Saoedische alliantie lijkt pr-stunt

In Riad is de ‘islamitische militaire alliantie’ opgericht die terreur moet bestrijden. Maar de details zijn vaag.

De Saoedische adjunct-kroonprins Mohammed bin Salman, tevens minister van Defensie, maakte woensdagmorgen een sunnitische alliantie bekend. (Foto Jacquelyn Martin/AP)

De alliantie van sunnitische landen, die dinsdag tot veler verrassing werd aangekondigd in Saoedi-Arabië, lijkt vooral bedoeld voor de beeldvorming. Nu Saoedi-Arabië in toenemende mate in verband wordt gebracht met de verspreiding van moslimextremisme, wil het land zijn vastberadenheid tonen in de strijd tegen terrorisme.

De „islamitische militaire alliantie” werd bekendgemaakt op een persconferentie van de jonge, daadkrachtige adjunct-kroonprins Mohammed bin Salman, als zoon van de koning en minister van Defensie een van de machtigste personen in het koninkrijk. „Op dit moment vecht ieder moslimland individueel tegen terrorisme, dus coördinatie van deze inspanningen is erg belangrijk”, zei Salman.

Het commandocentrum komt uiteraard in de Saoedische hoofdstad Riad. Maar verder bleef volstrekt onduidelijk hoe de alliantie precies zal functioneren en hoeveel troepen die tot haar beschikking heeft.

Het Saoedische staatspersbureau kwam later op de dag met een „gezamenlijke verklaring” van de 34 deelnemende landen, die nauwelijks nieuwe informatie bevatte. Wel werd duidelijk dat de alliantie niet beperkt blijft tot landen van de Arabische Liga. Ook Turkije doet mee, evenals enkele Aziatische landen, waaronder Pakistan, Bangladesh en Maleisië, en overwegend islamitische landen in Afrika, zoals Nigeria, Mali en Soedan.

Hoewel de alliantie het Arabische nieuws domineerde, lieten de deelnemende landen nauwelijks iets van zich horen. Tekenend was de reactie van Egypte, waar de Saoedische kroonprins en adjunct-kroonprins woensdag op bezoek waren. President Sisi hield zich stil. In plaats daarvan verklaarde een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken zuinigjes dat Egypte alle inspanningen in de strijd tegen terreur steunt.

Sommige deelnemende landen werden zelfs overvallen door het nieuws. De Pakistaanse krant Dawn meldt dat minister van Buitenlandse Zaken Aizaz Chaudhry verrast zei te zijn toen hij las dat zijn land deel uitmaakt van de alliantie. Het beleid van de regering is om geen troepen in te zetten in het buitenland, behalve als onderdeel van een VN-vredesmissie.

Ook Indonesië was overdonderd. Het land kreeg vorige week van Saoedi-Arabië een uitnodiging om een coördinatiecentrum te vormen tegen terrorisme, „maar dat blijkt nu ineens een militaire alliantie te zijn”, aldus een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

„De Saoedische ‘antiterreurcoalitie’ is niet meer dan een pr-stunt”, concludeerde commentator Iyad al-Baghdadi, „die unilateraal lijkt te zijn aangekondigd door de Saoedische adjunct-kroonprins Salman.”

De alliantie past in het assertieve buitenlandbeleid van Saoedi-Arabië sinds de troonsbestijging van koning Salman in januari. Salman stelt zich veel meer dan zijn voorganger op als beschermheer van de sunnieten in de regio. Dat leidt tot een impulsief interventiebeleid, dat vooral in Jemen desastreuze gevolgen heeft. Analisten maken zich zorgen over waar die roekeloosheid nog meer toe kan leiden.

Het sektarische denken van de Saoediërs is ook terug te zien bij de alliantie, waarin shi’itische landen zoals Irak en Iran ontbreken. Die omissie roept de vraag op of de alliantie niet ook bedoeld is ter afschrikking van Iran, waarmee Saoedi-Arabië verwikkeld is in een regionale machtsstrijd. Volgens Salman richt de alliantie zich tegen alle terroristische groepen „ongeacht hun categorisering”, en vooral in Syrië en Irak.

Hoewel Saoedi-Arabië, Bahrein, de Verenigde Arabische Emiraten en Jordanië formeel nog altijd deel uitmaken van de internationale coalitie tegen terreurgroep Islamitische Staat in Syrië en Irak, lijkt deze strijd voor hen geen prioriteit te hebben. Geen van deze landen heeft de afgelopen maanden nog bombardementen uitgevoerd op doelen van de terreurbeweging.

In plaats daarvan gebruiken ze hun militaire slagkracht voor de kostbare interventie in Jemen. Die is ingegeven door de angst dat Iran achter de opmars van de shi’itische Houthi-rebellen zit, iets wat alom wordt gezien als een overdreven voorstelling van zaken. Sinds dinsdag is in Jemen een wapenstilstand van kracht om vertrouwen te wekken voor vredesbesprekingen in Zwitserland. Het is zeer de vraag of het bestand standhoudt. Zo niet, dan blijven de Saoediërs vastzitten in Jemen en valt er in de strijd tegen terrorisme geen grote koerswijziging van hen te verwachten.