Ook poëzievertalers plagiëren

De Brit Allen Prowle heeft de prijs teruggegeven die hij kreeg voor een vertaling van een Koplandgedicht.

Dichter Rutger Kopland. Foto Maurice Boyer

De organisatie achter de prestigieuze Britse Stephen Spender Prize wil er zo min mogelijk over kwijt, de plagiaatpleger zelf ligt in het ziekenhuis en de Britse media hebben het geval niet opgepikt. Maar er is overtuigend aangetoond dat dichter en vertaler Allen Prowle, winnaar van de Stephen Spender Prize 2015, een bestaande vertaling van het gedicht Johnson Brothers Ltd van de Nederlandse dichter Rutger Kopland heeft bewerkt en ingestuurd.

De geplagieerde vertaling is uit 2001, van de inmiddels overleden James Brockway. Het oorspronkelijke gedicht staat in de bundel Alles op de fiets, uit 1969. De organisatie bevestigt dat Prowle zijn prijzengeld van 1.000 pond (bijna 1.400 euro) heeft teruggegeven.

Het plagiëren van poëzievertalingen kan niet erg moeilijk zijn. Neem dit gedicht. Het telt 26 regels. Breek er een paar iets eerder af, een paar iets later, zoek hier en daar een synoniem en klaar is Kees. Doe je dat met gevoel voor de eigen taal, dan kun je er nog een mooie prijs mee winnen ook.

Maar Prowle liep tegen de lamp, onder meer omdat hij een foutje uit de oude vertaling had overgenomen. Voor deze en andere aanwijzingen voor het plagiaat: zie het weblog van de Nederlandse dichter Bart FM Droog. Hij zette het origineel naast de vertalingen en gaf de uitkomsten van het onderzoek dat plagiaatkenners naar het geval deden.

Pijnlijk voor de jury is dat ze de prijs hebben gegeven, vorige maand, aan een man die de vertaalde taal helemaal niet machtig is. Ja, u leest het goed: Prowle kent helemaal geen Nederlands.

Misschien moeten jury’s van poëzievertalingen voortaan eerst een telefoontje plegen: even horen of de inzender wel thuis is in de vertaalde taal.

Toch is het niet zo simpel, zegt het legertje vertalers dat het bedrog aan het licht bracht. Het gaat er niet om, zeggen zij, dat Prowle geen actieve kennis heeft van de taal waaruit hij vertaalt, want met woordenboek en kennis van grammaticale regels moet het kunnen: een Ovidiusvertaler belt ook niet in vloeiend Latijn. Hij gaat erom dat Prowle niet heeft vertaald, maar geplagieerd.

En toch blijft het raar, vertalen uit een moderne, levende taal die je niet machtig bent. Want als je dat dan al wil (waarom eigenlijk?), doe het dan met gedichten die nog niet eerder in jouw taal zijn vertaald. Prowle koos vijf gedichten uit de vijfhonderd die Kopland heeft geschreven. Verdacht feit: de vertalingen ervan staan alle vijf op het internet.