlieden zijn in de afgelopen drie jaar van het toneel verdwenen omdat zij te innige relaties hadden met „corrupte tijgers en vliegen”, de Chinese benaming voor partijfunctionarissen, hoog en laag, die de partijdiscipline hebben geschonden.

Sinds het aantreden van president Xi Jinping zijn 86.000 lagere, regionale functionarissen wegens corruptie en hedonistisch gedrag bestraft, geschorst of geëxecuteerd. De lijst van gestrafte hoge functionarissen met de rang van viceminister telt inmiddels dik honderd namen, toppers uit het staatsbedrijfsleven meegerekend.

Richtten de inspecteurs van de Centrale Commissie voor Discipline van de Communistische Partij van China zich eerst op de vastgoed- en energiesector, sinds de beurscrisis ligt de financiële sector onder vuur. Vandaar dat in Shanghai, het financiële, maritieme en economische machtscentrum van China, al maanden een nerveuze stemming heerst onder de ‘tycoons’. Zij zijn voor weinig bang, maar als de inspecteurs van de disciplinecommissie uit Beijing aankloppen is het goed mis. Deze speurneuzen staan namelijk boven de wet en nemen alleen opdrachten aan van partijleider Xi Jinping en zijn rechterhand Wang Qishan, een van de andere leden van het comité van het Politburo.

De vlot Engels sprekende, kettingrokende Wang Qishan is Xi’s anticorruptie-waakhond. Zakenlieden, de zogeheten ‘rode kapitalisten’, zijn voor hem makkelijke doelwitten. Hij weet dat iedereen wel een paar lijken in de kast heeft – het is in China onmogelijk om buiten de staat en de partij om een bedrijf op te bouwen; iedere succesvol particulier bedrijf is schatplichtig aan landelijke of regionale functionarissen.

Zij zijn degenen die beslissen over de verdeling van land, kapitaal en, cruciaal, van vergunningen om bedrijven en fabrieken te kunnen openen en kapitaal te exporteren. „Iedere vergunning heeft zijn prijs”, staat in de ‘Gids om rijk te worden in China zonder in het gevang terecht te komen.’

‘Een daad van vaderlandsliefde’

Goede relaties onderhouden met de autoriteiten is essentieel en overstijgt vaak ordinaire omkoping. Het meest actuele voorbeeld leverde deze week Alibaba-oprichter Jack Ma met de aanschaf van de South China Morning Post voor 226 miljoen dollar. Deze onafhankelijke en over China vaak kritisch schrijvende krant komt in handen van een ondernemer die groot belang heeft bij warme relaties met ‘Beijing’. Vaststaat dat de redactionele koers gewijzigd zal worden ten faveure van de Communistische Partij.

Andere voorbeelden: de Chinese zakenmannen Wang Hui, Wang Liang en, opnieuw, Jack Ma weten dat zij president Xi Jinping plezieren door te investeren in voetbalclubs (ADO Den Haag, Real Madrid en het door de Braziliaan Scolari getrainde Evergrande Guangzhou) en voetbalscholen. En het kunstverzamelaarsechtpaar Liu Wang kocht tijdens de beurscrisis voor honderd miljoen dollar aandelen om de koersval af te remmen, „een daad van vaderlandsliefde”.

Met dat soort investeringen doen ondernemers wat zij kunnen om de ‘Chinese Droom’ te verwezenlijken en stemmen zij de autoriteiten tevreden, een voorwaarde voor succes. Dat kan jarenlang goed gaan, maar het vormt als het tij keert geen levensverzekering.

In diezelfde gids met adviezen over rijk worden, schrijft Fosun-bestuursvoorzitter Guo: „Mij wordt weleens gevraagd of ik niet ongerust ben. Je moet erin geloven dat de overheid je met rust laat als je geen fouten maakt. Waarom zou de overheid je willen treffen als je je gedraagt?”

Zo simpel is het niet en dat weet Guo hoogstwaarschijnlijk ook. Als een hoge partijfunctionaris sneuvelt, sleept hij honderden anderen mee – in het geval van de ex-Politbureauleden Zhou Yongkang en Bo Xilai zelfs duizenden. Beruchtste voorbeeld is de executie vorig jaar van de vastgoedontwikkelaar en mijnbouwer Liu Huan uit Sichuan. Hij was een nauwe relatie van Zhou Yongkang, die lang de olie-industrie en het veiligheidsapparaat bestuurde.

Misschien wel een blunder

Dat de vier dagen durende detentie van Guo Guangchang misschien wel een enorme blunder was, begint intussen ook tot de Chinese media door te dringen.

De staatspers is in de verdediging geschoten tegen buitenlandse critici die de ongecontroleerde macht van de anticorruptie-inspecteurs en de onvermijdelijke bemoeienis van de partij met de economie veroordelen. Misschien moet er meer gedaan worden om de particuliere sector te beschermen en de rechtszekerheid te vergroten, erkende de Global Times, de tabloidkrant van de Communistische Partij van China. „Maar privébedrijven, die in sectoren actief zijn waar héél veel mensen van afhankelijk zijn, moeten binnen het bereik van effectieve controle van de overheid blijven”, zo verwoordde de krant het denken in de partijtop.

Het wachten is op de volgende tycoon die „gevraagd” wordt „te assisteren” in een corruptieonderzoek.