Via een Facebook-filmpje proberen Bente en Rob aan een eicel te komen

Een stel wil via Facebook aan een eicel komen. Het kind zal de biologische moeder nooit kennen.

Rob Meijs en Bente Meijs Gerits. „We maken er zeker geen geheim van dat we geholpen zijn.” Foto Chris Keulen

Rob Meijs (30) en Bente Meijs Gerits (26) zitten voor een boekenkast. Het is donderdagavond, Rob start een camera. Het echtpaar draait er niet omheen. In een Facebook-filmpje van vijf minuten vertellen ze over Bente, die al op jonge leeftijd in de overgang kwam. Ze maakt geen eicellen meer aan. „Het is voor ons niet vanzelfsprekend om kinderen te krijgen. Dus moeten wij andere manieren zoeken.”

Zes jaar zijn Rob en Bente samen. Ze zijn pas getrouwd en betrekken begin volgend jaar een nieuw huis in Limburg. Ruim vier jaar staan ze op de wachtlijst voor een eicel. Zonder succes. De Nederlandse eicelbanken hebben een groot gebrek aan donateurs.

Over de grens, op bezoek in het ziekenhuis van Gent, kreeg het koppel hoop. Kruisdonatie is in België een optie: als Bente en Rob een donor vinden die een eicel wil geven aan een onbekend ander koppel, dan krijgen zij zelf ook een eicel. Van een anonieme donor.

Hun Facebook-oproep ging viral. Ruim 81.000 mensen bekeken het filmpje, het is meer dan duizend keer gedeeld. Eerder waren er Nederlanders die via sociale media vroegen om donororganen. Zo kreeg Erardo Kea (49) 64 nieren aangeboden na een Facebook-oproep. Na een paar mislukte pogingen slaagde een transplantatie. Het is, voor zover bekend, de eerste oproep voor een eicel op sociale media.

De oproep biedt een nieuwe dimensie aan de discussie over de vraag om medische hulp via sociale media. Waar Erardo Kea met zijn potentiële nierdonoren werd geholpen in Nederlandse ziekenhuizen, is dat voor Rob en Bente onmogelijk. Anoniem een eicel doneren mag niet in Nederland. Toch kiest het koppel daar bewust voor, vertelt Bente.

Waarom willen jullie alleen een anonieme donor?

„Door het anoniem te houden, willen we voorkomen dat er aanspraak wordt gemaakt door iemand als het kind geboren is. Het kind groeit in mij, vanaf het allereerste begin. Wij zijn de echte ouders.”

In Nederland is anonieme eiceldonatie verboden.

„Ik snap best dat we kritiek krijgen. Inderdaad: ons kind krijgt niet de kans erachter te komen wie de biologische moeder is. We verwachten dat de vraag naar de afkomst niet groot zal zijn; het is voor ons gevoel heel anders dan bij, bijvoorbeeld, een adoptie.”

Wat willen jullie het kind vertellen?

„We maken er zeker geen geheim van dat we geholpen zijn. Als het kind op de leeftijd is dat er vragen over de afkomst zouden komen, dan vertellen we heel duidelijk dat er een lieve mevrouw is geweest die ons heeft geholpen om zwanger te worden. We vertellen dan ook dat het anoniem is geweest, en dat die mevrouw niet op te sporen is.”

Jullie zijn specifiek op zoek naar een vrouw die zelf geen kinderwens meer heeft, die niet rookt en niet ouder is dan 36 jaar. Waarom?

„Het zijn de voorwaarden die het ziekenhuis stelt, maar wij vinden het zelf ook belangrijk. Vrouwen lopen een heel klein risico dat ze niet meer vruchtbaar zijn nadat ze eicellen hebben gedoneerd. Ik zou het niet over mijn hart kunnen verkrijgen dat een vrouw ons helpt, en later zelf haar eigen kinderwens niet kan vervullen.”

De vrouwen die aanbieden om jullie te helpen gaan een zwaar traject in.

„Dat klopt. De vrouw die ons helpt moet bijvoorbeeld zichzelf twee weken inspuiten met hormonen. Dat is het lichaam niet gewend; het kan erg emotioneel zijn.”

Hebben jullie serieuze aanbiedingen gekregen?

„Zeker, er zijn tien vrouwen die serieus zouden kunnen helpen. We kunnen het natuurlijk niet zomaar met iedereen proberen, omdat het traject zo zwaar is. Wij zullen een keuze moeten maken.”

Is de Nederlandse wet te streng?

„Het is een goed argument dat anders een kind het recht wordt ontnomen achter de eigen identiteit te komen. Wij vinden alleen dat je de keuze voor anonimiteit als overheid aan de mensen in kwestie moet laten.”

Dat is toch juist wat de Nederlandse wet doet: de keuze is aan het kind.

„Wij vinden dat we daar als ouders een beslissing over kunnen nemen. Voor ons is het krijgen van een kind een relatie tussen drie mensen, niet tussen vier.”