Per vak betalen en niet per studiejaar

De coalitie wil dat collegegeld per studievak betaald kan worden. In Amsterdam komt een experiment.

Studenten moeten maatwerk krijgen bij het volgen van hun studie, vinden VVD en PvdA. Foto Jerry Lampen/ANP

Het voorstel dat regeringspartijen PvdA en VVD maandag deden om studenten per vak collegegeld te laten betalen in plaats van per collegejaar, stuit op forse weerstand bij andere partijen in de Tweede Kamer. Volgens Paul van Meenen (D66) zal het „rendementsdenken” dan niet alleen de hele studie, maar ook elk tentamen gaan beheersen. „Heeft men zich bovendien wel gerealiseerd wat de administratieve lasten zijn als per student moet worden bijgehouden welke vakken die heeft gevolgd en men dat moet vertalen in een bekostiging?”

Kamerlid Michel Rog (CDA) noemt het plan voor „flexibel leren” een vorm van consumentisme. Jasper van Dijk (SP) spreekt van een vorm van „vermarkting en privatisering” van het hoger onderwijs. „Het marktstelsel brengt enorme onzekerheid bij instellingen over financiering. Die worden afhankelijk van studenten die al of niet vakken gaan shoppen bij een instelling. Het maakt de aanstelling van docenten uiterst onzeker.”

De Universiteit van Amsterdam en de Hogeschool van Amsterdam gaan volgend studiejaar met duizend studenten experimenteren met collegegeld per studiepunt in plaats van per studiejaar.

Het plan van de coalitiepartijen wil het studenten gemakkelijker maken naast hun studie te werken, zorg te verlenen, een bestuursfunctie te aanvaarden of een onderneming te starten. „De financiering van het onderwijs moet de dromen en ambities van studenten mogelijk maken, niet beknotten”, schreven Kamerleden Pieter Duisenberg (VVD) en Mohammed Mohandis (PvdA) maandag in een opiniestuk in de Volkskrant.

Het voorstel, in oorsprong van studentenvakbond LSVb, werd maandag in de vorm van een motie gepresenteerd door Mohandis tijdens overleg van de vaste Kamercommissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De uitvoering van experiment en motie is al geregeld. Mohandis vindt dat het huidige hoger onderwijs „weinig flexibiliteit en maatwerk” biedt. Studenten moeten „hun eigen loopbaan inrichten”. Dat past volgens hem ook bij „een leven lang leren”.

Ook via andere weg moet de student maatwerk krijgen. Mohandis stelde, opnieuw met Duisenberg, voor om voor onderdelen van het hoger onderwijs certificaten te verlenen. Die zouden ook door andere instellingen erkend moeten worden. Als voorbeeld gelden de zogeheten massive open online courses, collegeseries op internet die vanuit de hele wereld kunnen worden gegeven.

Om het mogelijk te maken langer over een studie te doen, moet volgens Mohandis ook de geldigheidsduur van tentamens niet te veel worden beperkt. Dat zou alleen moeten gebeuren om veroudering van kennis te voorkomen en niet om het studierendement op te voeren.

Maatwerkdiploma

Duisenberg betwijfelt dat studenten naar willekeur in vakken zouden shoppen. Volgens hem verschilt alleen de manier van betalen, niet het curriculum. Betalen gebeurt pas als een vak is gevolgd, niet op voorhand voor een collegejaar, zoals nu.

Het onderwijs moet meegaan met de ontwikkelingen, vindt hij. „Er is meer keuzevrijheid. Het moet meer mogelijk zijn voor studenten om vakken online te volgen, bij Harvard en het MIT.”

Maatwerkleren is een trend. De Tweede Kamer nam onlangs een motie aan die maatwerkdiploma’s bepleit in het middelbaar onderwijs. Leerlingen kunnen daarbij dan vakken volgen op verschillende niveaus.

Minister Bussemaker (Onderwijs, PvdA) wil het Amsterdamse „experiment niet te groot maken”. Zij denkt dat een beperkte groep studenten behoefte heeft aan flexibel studeren. Veel studenten, vooral degenen die nu vaak hun studie afbreken, hebben volgens haar juist structuur nodig. Er moet diversiteit zijn in het aanbod van hoger onderwijs.

Zij wil bezien waar het experiment toe leidt. Volgens haar is geen wijziging in de wet nodig voor het experiment in Amsterdam, wel begeleiding door het ministerie. Het stelsel van studiebekostiging in Amsterdam is geschikt voor een flexibele vorm van financiering. Dat geldt volgens haar voor slechts twee andere instellingen in het hoger onderwijs.