Rutte moet krediet heroveren

Oppositie keurt bijna voltallig optreden Rutte af, maar blijft met kabinet samenwerken.

Foto NRC / David van Dam.

Het dossier van wat de ‘Teevendeal’ is gaan heten, was zo zwaar dat het de oppositiepartijen echt niet uitmaakte hoe vaak ze al bij premier Mark Rutte op het Torentje waren geweest om afspraken met hem te maken.

In de parlementaire finale van het jaar steunde bijna de hele oppositie woensdagavond een motie van afkeuring tegen Ruttes kabinet. Kern van de kritiek: het kabinet deed er jarenlang niet alles aan om informatie rond de schikking met drugscrimineel Cees H. boven te halen en de Tweede Kamer juist te informeren. 

De premier leidde „een VVD-campagne in plaats van de rechtsstaat te verdedigen”, zoals CDA-leider Sybrand van Haersma Buma samenvatte. 

Al voor het debat hadden de oppositiepartijen samen doorgesproken wat ze wilden horen van de premier – zij weten elkaar evengoed te vinden na alle verbondjes van afgelopen jaren. Na de verdediging van Rutte namen de fractievoorzitters van de SP, CDA, D66, de ChristenUnie, GroenLinks en de SGP op Buma’s werkkamer opnieuw hun opties door.

Alleen de SP wilde verder gaan dan afkeuren en wilde best een motie van wantrouwen indienen. Dat ging de andere partijen te ver. Veelzeggend was dat de altijd constructieve SGP de motie niet ondertekende. Partijleider Kees van der Staaij wilde eerst zien hoe de andere partijen die motie precies zouden uitleggen. Als dat te veel de kant van wantrouwen zou opgaan, zou de SGP tegenstemmen.

Coalitiepartijen VVD en PvdA bleven het kabinet steunen, samen met drie eenlingen uit de Tweede Kamer. De motie haalde het dus niet.

Hoe nu verder? Het kabinet blijft zitten en dus moeten de oppositiepartijen gewoon verder werken met Rutte en de VVD-bewindspersonen op het ministerie van Veiligheid en Justitie, Ard van der Steur en Klaas Dijkhoff. ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers zei vanochtend dat het onderlinge vertrouwen „zeker even een deuk heeft opgelopen, aan beide kanten”. Tegelijk zei hij dat zijn partij natuurlijk weer met het kabinet gaat samenwerken waar dat kan. 

Of die samenwerking gauw weer business as usual is, hangt van de opstelling van het kabinet en de coalitie af, zeggen de meeste oppositiepartijen. Blijven zij gekrenkt of verongelijkt, dan blijft het langer ongemakkelijk. Met die gekrenktheid lijkt het bij de VVD mee te vallen, daar zeiden ze vanochtend: dit boek is nu dicht. We kunnen verder.

Rutte zei gisteren dat hij gaat werken aan het opbouwen van vertrouwen. De premier maakte het debat, anders dan de oppositiepartijen, hier en daar juist wél persoonlijk. Het gaat rechtstreeks over het vertrouwen tussen „de heer Pechtold en mij”, zei hij bijvoorbeeld. „Ik verzeker hem: zo is het gegaan. Zo waar als ik hier sta. Ik vertel u geen fabeltjes.”

Intussen heeft deze kwestie de verhoudingen binnen de coalitie helemaal geen kwaad gedaan. Rutte had in het debat de horlepiep kunnen dansen, het was voor de oppositie nooit goed geweest, klonk het binnen beide partijen. Binnen de VVD bestaat waardering voor PvdA-leider Diederik Samsom, die zich volgens de liberalen fair opstelde en hier en daar zelfs de VVD-bewindspersonen verdedigde. De coalitie kan dus gewoon door.

    • Annemarie Kas